[ad_1]

Nederland heeft grote klimaatambities. In 2030 moet de CO2-uitstoot in Nederland met ten minste 55% zijn gedaald, als opmaat naar een klimaatneutraal, fossielvrij en circulair Nederland in 2050. Hoe eerder we met z’n allen minder CO2 uitstoten, hoe sneller we klimaatverandering afremmen en dat perspectief kunnen bereiken. Verandering kunnen we alleen realiseren als we dit gezamenlijk doen: Overheid, bedrijven/organisaties en alle Nederlanders. Daarom organiseert het ministerie van Economische Zaken en Klimaat de Nationale Klimaatweek (NKW). Gedurende deze week krijgen duurzame, klimaatbewuste initiatieven die in de samenleving worden ontplooid op allerlei manieren de aandacht. Tijdens de NKW geven burgers (klimaatburgemeesters) en bedrijven en organisaties (klimaatsupporters) veel concrete inspiratie aan anderen om zich ook in te zetten.

Klimaatsupporters

Bedrijven, stichtingen, medeoverheden (zoals gemeenten) en andere organisaties die hun beste beentje aan elkaar voorzetten voor het klimaat kunnen een bijdrage leveren aan de Nationale Klimaatweek en daarmee laten zien wat zij doen én anderen inspireren om ook duurzaam bezig te zijn. Loopt uw bedrijf, stichting of organisatie voorop met verduurzaming of energiebesparing en wilt u uw duurzame initiatieven delen en/of een actie (of evenement) organiseren tijdens de Nationale Klimaatweek? Meld u dan aan als Klimaatsupporter via www.nkw2022.nl. Daar kunt u ook voorbeelden vinden van initiatieven van Klimaatsupporters en Klimaatburgemeesters (burgers die zich inzetten voor het klimaat).

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Als toonaangevende Europese speler in zout, essentiële chemicaliën en energie zal Nobian in Nederland en Duitsland chloor en natronloog gaan leveren uit 100% hernieuwbare elektriciteit. Met deze mijlpaal onderstreept Nobian de inzet om de levering van groene producten in zijn portfolio te versnellen.

De certificering van Nobian’s natronloog en chloor door de International Sustainability and Carbon Certification (ISCC) draagt ​​bij aan Nobian’s doelstellingen voor hernieuwbare energie, als onderdeel van haar duurzaamheidsprogramma Grow Greener Together.

CO2 voetafdruk verkleinen

Nobian zal tegen 2040 klimaatneutraal zijn, met 100% hernieuwbare energie. Voortbouwend op de jarenlange ervaring in grootschalige productie van essentiële chemicaliën, stelt de chloor en natronloog van 100% hernieuwbare elektriciteit Nobian in staat om de CO2–voetafdruk van zijn klanten te verkleinen.

Natronloog en chloor van Nobian zijn cruciaal voor de productie van alledaagse producten. Natronloog is bijvoorbeeld essentieel bij de productie van aluminium, pulp en papier, maar wordt ook gebruikt in waterzuivering, farmaceutische- en voedselprocessen en zeep voor persoonlijke verzorging. Chloor is een belangrijke bouwsteen voor de chemische en farmaceutische industrie. Meer dan 50% van de Europese chemische productie is afhankelijk van dit proces en veel de productie van veel chemicaliën, kunststoffen en medicijnen is afhankelijk van het gebruik van chloor.

International Sustainability and Carbon Certification (ISCC)

Nobian’s natronloog en chloor uit 100% hernieuwbare elektriciteit zijn gecertificeerd door middel van een jaarlijkse audit door de International Sustainability and Carbon Certification (ISCC). ISCC PLUS is een duurzaamheidscertificeringsprogramma voor biobased en circulaire grondstoffen voor alle markten en sectoren. Deze certificering zorgt ervoor dat Nobian voldoet aan wereldwijd erkende ecologische en sociale duurzaamheidseisen, emissiereducties en traceerbaarheid.

