[ad_1]

Big Ass Battery, de Nederlandse bouwer van LFP batterijsystemen voor industrieel gebruik, lanceert als eerste een batterijcontainer met geïntegreerde fast charger voor het super snel en off-grid laden van onder andere elektrische voertuigen en (zwaar) bouwmaterieel. De Big Ass Battery Fast Charger wordt volledig in Nederland geproduceerd en zal vanaf mei 2023 ingezet worden bij een dijkverzwaringsproject van Van Oord.

Het bedrijf biedt als eerste een fast charger met accu op batterijen, waardoor gebruikers onafhankelijk zijn van het elektriciteitsnet. Hiermee wil Big Ass Battery tegemoet komen aan de groeiende duurzame elektriciteitsbehoefte in onder andere de bouwsector en bij bedrijven met een elektrisch wagenpark. De Big Ass Battery Fast Charger kan worden opgeladen met zonne- en windenergie en kan met een AC uitgang ook ingezet worden als batterijcontainer voor andere toepassingen.

Van bouw- tot parkeerplaats

Zwaar elektrisch materieel en voertuigen, zoals graafwerktuigen, kunnen met de Big Ass Battery Fast Charger op vol vermogen worden opgeladen tijdens een korte pauze. De snelle oplader kan ook ingezet worden als tijdelijke voorziening, bijvoorbeeld langs de snelweg, als er nog geen vaste aansluiting gerealiseerd is.

Compact, duurzaam en brandveilig

Big Ass Battery werd twee jaar geleden in Nederland bekend met haar compacte batterijcontainers met de hoogste kwaliteit LFP-batterijen ter wereld. Dit maakt het systeem 99,99% brandveilig, compact door de hoge energiedichtheid, schaalbaar en duurzaam. De batterijen bevatten geen kobalt en worden gerecycled of hergebruikt/ingezet voor minder zware toepassingen.

Grote sprong voorwaarts

Nico van Dijk: ‘ We spelen met de Big Ass Battery Fast Charger in op de groeiende vraag naar duurzame maar ook flexibele energieoplossingen. Onze 10ft-systemen met geïntegreerde Fast Charger van 350kw zijn enorm populair in de bouwsector. Hiermee kan tot 350kw DC geladen worden, dat is een grote sprong voorwaarts waar veel partijen baat bij hebben.’

Van Oord

Maritiem aannemersbedrijf Van Oord zal de Big Ass Battery Fast Charger vanaf mei 2023 inzetten bij een dijkverzwaringsproject. Hierbij wordt de batterij gevoed met zonne- en windenergie om zwaar bouwmaterieel snel op te laden om maximale efficiëntie te bereiken. Inmiddels hebben meerdere klanten gekozen voor een Big Ass Battery Fast Charger.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Een initiatief van 18 bedrijven gestart door het Havenbedrijf Rotterdam onderzoekt de mogelijke vestiging van een grootschalige ammoniakkraker voor de import van 1 miljoen ton waterstof per jaar voor de verduurzaming van industrie en mobiliteit.

De deelnemers hebben Fluor opdracht gegeven om de mogelijkheden te onderzoeken voor een grote centrale kraakinstallatie in het havengebied om geïmporteerde ammoniak weer om te zetten in 1 miljoen ton waterstof per jaar. De waterstof kan vervolgens in de haven worden gebruikt of via pijpleidingen verder worden getransporteerd om andere industriële clusters in Noordwest-Europa koolstofvrij te maken. In de regel kan een miljoen ton groene waterstof ongeveer 10 miljoen ton CO2-reductie opleveren.

Waterstof en derivaten zoals ammoniak spelen een sleutelrol in de energietransitie ter vervanging van aardgas, voor duurzaam transport en als grondstof voor de industrie en groene chemie. Een groot deel van de waterstof voor Noordwest-Europa zal worden geïmporteerd, onder andere in de vorm van ammoniak, dat makkelijker verscheept kan worden dan waterstof.

Allard Castelein, CEO van het Havenbedrijf Rotterdam: “Europa zal grote hoeveelheden waterstof nodig hebben om haar klimaatdoelstellingen te halen en een aanzienlijk deel hiervan kan worden geïmporteerd via de haven van Rotterdam. Ammoniak is één van de meest efficiënte manieren om waterstof te transporteren en als we één centrale ammoniakkraker realiseren kunnen we tijd, ruimte en middelen besparen om de import van een miljoen ton waterstof per jaar mogelijk te maken.”

Naast het Havenbedrijf Rotterdam omvat het initiatief ook Air Liquide, Aramco, bp, Essent/E.ON, ExxonMobil, Gasunie, GES, HES international, Koole Terminals, Linde, OCI, RWE, Shell, Sasol, Uniper, Vopak en VTTI. De haalbaarheidsstudie zal kijken naar de technische, economische, milieu- en veiligheidseisen van een grote kraakinstallatie. De eerste resultaten van het onderzoek worden begin 2023 verwacht.

Foto: Europoort (Havenbedrijf Rotterdam)

[ad_2]

Source link

[ad_1]

SAP en PwC hebben een co-innovatiestrategie aangekondigd die duurzaamheid een integraal onderdeel van de bedrijfsvoering maakt. Het doel is het meten, rapporteren en verkleinen van de CO2-voetafdruk, zowel binnen de eigen organisatie als in de gehele toeleveringsketen. De strategie omvat gezamenlijke oplossingen, ontwikkeld op basis van PwC’s diepgravende kennis rondom accounting. Hiermee krijgen organisaties de beschikking over betrouwbare en controleerbare duurzaamheidscijfers. Bovendien kunnen ze deze op effectieve wijze toepassen in de bedrijfsvoering. De hiervoor gebruikte solution stack omvat onder andere SAP Cloud for Sustainable Enterprises, SAP Sustainability Control Tower en SAP Product Footprint Management.

Datagestuurde omgeving

Samen helpen PwC en SAP organisaties met compliance, het stimuleren van groei en het voldoen aan de steeds hogere verwachtingen van klanten en investeerders. Ze werken daarbij toe naar een datagestuurde omgeving als basis voor een duurzame onderneming. Ze helpen klanten ook bij het vormgeven van de toekomst van hun netzerostrategie en duurzaamheidsrapportage.

De strategie van PwC en SAP omvat alle facetten van de bedrijfsvoering, van handelsoptimalisatie en erkenning van belastingkredieten tot risicobeheer voor derden en concurrentieanalyse. Ook drie belangrijke uitdagingen op het gebied van Environmental, Social en Governance (ESG), net zero en duurzaamheidsrapportage komen aan bod:

  1. Verslaglegging en openbaarmaking
    Deze zaken helpen voldoen aan de eisen rondom materiële verslaglegging en openbaarmaking van voor investeerders geschikte CO2-meetgegevens. Zo kunnen organisaties beter en eenvoudiger voldoen aan de eisen van investeerders, kredietverstrekkers, regelgevers en klanten.
  2. Operationalisering van duurzaamheid
    Ter ondersteuning van de integratie van ESG-maatregelen, met name CO2-kwesties, rechtstreeks in bedrijfsfuncties, zoals handel, kapitalisatie en belastingen.
  3. Risicobeheer, toezicht en naleving van de toeleveringsketen
    Dit maakt onder andere de impact van leveranciers op de ESG-prestaties van de organisatie inzichtelijk.

De European Financial Reporting Advisory Group (EFRAG) en de International Sustainability Standards Board (ISSB) hebben een aantal eisen opgesteld rondom rapportering en controleerbaarheid. PwC en SAP helpen organisaties hieraan te voldoen. Ze ondersteunen bedrijven ook bij de naleving van een verwante uitspraak van de Amerikaanse Securities and Exchange Commission (SEC).

Het is overigens niet de eerste keer dat beide partijen samenwerken op het gebied van duurzaamheid. Zo ontwikkelde PwC eerder de Production Reprocession Tool, op basis van SAP S/4HANA. Hiermee kunnen organisaties het gebruik van residuen in het productieproces optimaliseren. Ook ontwikkelde PwC Duitsland de bekroonde Climate Excellence-tool, gebaseerd op het SAP Business Technology Platform.

Vertrouwen winnen

“ESG is een zakelijke noodzaak geworden en staat centraal in de wereldwijde strategie van PwC, The New Equation. Organisaties krijgen steeds meer verplichtingen als het gaat om hun ESG-rapportage. Meer transparantie is van cruciaal belang voor het opbouwen van vertrouwen. Die overtuiging staat centraal in onze nieuwe co-innovatiestrategie met SAP”, aldus Bob Moritz, Global Chairman, PwC.”

Moritz: “PwC heeft alles in huis om bedrijven te helpen voldoen aan de vereisten die nodig zijn om hun ESG-doelstellingen te bereiken. We combineren daarbij onze expertise en reputatie rondom vertrouwen en integriteit met het technologieplatform van SAP. Met die mix helpen we bedrijven hun ESG- en duurzaamheidsverplichtingen na te komen.”