Marco Waas, Director R&D, Technologie en Duurzaamheid bij Nobian zegt: “Deze belangrijke stap past naadloos in Nobian’s duurzaamheidsprogramma Grow Greener Together. In 2040 zijn we CO2-neutraal, met 100% hernieuwbare energie.” Waas voegt er aan toe, “De ISCC PLUS-certificering van onze natronloog en chloor uit 100% hernieuwbare elektriciteit onderstreept onze inzet om onze groene productportfolio te versnellen. We hebben een sterke drive om onze klanten te helpen hun ecologische voetafdruk te verkleinen met onze groene producten.”

Jürgen Baune, Vice President Chlor-Alkali en Managing Director bij Nobian voor Duitsland: “De ISCC PLUS-certificering van onze logen en chloor uit 100% hernieuwbare elektriciteit versterkt de positie van Nobian als toonaangevende producent van essentiële chemicaliën. Door onze kerncompetenties te combineren met slimme samenwerking en innovatie, geloven we dat we samen met onze partners en klanten groener kunnen groeien,” aldus Baune. “Onze natronloog en chloor uit 100% hernieuwbare electriciteit zijn belangrijke stappen in het realiseren van deze missie.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Op woensdag 15 juni heeft Plant One Rotterdam door middel van een financiële ondersteuning een vervolgstap gezet in de klantrelatie met Fieldlab Industrial Electrification (FLIE). Het FLIE werkt samen met nationale en internationale partners om industriële elektrificatie versneld in de praktijk te brengen. De sponsoring door Plant One Rotterdam is een belangrijke volgende stap in de samenwerking die eind vorig jaar is gestart door het FLIE  te vestigen op het Plant One Rotterdam terrein. Beide partijen willen met deze samenwerking meer impact maken op de versnelling van de energietransitie.

In februari 2021 startte het FLIE met een Solution Center op de RDM-campus in Rotterdam om advies te geven aan bedrijven over financiering, regelgeving en het begeleiden van haalbaarheidsstudies. Vanaf januari 2022 is het FLIE gevestigd op het terrein van Plant One Rotterdam. Hier kunnen technologieën namelijk op industrieel relevante schaal in een praktijkomgeving worden getest en naar een hoger TRL worden gebracht dan op andere locaties. Een pilot bij het FLIE helpt om te begrijpen hoe elektriciteit kan worden gebruikt voor de verduurzaming van specifieke industriële processen. Deze vorm van testen is interessant voor industriële eindgebruikers die nieuwe technologieën willen implementeren, maar ook voor technologieaanbieders die hun innovaties willen demonstreren.

Een goede match

FLIE en Plant One Rotterdam werken goed samen met elkaar. Beiden partijen delen dezelfde ambities rondom de industriële energie- en materialentransitie. “Het netwerk en de aanwezige kennis vullen elkaar perfect aan. Zo voorziet Plant One in de juiste infrastructuur en voorzieningen die nodig zijn voor de realisatie van de pilotprojecten. Zij bezitten aanvullende kennis en ervaring voor het opschalen van opstellingen en hebben een milieuvergunning voor breed scala aan innovaties. Tot slot is de centrale ligging in het Rotterdamse Haven & Industrieel Cluster een succesfactor.” Aldus Peter van Hooft, (plaatsvervangend Directeur). “De samenwerking gaat overigens veel verder dan het beschikbaar stellen van ruimte en utilities. We zijn heel blij met de overkoepelende vergunning, maar ook met de engineers van Plant One, die ervaren zijn in het bouwen van opstellingen – en de operators die de systemen straks gaan bedrijven”. Gabriël Tschin (managing director van Plant One Rotterdam) vult aan: “De activiteiten vanuit het Fieldlab Industrial Electrification zijn een mooie aanvulling op de onderwerpen waar we praktisch al aan werken. Denk aan circulariteit, verduurzaming of CO2-reductie. Het thema elektrificatie kunnen we samen nog beter op de kaart zetten. Wij zetten graag onze praktische aanpak en kunde in om dat doel te bereiken.”