“Transparantie is de sleutel tot het vermogen van elke organisatie om haar duurzaamheidsdoelstellingen te bereiken en positieve verandering te bewerkstelligen. Onze samenwerking combineert de diepgaande branche-expertise en klantinzichten van PwC met onze toonaangevende portefeuille van duurzaamheidstechnologie”, zegt Christian Klein, CEO en lid van de Raad van Bestuur van SAP SE. “De resulterende ESG-transparantie zal bedrijven helpen hun bedrijfsmodellen opnieuw uit te vinden en de duurzame resultaten te leveren die de wereld dringend nodig heeft.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

De uitstoot van CO2 is in 2022 -na twee jaren pandemie- groter dan ooit. Er zijn nog geen aanwijzingen dat de wereldwijde CO2 uitstoot stabiliseert of afneemt. Dit blijkt uit de laatste publicatie van het Global Carbon project. Als de CO2-uitstoot niet gaat dalen, bereiken we over negen jaar 1,5 graad opwarming en over 30 jaar twee graden opwarming.

Waar vindt de meeste uitstoot plaats?

CO2 komt vrij bij het verbranden van fossiele brandstoffen en de productie van cement. Deze uitstoot van CO2 is de belangrijkste oorzaak van de opwarming van de aarde. Daarom rapporteren wetenschappers die internationaal samenwerken in het Global Carbon Project ieder jaar nauwgezet de beste schattingen voor de wereldwijde uitstoot van CO2. De meeste uitstoot over de afgelopen tien jaar vond plaats in de VS, Europa, China en India (figuur 1). In 2021 namen deze regio’s 59% van de wereldwijde uitstoot voor hun rekening. Door de coronacrisis was de wereldwijde uitstoot in 2020 uiteindelijk 5.4% lager dan in 2019, maar in 2021 alweer 5.1% hoger dan in 2020. In 2022 zal de uitstoot met ongeveer 1% ten opzichte van 2021 verder groeien

Waar daalt en waar groeit de uitstoot?

Wereldwijd is de uitstoot gestegen van ruim 9 biljoen (dat is duizend miljard) kilogram CO2 in 1960 tot een voorlopige schatting van ongeveer 37 biljoen kilogram dit jaar (figuur 2, linksboven). De laatste tien jaar is de stijging iets afgezwakt. Dat komt onder andere doordat de uitstoot daalt in de VS en Europa en minder snel stijgt in China waar de uitstoot in de jaren na 2000 heel snel is gestegen (figuur 2, rechtsboven).  Dat kwam deels door de productie van goederen met bestemming VS en Europa. Als je hiervoor corrigeert (stippellijnen) blijft China de grootste uitstoter van dit moment.
Wereldkaart met in kleur de hoogte van de CO2 uitstoot uit fossiele brandstoffen en cement over de periode 2012-2021.

Figuur 1. Geografische verdeling van de uitstoot van CO2 uit fossiele brandstoffen en cement over de periode 2012-2021. 1 kgCO2 = 3,664 kgC. Bron: Global Carbon Budget 2022.

Wereldwijde uitstoot van fossiel CO2 (linksboven), uitgesplitst naar land (rechtsboven), bron (linksonder) en per hoofd van de bevolking (rechtsonder). De stippellijnen is de uitstoot op basis van consumptie.

Figuur 2. Wereldwijde uitstoot van fossiel CO2 (linksboven), uitgesplitst naar land (rechtsboven), bron (linksonder) en per hoofd van de bevolking (rechtsonder). De stippellijnen is de uitstoot op basis van consumptie. 1 GtC = 3,664 biljoen kilo CO2. Bron: Global Carbon Budget 2022.

Wereldwijde uitstoot van fossiel CO2 van 1960-2022 en de snelheid waarmee de uitstoot vanaf nu moet afnemen om met 50% kans onder de 2 graden opwarming (vergeleken met de periode 1850-1900) te blijven.

Figuur 3. Wereldwijde uitstoot van fossiel CO2 van 1960-2022 en de snelheid waarmee de uitstoot vanaf nu moet afnemen om met 50% kans onder de 2 graden opwarming (vergeleken met de periode 1850-1900) te blijven.

Het beeld verandert als je de uitstoot per land deelt door het aantal inwoners. Dan staan de Verenigde Staten bovenaan. Maar ook Europa staat per inwoner nog steeds boven het wereldgemiddelde. Dat gemiddelde is in 2022 voor 8 miljard wereldburgers ruim 4.600 kg CO2 per jaar. Nederland haalde in 2021 ruim 8000 kg CO2 per jaar t.o.v. ruim 15.000 kg CO2 uitstoot per inwoner in de Verenigde Staten (figuur 2).

Hoe snel moet de uitstoot omlaag om onder twee graden opwarming te blijven?

Om de opwarming onder de twee graden te houden moet de verdere CO2 uitstoot onder de 1200 biljoen kg CO2 blijven.  Per wereldburger is dat nog 150.000 kg CO2 uitstoot. Om dat te bereiken, moet de totale uitstoot met 0,6 biljoen kilogram per jaar gaan dalen en rond 2080 op nul uitkomen. Hoe langer we wachten, hoe sneller de uitstoot moet dalen om onder de twee graden opwarming te blijven.

KNMI-klimaatbericht door Frank Selten en Michiel van Weele 

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Dow Terneuzen wil in 2030 1,7 megaton minder CO2 uitstoten en reduceert daarmee 8% van de totale industriedoelstelling uit het coalitieakkoord. Het bedrijf uit Terneuzen hoort bij de 20 grootste industriële uitstoters van CO2. Dow stelt ook ambities op om de leefomgeving verder te verbeteren. Deze intenties zijn in de intentieverklaring (Expression of Principles) opgenomen die vandaag werd ondertekend door de provincie Zeeland, het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Dow Benelux. De verklaring is een belangrijke stap richting de maatwerkafspraak tussen de overheid en Dow.

Minder CO2 én minder stikstofuitstoot

Een belangrijk onderdeel van de intentieverklaring is het verduurzamen van het zogenaamde ‘stoomkraken’. Dow maakt met behulp van krakers de plastics en chemicaliën die wij nodig hebben in ons dagelijks leven, zoals voedselverpakkingen en hygiënemiddelen. De krakers gebruiken nu restgas van het proces als brandstof. Dow wil dat proces verduurzamen door geen restgas maar waterstof als brandstof te gebruiken. Daarnaast wil Dow gasturbines die gebruikt worden voor de koeling in het kraakproces vervangen door elektromotoren. Dit zorgt niet alleen voor minder CO2 uitstoot, maar ook voor minder stikstofuitstoot. Dow wil ook de CO2 die vrijkomt bij de productie gaan opvangen en opslaan om zo de uitstoot van broeikasgassen te beperken.

Minister van Economische Zaken en Klimaat, Micky Adriaansens “We hebben de producten uit de chemische industrie hard nodig voor ons dagelijks leven en gemak. Bij Dow maken ze de plastics en chemicaliën die gebruikt worden voor bijvoorbeeld voedselverpakkingen, hygiënemiddelen, smartphones en matrassen. We willen deze processen schoner maken, maar dat lukt niet in één dag. Met deze intentieverklaring zetten we een belangrijke stap naar een schone en duurzame chemische industrie. We werken dit verder uit tot maatwerkafspraken zodat Dow in 2050 volledig klimaatneutraal produceert.”

Verbeteren van de leefomgeving

In de intentieverklaring zijn ook ambities opgenomen om de directe leefomgeving van het bedrijf verder te verbeteren. De overheid en Dow maken afspraken over het verduurzamen van waterinname en -lozing door bijvoorbeeld water te hergebruiken. Dow gaat ook de warmte die vrijkomt bij de processen inzetten in de bebouwde omgeving.

Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, Vivianne Heijnen: “Onze industrie heeft alleen toekomst als die toekomst schoon en duurzaam is. Want mensen hebben recht op een schone lucht, schone bodem en schoon water. Vandaag zetten we met Dow Benelux een belangrijke stap richting die schone en duurzame toekomst. Met deze intentieverklaring leggen we de ambities voor 2030 en 2050 vast. Naast CO2 gaat ook de stikstofuitstoot omlaag en gaat Dow duurzamer om met ons schaarse water. Daar zet ik graag mijn handtekening onder.”

Jo-Annes de Bat, gedeputeerde van de Provincie Zeeland: “Dow is een van de grootste werkgevers in de provincie Zeeland. Voor de inwoners van Zeeuws-Vlaanderen en daarbuiten is het belangrijk dat we in de intentieverklaring de leefomgeving op één zetten. Dow draagt door ondertekening bij aan de realisatie van een groene industrie in Nederland. Ik zie uit naar de uitwerking van deze afspraken.”

Maatwerkafspraak in 2023

De intentieverklaring tussen de overheid en Dow is een belangrijke stap in de maatwerkaanpak van het Rijk. De overheden geven in de intentieverklaring aan hoe de plannen en projecten tot een meer duurzame productie ondersteund kunnen worden. Het kabinet streeft ernaar met Dow in 2023 een bindende maatwerkafspraak te sluiten.