Vliegwielen, hybride boilers en nog zoveel meer

In het FLIE komen drie typen technologieën te staan die passen bij het cluster en die in de praktijk gedemonstreerd kunnen worden. Het gaat daarbij om technieken op het gebied van industriële warmte, inpassing van groene waterstof en directe conversie van CO2, die allemaal gebruik maken van duurzame elektriciteit. Denk aan een vliegwiel dat zowel energie kan leveren als opvangen en opslaan. Of een hybride boiler, die stoom uit aardgas kan vervangen door stoom uit duurzame elektriciteit. Met een divers scala aan elektrificatie oplossingen is het FLIE dé ideale industriële locatie om uit te vinden wat de juiste technologie-fit is voor een bedrijf.

Foto: Fer Klinckhamers (CCO Plant One Rotterdam), Gabriël Tschin (managing director van Plant One Rotterdam) en Peter van Hooft (plaatsvervangend Directeur Fieldlab Industrial Electrification) 

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Op de 15e verjaardag van Urgenda, tevens de langste dag van het jaar, ontving directeur Marjan Minnesma het eerste exemplaar van De klimaatalmanak uit handen van co-auteur Michel Porro op 21 juni 2022. De almanak is een initiatief van ruim 300 bezorgde vrijwilligers uit 40 landen. Ze beschrijven wat we weten over klimaatverandering: de oorzaken, de mogelijke gevolgen en wat we nog kunnen doen.

In makkelijk leesbare artikelen, cartoons, tabellen en grafieken lees je wat er gebeurt op meer dan 300 gebieden, zoals weer, landbouw en onze gezondheid. De almanak is de bron van feiten over klimaatverandering.

Royalty’s worden gebruikt om boeken te doneren aan onderwijsinstellingen, bibliotheken en andere goede doelen.

Bestel het boek online

 

 

 

 

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Op donderdag 16 juni heeft directeur Daan Molenaar van omgevingsdienst DCMR het convenant ‘verduurzaming zorg’ voor de regio Rijnmond overhandigd aan Energie-gedeputeerde Berend Potjer van provincie Zuid-Holland. De afspraken brengen de CO2-uitstoot van zorginstellingen drastisch omlaag.

Convenant

Verschillende zorgaanbieders in de regio Rijnmond, Stichting Stimular het Milieuplatform Zorgsector tekenden dit convenant om meer te doen aan duurzame energie en om efficiënter om te gaan met grondstoffen, afval en water. Doel van de overeenkomst is om in de periode tot en met 2025 een reeks concrete milieuprestaties te realiseren. Het project wordt gefinancierd door de provincie Zuid-Holland en de gemeenten binnen het Rijnmondgebied. De uitvoering vindt plaats door DCMR.

Klimaatakkoord

Het huidige Klimaatakkoord op rijksniveau gaat uit van een CO2-reductie van 55% bij zorginstellingen in 2030. Met het convenant verduurzaming wil de zorgsector in de Rijnmond een voorbeeldrol vervullen op dit gebied. De provincie Zuid-Holland ondersteunt dit van harte. ‘Wij hebben met zijn allen een flinke klimaatopgave. ‘Mooi dat de zorginstellingen – ondanks corona – zich op deze manier inspannen om de klimaatcrisis te bestrijden. Een crisis die ook steeds meer effecten op onze gezondheid heeft’, aldus gedeputeerde Berend Potjer. Om dat te realiseren is de inzet van zowel bedrijven, bewoners, zorginstellingen als andere maatschappelijke organisaties nodig. Potjer maakte van de gelegenheid gebruik om andere zorgorganisaties op te roepen zich ook aan te sluiten. De green deal sluit aan bij de landelijke Green Deal Zorg 2.0 die wordt gesteund door onder andere het Ministerie van VWS, de brancheorganisaties in de zorg, verzekeraars en banken.

Verduurzamen maatschappelijk vastgoed Zuid-Holland

Een aantal van de deelnemende zorgaanbieders komt tevens in aanmerking voor een ontzorgingsprogramma verduurzaming maatschappelijk vastgoed in Zuid-Holland. De provincie biedt dit programma aan voor kleine maatschappelijke vastgoedeigenaren. Doordat er een kennisnetwerk is ontstaan om de ontvangers van een ontzorgingsprogramma te ondersteunen ontstond ook de kans om grotere zorgaanbieders mee te laten liften met de kleinere. Deze samenwerking heeft er toe geleid dat 13 zorginstellingen nu de afspraken uit het convenant hebben ondertekend. Een mooi succes van deze samenwerkende zorgaanbieders.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Vandaag hebben Neptune Energy, ExxonMobil’s dochteronderneming XTO Nederland Ltd, Rosewood Exploration Ltd en EBN Capital B.V. aangekondigd dat zij een samenwerkingsovereenkomst hebben ondertekend voor de grootschalige opslag van CO2 (CCS) in lege gasvelden in het L10-gebied in het Nederlandse deel van de Noordzee.

De samenwerking brengt de benodigde technische en commerciële capaciteiten bij elkaar. Dit vormt de basis om een gedegen aanbod voor opslag te kunnen maken voor de Nederlandse industrie die CO2 wil opslaan. Deze groep is van plan om deze L10-CCS ontwikkeling nog dit jaar naar de ‘concept select’-fase te brengen, met als doel om aan het einde van dit jaar het project FEED*-gereed te hebben en tevens de opslagvergunning aan te vragen bij de Nederlandse autoriteiten.

De gesprekken met industriële emittenten gaan in de tussentijd door in aanloop naar de openstelling van de komende ronde voor de aanvraag van de SDE++- subsidie.

“Dit is een grote stap voorwaarts in de ontwikkeling van ons L10 CCS-project”, zegt Lex de Groot, Managing Director van Neptune Energy in Nederland. “CCS is cruciaal voor het behalen van de Nederlandse klimaatdoelen in 2030. CCS draagt ook bij aan onze ambitie om in 2030 meer CO2 op te slaan dan er wordt uitgestoten door onze activiteiten, – scope 1 – en verkochte producten ofwel scope 3.”

“Na de succesvolle haalbaarheidsstudie kunnen we nu samen met deze partijen onze kennis op het gebied van CCS bundelen. Deze volgende, belangrijke stap zorgt ervoor dat we samen één van de grootste CCS-faciliteiten in de Noordzee kunnen ontwikkelen. Het hergebruik van onze bestaande infrastructuur hierbij maakt dat we samen niet alleen de klimaatdoelen kunnen behalen, maar ook dat dit gedeelte van de energietransitie schoner, goedkoper en sneller wordt.”

Berte Simons, programmamanager van CCUS van EBN: “We zijn verheugd om samen te werken met onze joint venture-partners in dit CCS-project waarbij we bestaande infrastructuur kunnen hergebruiken. Met onze kennis van de ondergrond en ervaring op het gebied van opslag kunnen we een nog grotere bijdrage leveren aan de ontwikkeling van dit project. De offshore opslag van CO2 is cruciaal om de klimaatdoelen te behalen en EBN is vastbesloten om bij te dragen aan een CO2 -neutraal energiesysteem.”

“ExxonMobil is verheugd om samen te werken met partners uit de industrie en overheid bij dit L10-CCS project”, zegt Dan Ammann, president van ExxonMobil Low Carbon Solutions. “Het afvangen en opslaan van CO2 is een bewezen, gebruiksklare technologie die de CO2-uitstoot in een aantal sectoren met de meeste emissies kan helpen verminderen en kan bijdragen aan de net-zero klimaatdoelstellingen van de samenleving.”