Met de maatwerkaanpak kunnen de 20 grootste industriële uitstoters een extra stap zetten om nieuwe duurzame technologieën vorm te geven die leiden tot minder CO2-uitstoot. Daarmee worden bedrijven uitgedaagd zelf met hun ambitieuze plannen te komen om de CO2-uitstoot in hun eigen schoorsteen en elders in de keten te verminderen, en hun impact op de omgeving te verbeteren. Met maatwerk wil het kabinet de onzekerheden, obstakels en vertragende factoren rond verduurzaming zoveel mogelijk wegnemen. Bedrijven moeten wel een visie hebben op hun weg naar klimaatneutraliteit en circulariteit, zodat ze hun activiteiten nu en in de toekomst in Nederland kunnen blijven ontwikkelen. Daarnaast kunnen afspraken gemaakt worden over onder andere energie- en gasbesparing, scholing van technisch personeel, het beperken van stikstofuitstoot en het matchen van vraag naar en aanbod van elektriciteit.

Anton van Beek (President-directeur Dow Benelux): “Dow speelt al sinds 1965 een centrale rol in Zeeland, en dat willen we ook de komende decennia blijven doen op een schone en duurzame manier. Met ons project ‘Path2Zero’ werken we toe naar nul CO₂-uitstoot in 2050. Gezien de omvang en complexiteit van deze uitdaging is samenwerking met het bedrijfsleven, de academische wereld, de overheid en anderen cruciaal. Als ergens de klimaattransitie tot een succes gemaakt kan worden, dan is het wel in Zeeland.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Stichting Organisatie Producentenverantwoordelijkheid E-waste Nederland (OPEN) verwacht een exponentiele stijging van het aantal afgedankte zonnepanelen in de komende 20 jaar. Dat zegt de stichting op basis van onderzoek dat zij door TNO heeft laten uitvoeren. Als gevolg van de energietransitie zal het aantal geinstalleerde zonnepanelen snel doorgroeien naar 42,8 Gigawatt (circa 140 miljoen zonnepanelen) in 2030. Om de recycling en verwerking van de zonnepanelen in de toekomst te kunnen financieren, lanceert Stichting OPEN op 1 juli 2023 een waarborgfonds voor zonnepanelen. De Stichting heeft hierover overeenstemming bereikt met producenten en importeurs van zonnepanelen. Stichting OPEN-directeur Jan Vlak: “We nemen nu maatregelen om voorbereid te zijn op toekomstige afvalstromen. Met een stabiel tarief voor de komende jaren kunnen we de hoogwaardige verwerking van afgedankte zonnepanelen straks garanderen.”

Stichting OPEN regelt de inzameling en verwerking van afgedankte zonnepanelen. Het aantal zonnepanelen zal zeker in de komende 20 jaar flink groeien, omdat steeds meer consumenten kiezen voor duurzame vormen van energie. Het huidige tarief is gebaseerd op een omslagsysteem, waarbij nog nauwelijks zonnepanelen afval vrijkomt. Dat omslagsysteem is met een toenemende afvalstroom niet meer toereikend. Daarom is in overleg met de branche vastgesteld dat een tarief nodig is van 40 Euro per ton.

Waardevolle stoffen uit zonnepanelen

Eind december 2021 was er 14 Gigawatt (GW) aan zonnepanelen geïnstalleerd in Nederland. Omgerekend zijn dat ongeveer 46 miljoen panelen. Vanwege de energietransitie zal dit aantal snel doorgroeien naar 42,8 GW (circa 140 miljoen panelen) in 2030. Tegen 2044 zal de groei naar verwachting stabiliseren op 87,5 GW (circa 290 miljoen panelen). Na een levensduur van tussen de 15 en 30 jaar zullen zonnepanelen worden afgedankt.

De afvalstroom van zonnepanelen zal ondertussen toenemen totdat er op enig moment een vervangingsmarkt ontstaat. Tegelijkertijd met deze overgang naar een vervangingsmarkt vindt ook de transitie naar een circulaire economie plaats. Daarom zal Stichting OPEN naast het verwerken van het huidige afval en de opbouw van het fonds óók werken aan het optimaliseren van de terugwinning van waardevolle stoffen als zilver, silicium en glas – naast het aluminium dat nu al eenvoudig kan worden hergebruikt. Op deze manier gaan circulariteit en kostenefficiënte recycling hand in hand. “Onderdeel van het groeien en professionaliseren van onze sector is ook voldoende aandacht besteden aan recycling. Dit voorstel is een belangrijke stap om hier nader invulling aan te geven”, aldus Wijnand van Hooff, Algemeen Directeur van Holland Solar, de branchevereniging van de Nederlandse zonne-energiesector.