Deze fase van het L10 CCS-project kan potentieel jaarlijks tussen 4 en 5 miljoen ton CO2 van industriële partijen opslaan in lege gasvelden rond de L10-A, B en E-gebieden. Neptune Energy is operator van deze gebieden. Het project is de eerste fase in de ontwikkeling van het grotere L10-gebied als grootschalig CO-opslagreservoir.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

In een recente studie van het Öko-Institut e.V. en het Stockholm Environment Institute in opdracht van de Alliantie voor Ontwikkeling en Klimaat wordt de positieve bijdrage van CO2-compensatieprojecten aan duurzame ontwikkeling benadrukt. ClimatePartner richt zich niet alleen op CO2-besparing, maar ook op de effecten op duurzame ontwikkeling van CO2-compensatieprojecten en is daarmee een betrouwbare partner voor het bedrijfsleven.

Bij de selectie en ontwikkeling van CO2-compensatieprojecten let ClimatePartner niet alleen op de effectiviteit ervan, maar ook op de bijdrage die ze leveren aan de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. “Hoogwaardige CO2-compensatieprojecten hebben een veel groter effect dan het compenseren van CO2-uitstoot. Ze leveren ook altijd een belangrijke bijdrage aan het milieu, de lokale bevolking en de wilde dieren,” zegt Moritz Lehmkuhl, oprichter en CEO van ClimatePartner.

Moritz Lehmkuhl verwijst dan ook naar de recente studie van het Öko-Institut e.V. en het Stockholm Environment Institute in opdracht van de Alliantie voor Ontwikkeling en Klimaat, getiteld “Sustainable Development Impacts of Selected Project Types in the Voluntary Carbon Market”. In de studie wordt benadrukt dat CO2-compensatieprojecten in verschillende opzichten een belangrijke bijdrage leveren: naast de vermindering of opslag van CO2-emissies hebben zij belangrijke begeleidende effecten, zoals armoedebestrijding of de verbetering van de waterkwaliteit, voeding en gezondheid. Moritz Lehmkuhl licht toe: “We zijn blij dat steeds meer wordt erkend dat projecten op de vrijwillige koolstofmarkt belangrijke en duurzame ontwikkelingseffecten hebben in opkomende en ontwikkelingslanden die veel verder gaan dan de vermindering van de CO2-uitstoot. Deze lokale bijdrage voldoen aan de doelstellingen van de Verenigde Naties inzake duurzame ontwikkeling op sociaal, economisch en ecologisch gebied”.

Zowel voor bedrijven als voor consumenten zijn transparantie en informatie over wat met een CO2-compensatieproject wordt bereikt, van cruciaal belang. Bij ClimatePartner heeft elk CO2-compensatieproject daarom een eigen project-ID, waarmee zowel de CO2-compensatie als de bijdragen in termen van de VN-doelstellingen voor duurzame ontwikkeling transparant kunnen worden bekeken. Een voorbeeld is het Social Impact Project met Project ID 1350 in India. De toekenning van micro-energiekredieten leidt niet alleen tot minder CO2-uitstoot, maar bevordert ook de lokale economie, het ondernemerschap en gelijke rechten voor vrouwen. Bovendien kunnen dankzij de micro-energiekredieten energie-efficiënte producten, zoals waterfilters of efficiënte kooktoestellen, tegen een betaalbare prijs worden aangeboden. Dit zorgt op zijn beurt voor verdere positieve effecten voor de plaatselijke bevolking en het klimaat.

Met de ID-tracking komt ClimatePartner al tegemoet aan de aanbeveling van de studie dat CO2-compensatieprojecten altijd informatie moeten verstrekken over hun bijdragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen. “Met onze aanpak bieden we zekerheid voor alle betrokken partijen,” zegt Moritz Lehmkuhl. “We gebruiken uitgebreide middelen en know-how om dit te bereiken.” Een team van internationale deskundigen is verantwoordelijk voor de selectie en ontwikkeling van CO2-compensatieprojecten bij ClimatePartner. Telkens weer reizen projectontwikkelaars naar de regio’s in Zuid-Amerika, Azië of Afrika, inspecteren de situatie en beoordelen de voordelen en de bijdrage ter plaatse. Bovendien werkt ClimatePartner alleen met projecten die zijn gecertificeerd volgens internationaal erkende normen – met name de Gold Standard (GS) en de Verified Carbon Standard (VCS).