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, dat verantwoordelijk is voor de transitie naar een circulaire economie, reageert positief op de aanpak van Stichting OPEN. “De sterke groei van het aantal zonnepanelen als gevolg van de energietransitie maakt voortvarende actie noodzakelijk. Wij vinden het goed dat Stichting OPEN en de branche het initiatief nemen voor deze concrete bijdrage aan het realiseren van een circulaire economie in Nederland”, aldus het ministerie.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Minder verpakkingsafval, minder plasticvervuiling en minder broeikasgassen in de lucht. Het moet gemakkelijker worden om koolstofverwijdering bij te houden en te verifiëren. Hiertoe heeft de Europese Commissie een voorstel gedaan voor een kader waardoor hoogwaardige koolstofverwijderingen betrouwbaar kunnen worden gecertificeerd. Daarbij is het de bedoeling dat ‘greenwashing’, een onjuiste weergave van koolstofbesparing om zo duurzamer te lijken, voorkomen wordt. Koolstofverwijderingen zijn essentieel voor de EU omdat, naast het verminderen van uitstoot, de absorptie van honderden miljoenen tonnen koolstof uit de atmosfeer nodig is om de doelen van de Europese Green Deal te halen.

Criteria voor koolstofverwijdering

Het voorstel bevat regels om koolstofverwijderingen onafhankelijk te verifiëren en regels voor het erkennen van certificeringsregelingen. De verordening stelt vier criteria vast voor de controle van koolstofverwijderingen:

  1. Kwantificering; dit houdt in dat de hoeveelheid verwijdering gemeten moet worden en hier duidelijke klimaatvoordelen uit moeten voortvloeien.
  2. Additionaliteit; dit betekent dat de verwijdering verder moet gaan dan bestaande praktijken en wettelijke eisen.
  3. Langetermijnopslag: certificaten zijn gekoppeld aan de duur van de opslag.
  4. Het duurzaamheidscriterium; hieruit volgt dat koolstofverwijdering duurzaamheidsdoelen in stand moet houden of er aan moet bijdragen. Verleende certificaten worden verleend na periodieke toetsingen door een onafhankelijke certificeringsinstelling en worden vastgelegd in openbare registers.

Naast de verificatie van koolstofverwijdering en de vier criteria voor het vaststellen van de kwaliteit van de verwijdering zal de Commissie koolstofverwijdering blijven financieren, onder meer door middel van het Innovatiefonds en de fondsen Horizon Europe, EFRO en LIFE. De uitgegeven certificaten kunnen niet gebruikt worden om te voldoen aan verplichtingen in het kader van het emissiehandelssysteem.

Decentrale relevantie

Koolstofverwijdering kan op meerdere manieren plaatsvinden; onder meer door het herstellen van bos, opslag als bio-energie of opslag in producten met een lange levensduur, zoals houten constructies. Doordat het deze opslag erkent, ondersteunt het voorstel ook het Nieuw Europees Bauhaus initiatief. Het voorstel tot een verordening maakt ook innovatieve vormen van financiering mogelijk, bijvoorbeeld in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) en nationale staatssteun. De koolstofverwijdering door opslag in bos en bodem draagt verder bij aan de Europese doelstelling van 310 miljoen ton CO2-verwijdering in de sector voor landgebruik, verandering in landgebruik en bosbouw (LULUCF) die recent is gesteld. Lees voor meer informatie dit nieuwsbericht van Kenniscentrum Europa Decentraal.

Voor decentrale overheden zijn de certificatiemechanismen nuttig om koolstofverwijderingen te vergelijken. Zo kunnen zij ervoor zorgen dat zij de kwalitatief beste mechanismen hiervoor subsidiëren. Ook kan het bij aanbestedingsprocedures gebruikt worden om verwijderingsmechanismen kwalitatief te rangschikken. De verkoop van koolstofverwijderingscertificaten kan tevens gebruikt worden als manier om natuurparken te financieren, aangezien door de aanplant van bomen koolstof opgenomen wordt en dit certificaten oplevert die verkocht kunnen worden. Ook kan een gemeente, provincie of waterschap eigen inspanningen op het gebied van koolstofopname op geloofwaardige wijze aantonen.

Verdere ontwikkelingen

De voorgestelde verordening wordt volgens de gewone wetgevingsprocedure besproken door de Raad en het Europees Parlement. Op basis van de vier eerder genoemde kwaliteitscriteria zal de Commissie vanaf begin 2023 per koolstofverwijderingsactiviteit een certificeringsmethode ontwikkelen met behulp van een groep deskundigen. Wanneer de methodes ontwikkeld zijn, kan men beginnen met het certificeren van koolstofverwijderingen.

Wilt u meedenken over het beleid inzake koolstofverwijderingscertificaten? Dat kan via de raadpleging die de Commissie open heeft gesteld, zie deze website (scroll naar onderen op de pagina). U kunt uw feedback geven tot 30 januari 2023.

Bron: Europa Decentraal (tekst: Wout van Hulst)

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Minister Jetten (Klimaat en Energie) informeert de Tweede Kamer over zijn voornemen om de Subsidie Verduurzaming mkb (SVM) te verlengen en in verbeterde vorm te heropenen.

” Met de SVM kunnen mkb-ondernemers die niet onder de Energiebesparingsplicht vallen, subsidie krijgen voor professioneel advies en ondersteuning voor het nemen van verduurzamingsmaatregelen. De SVM was aanvankelijk voor subsidieaanvragen opengesteld van 1 oktober 2021 tot 1 oktober 2022, maar ik heb deze in juli 2022 tijdelijk stopgezet omdat er signalen waren dat er bewust oneigenlijk gebruik van werd gemaakt door enkele energieadviseurs. Ik beoog de regeling in verbeterde vorm opnieuw open te stellen vanaf 1 maart 2023. De subsidiemodule vervalt echter op 1 januari 2023. Om deze opnieuw open te kunnen stellen, moet de vervaltermijn derhalve worden verlengd.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Solarfields heeft samen met Avitec en Repowered de eerste subsidie binnen voor het plaatsen van een elektrolyser naast het zonnepark Vloeivelden Hollandia. De elektrolyser wordt geplaatst om de opgewekte stroom beter te benutten. De provincie Drenthe heeft besloten het project een incidentele subsidie van €100.000 te geven “om de waterstofeconomie in Drenthe verder aan te jagen”. Solarfields (ontwikkelaar) en Avitec (aannnemer), beide voor 50% eigenaar van het zonnepark in Nieuw-Buinen, plaatsen een elektrolyser van 5 MW naast het park van 113 MWp uit 2021. Nu kunnen ze niet altijd alle stroom op het elektriciteitsnet invoeden en wordt er dus een deel ‘weggegooid’. Het is de grootste groene elektrolyser van Nederland.

Dubbel gebruik

Het zonnepark is niet met een eigen aansluitovereenkomst direct aangesloten op het elektriciteitsnet, maar zit op de aansluiting van aardappelverwerker Avebe, aldus Jan Martijn Buruma van Solarfields (Director Storage, Hydrogen & Smart Grids). Door dit dubbele gebruik van de aansluiting kan het zonnepark niet altijd alle opgewekte stroom op het elektriciteitsnet invoeden. De zonnepanelen op zonnepark Vloeivelden staan op hoge poten. Vroeger liet Avebe het spoelwater met aarde van de aardappelen over de “vloeivelden” lopen om te laten indrogen. Nu zijn de velden nog slechts een buffer voor een wateroverschot.

300 ton waterstof

De elektrolyser zal continu draaien zodra het zonnepark stroom produceert. De productie van het zonnepark voor het stroomnet zal dus permanent 5 MW lager zijn dan eerst. De eerste 5 MW die het park produceert gaat direct naar de elektrolyser, aldus Buruma, waarmee de benuttingsgraad zal komen op 3500 vollasturen per jaar en de productie op 300 ton waterstof. Het alternatief is dat het park alleen voor het stroomnet produceert en dus niet alle stroom kwijt kan. De stroom wordt met de elektrolyser dus beter benut, want “van de hoeveelheid stroom waarmee we 300 ton waterstof gaan produceren”, zegt Buruma, “zou 10% anders niet worden gebruikt”.

Groene waterstof

Bijzonder aan het project is dat de hernieuwbare stroom direct de elektrolyser ingaat en de producent dus kan garanderen dat de geproduceerde waterstof volledig groen is. Het is dan ook de grootste groene elektrolyser van Nederland. Er zal geen stroom van het elektriciteitsnet worden gehaald om de productie van waterstof op te voeren. “We kunnen op uurbasis garanderen dat de productie van stroom en waterstof gelijktijdig is”, zegt projectmanager Jeroen Jansen van Repowered, dat het project uitvoert. Dit is een belangrijk punt als het gaat om de in ontwikkeling zijnde garanties van oorsprong voor groene waterstof.

Avitec en Solarfields willen de geproduceerde waterstof vooralsnog inzetten in de mobiliteitssector, waar waterstof de hoogste gebruikswaarde heeft als vervanging van benzine of diesel. “Het idee kwam dan ook van Avitec”, zegt Buruma, “want dat is een aannemer met veel zwaar materieel. Ze willen dat wagenpark vergroenen en daarvoor kijken ze naar waterstof omdat dergelijke machines langer kunnen doorwerken op een tank waterstof dan op een batterij.”