ClimatePartner stelt zich ten doel het bedrijfsleven zo goed mogelijk te adviseren en te ondersteunen bij zijn klimaatbeschermingsmaatregelen, aangezien het een centrale rol speelt bij het bereiken van de 1,5 graad-doelstelling: Dit kan niet worden bereikt zonder een substantiële bijdrage van het bedrijfsleven. Moritz Lehmkuhl benadrukt: “CO2-compensatieprojecten zijn een belangrijke bouwsteen als het erom gaat de resterende emissies te compenseren. Compensatie bij ClimatePartner is echter slechts één element van de holistische klimaatbeschermingsstrategie”. Het proces begint met de berekening van de CO2-uitstoot voor het opstellen van een CO2-voetafdruk van de onderneming of het product, gaat verder met vermijdings- en verminderingsmaatregelen, en eindigt met de compensatie van de resterende uitstoot door middel van CO2-compensatieprojecten en transparante communicatie. Een bedrijfseigen softwareoplossing vormt de geldige basis voor de procedure.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Renewi Organics heeft op haar locatie in Amsterdam een nieuwe over-de-datum producten (ODP) installatie in gebruik genomen. De nieuwe ODP lijn aan de Sardiniëweg verwerkt sneller als ook  meer materialen, waarbij ook de kwaliteit van de gerecyclede materialen hoger ligt. Met de inzet van de nieuwe installatie verwerkt Renewi op jaarbasis ruim 65.000 ton organische reststromen tot nieuwe grondstoffen. Deze installatie ontvangt en verwerkt de over-de-datum producten met als doel er uiteindelijk BIO-LNG en BIO-CO2 van te produceren en warmte of elektriciteit mee op te wekken.

Renewi Organics richt zich op de verwerking van organische reststromen waaronder ook over-de-datum producten; producten die niet verkocht zijn voor de uiterste verkoopdatum. De nieuwe lijn verwerkt ook swill, etensresten, bijvoorbeeld uit restaurants en supermarkten. De nieuwe hypermoderne verwerkingsinstallatie verwerkt tot 60 ton voedselafval per uur.

Nieuwe locatie

De ODP-lijn is gebouwd in een nieuwe Renewi hal aan de Sardiniëweg 3 in Amsterdam en biedt ruimte om gericht op de toekomst in verwerkingsvolume te groeien. “Voor deze nieuwe lijn is een systeem ontwikkeld dat voldoende capaciteit heeft zodat het continu draaien kan”, aldus Erik Goldberg, Manager Organics van Renewi. “Continuïteit in productie is erg belangrijk om zo de aanvoer voor het vergistingsproces te waarborgen. De investering in de ODP-lijn past in ons eigen ambitieuze plan om het Renewi’s recyclingpercentage tegen 2025 te verhogen van 65% naar 75%. Het doel daarbij is om zoveel mogelijk waarde uit afval te halen en hiermee een substantiële bijdrage te leveren aan de circulaire economie.”

Extra duurzame voordelen

De verwerkte ODP-stroom wordt in een eigen vergistingsinstallatie op dezelfde locatie verder vergist. Tijdens dit vergistingsproces ontstaat er BIO-gas, waarvan een deel wordt terug geleverd aan het Amsterdamse elektriciteitsnetwerk. Dit voorziet ruim 12.000 huishoudens van elektriciteit en warmte. Een ander product dat hieruit wordt gemaakt is BIO-LNG, een duurzame transitie brandstof die gewonnen wordt uit het biogas van de organische reststromen. BIO-LNG zorgt voor een flinke reductie van de CO2-uitstoot ten opzichte van reguliere brandstoffen en wordt ingezet ter verduurzaming van onder andere het zware wegtransport.