Subsidie van Provincie Drenthe

Met de Drentse subsidie van €100.000 “kunnen Avitec en Solarfields verder met de contractvorming en de ontwerpdetaillering van de elektrolyser, en op zoek naar andere vormen van financiering”, aldus provincie Drenthe in een persbericht deze week. Het is dan ook een welkome aanvulling, zegt Buruma, maar maakt de investering nog niet zeker. Het bedrijf zoekt nog een exploitatiesubsidie en heeft daarvoor een aanvraag ingediend bij de SDE++, maar hoopt vooral op fondsen via het speciale Tijdelijk opschalingsinstrument waterstofproductie via elektrolyse, dat is gericht op elektrolysers van 0,5 MW tot maximaal 50 MW.

Voor die tijd moet ook de vergunning voor de bouw van de elektrolyser bij het zonnepark nog rondkomen. Volgende week zal de Omgevingsdienst Groningen de ontwerpvergunning ter inzage leggen, zodat burgers kunnen reageren. “We hebben de omgeving mee”, zegt Buruma, dus hij verwacht dat er uiteindelijk een definitieve vergunning zal komen.

 

Foto: Het zonnepark Vloeivelden Hollandia in Nieuw-Buinen (Drenthe). De zonnepanelen staan op hoge poten, boven het water van de vloeivelden. (Marcel de Jong/Solarfields)


[ad_2]

Source link

[ad_1]

De politie wil vanuit haar maatschappelijke positie actief bijdragen aan een duurzame samenleving, aan de rijksbrede doelen op het gebied van duurzaamheid en aan de klimaatdoelstellingen zoals die zijn vastgelegd in het Klimaatakkoord. De politie is nu bezig om zich te certificeren voor de CO₂-Prestatieladder. Met deze managementmethodiek kan de politie stapsgewijs en op een gestructureerde manier tot CO₂-reductie komen.

Duurzaamheid staat niet náást de kerntaken van de politie, het draagt er aan bij. Het is een strategisch thema waarin de politie vooruit kijkt en anticipeert op het toenemend maatschappelijk en ecologisch belang van duurzaamheid. Een duurzame samenleving is een veilige samenleving, daarom doet de politie ook op dit vlak een stap naar voren. Daar waar impact gemaakt kan worden zet de politie in op verduurzaming. Bijvoorbeeld als inkooporganisatie, met politievoertuigen en met de vele panden waar de politie eigenaar van is.

De CO₂-Prestatieladder is een gecertificeerde CO₂-managementmethodiek waarmee de politie stapsgewijs en op een gestructureerde manier tot CO₂-reducties kan komen. De politie brengt de CO₂-uitstoot in kaart, bepaalt de doelstellingen en maatregelen om de doelen te realiseren en belegt bijbehorende verantwoordelijkheden.

Wat wil de politie bereiken?

Conform het landelijk duurzaamheidsbeleid luidt de hoofddoelstelling van de politie: ‘Het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen met 49% in 2030 en met 95% in 2050, ten opzichte van het niveau van 1990.’

De politie heeft deze subdoelstellingen geformuleerd:

  • In 2030 is de uitstoot van reisbewegingen van de politie met 49% gedaald ten opzichte van 2016. In 2050 is deze reductie 95%.
  • In 2021 zijn de aanbestedingen voor voertuigen van de politie 38,5% hybride of 0-emissie, in 2026 is 38,5% 0-emissie.
  • In 2030 is de uitstoot van huisvesting van de politie met 49% gedaald ten opzichte van 1990. In 2050 is deze reductie 95%.

Hoe gaat de politie deze doelen halen?

Er zijn maatregelen gedefinieerd om deze doelen te halen. Ten aanzien van het vervoer van de politie gaat het om:

  • elektrificeren van het wagenpark;
  • realiseren van laadinfrastructuur;
  • stimuleren van de fiets en deelauto’s.

Ten aanzien van de huisvesting van de politie:

  • afstoot van vastgoed voor 2030;
  • realiseren van nieuwbouw (energieneutraal of tenminste bijna energieneutraal);
  • renovatie van bestaande gebouwen om actief gericht werken te faciliteren;
  • energiemanagement, door efficienter en effectiever gebruik te maken van gebouwen;
  • inkoop van Nederlandse groene stroom.

Met het maatregelenpakket verwacht de politie 34,7% CO₂-reductie te behalen in 2030 ten opzichte van 2018. Om de voortgang te meten wordt een monitoringssysteem ingericht en zal gekeken worden wat nodig is om de doelen te realiseren. Jaarlijks wordt de politie getoetst aan de hand van de eisen van de CO₂-Prestatieladder in een externe audit.

[ad_2]

Source link

Berichten paginering