Geuremissie

Om in de omgeving mogelijke geuremissie zo veel mogelijk te beperken is ODP-hal uitgerust met speciale geurfilters. Dit zijn actieve koolfilters die de lucht uit de hal afzuigen en filteren voordat het terug de buitenlucht in gaat.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Onlangs zijn de 6.228 zonnepanelen op het dak van het warehouse van abrdn in Veghel in gebruik genomen. Vanuit een nauwe samenwerking tussen Goossens, abrdn en Eneco was het mogelijk dit project te ontwikkelen. Voortaan levert de zonnestroominstallatie die Eneco heeft gerealiseerd jaarlijks zo’n 2.287.000 kWh duurzaam opgewekte zonne-energie. Daarmee schakelt het complex in één keer volledig over op groene energie.

Een belangrijke stap in de duurzaamheidsambitie van Goossens om voor 2030 geen negatieve milieu-impact meer te hebben als bedrijf. Het warehouse in Veghel kent een dakoppervlak van 31.000m2. Het pand, dat eigendom is van abrdn, is daarmee een perfecte plek om zonne-energie op te wekken. In een nauwe samenwerking hebben Goossens, abrdn en Eneco gekeken naar de optimale wijze om de zonnepanelen te plaatsen en voldoende energie op te wekken om de locatie van duurzame energie te voorzien. Het jaarlijkse verbruik is circa 1.300.000 kWh aan energie, dus met de opwek van 2.287.000 kWh blijft er energie over om ook andere locaties van Goossens energieneutraal te maken.

Als derde generatie binnen ons familiebedrijf zie ik het als een kans om onze duurzame bedrijfsstrategie echt door te voeren; in de meubels die we leveren en de wijze waarop onze bedrijfsprocessen zijn ingericht. Daarom zijn we een samenwerking met Eneco aangegaan voor de realisatie en exploitatie van een zonnestroominstallatie. Zo kunnen we voortaan werken op CO2-neutrale energie van de zon,” aldus Bart Goossens, algemeen directeur Goossens.

De samenwerkingsovereenkomst die de drie partners hebben gesloten kent een looptijd van 20 jaar. Gedurende deze periode verzorgt Eneco het volledig beheer en onderhoud van de zonnestroominstallatie.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Dura Vermeer, SPIE en A.Hak slaan in 2022 de handen ineen om samen windparken te ontwikkelen en te realiseren door heel Nederland. Deze samenwerking maakt het mogelijk om de realisatie van een windpark van A tot Z te faciliteren. Zo worden ontwikkelaars en opdrachtgevers volledig ontzorgd, worden de financiën efficiënt besteed en worden windparken binnen de mijlpalen in gebruik genomen.

Krachtenbundeling

De samenwerking maakt het mogelijk om de civiele en elektrische infrastructuur van windparken op een efficiënte wijze te realiseren. De expertise van de drie partijen omvat, infra, civiel, parkbekabeling, elektronische installaties, inkoopstations en project- en omgevingsmanagement. Deze bundeling van verschillende expertises leidt tot reductie van kosten en realisatie binnen de gestelde mijlpalen en eenduidige communicatie naar stakeholders en belanghebbenden. De omgeving ondervindt tijdens de realisatie minder hinder van de werkzaamheden. De communicatie daarover verloopt via één kanaal. Het doel is de energietransitie in Nederland te versnellen nu we in mindere mate afhankelijk van derden voor de invulling van onze energiebehoefte willen zijn.

Voortborduren op een stabiele en langdurige samenwerking

Dura Vermeer, SPIE en A.Hak werken al ruim tien jaar samen en staan bekend om hun toonaangevende resultaten binnen de civiele sector. Ook hebben zij al een aanzienlijke bijdrage geleverd aan de energietransitie. Zo hebben zij samen 322 turbines een voetstuk gegeven, die samen goed zijn voor een opbrengst van 1200 megawatt. Dat is ruim twintig procent van het totaal gerealiseerde windparkvermogen.

[ad_2]

Source link

Berichten paginering