[ad_1]

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) geeft groen licht voor een proefproject van netbeheerder Liander in de wijk Berkeloord in Lochem. Bij dit proefproject wordt een deel van het bestaande gasnet gebruikt om waterstofgas aan te voeren naar ongeveer 10 woonhuizen. In deze woonhuizen wordt een combi-ketel op waterstof geïnstalleerd die zorgt voor warm tapwater en de CV. Dit is het eerste proefproject in Nederland waarbij waterstof via bestaande gasleidingen tot aan de (aangepaste) CV-combiketel in woonhuizen wordt getransporteerd.

Waterstof gaat naar verwachting in de toekomst een belangrijke rol spelen in een duurzame energievoorziening, mogelijk ook bij de verwarming van bepaalde typen woningen. Daarom vindt de ACM het belangrijk dat bedrijven én consumenten nu alvast ervaring op kunnen doen met het gebruik van waterstof. Manon Leijten, bestuurder van de ACM: “Waterstof kan een belangrijke rol spelen bij de energietransitie. Daarom is het belangrijk dat we hier nu vast ervaring mee opdoen. De ACM staat open voor meer proefprojecten met waterstof. Netbeheerders kunnen zich met hun plannen dus melden bij de ACM.”

Omdat er op dit moment nog geen wetgeving bestaat voor het gebruik van waterstof in de bebouwde omgeving heeft de ACM een Tijdelijk kader waterstofpilots opgesteld. Dit tijdelijke kader biedt netbeheerders en leveranciers vooruitlopend op nieuwe wetgeving alvast de mogelijkheid ervaring op te doen met waterstof. In het kader is beschreven hoe de belangen van consumenten worden geborgd. Huishoudens mogen zelf bepalen of zij deelnemen aan een proefproject en er moet voor consumenten geen verschil zijn tussen verwarmen met waterstof of met aardgas. Ook moet er altijd voldoende waterstof geleverd kunnen worden en moet het duidelijk zijn wat de kosten zijn voor de consument. De ACM heeft netbeheerder Liander op basis van dit tijdelijke kader een gedoogbeslissing gegeven voor het proefproject in Lochem. Bij het proefproject in Lochem betalen huishoudens straks net zoveel voor de geleverde waterstof als zij nu voor hun aardgas betalen. Ook is er geregeld dat de netbeheerder de situatie van vóór het proefproject kosteloos moet herstellen als de levering van waterstof niet langer gegarandeerd kan worden.

Om de veiligheid bij het proefproject in Lochem te waarborgen gaat het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) toezicht houden op de veiligheid van de distributie van waterstof naar woningen. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft de veiligheidseisen voor dit soort projecten vastgelegd in Richtlijnen voor veilig omgaan met waterstof (rvo.nl).

[ad_2]

Source link

Meer blogs lezen? Lees dan trends op het gebied van duurzame woningen 

[ad_1]

Het Hybride Warmtepomp Plan van HAASheat lijkt op het Fietsplan maar dan in een duurzaam jasje. Werkgevers kunnen hun werknemers de mogelijkheid bieden om via hun werk een hybride warmtepomp aan te schaffen waarbij zij 70% op gas en dus kosten kunnen gaan besparen met 50% voordeel op de aanschaf en installatie via de werknemersvoordelen. Naast de hybride warmtepomp kan de werkgever nu ook kiezen om zonnepanelen en isolatie aan te bieden met fiscale werknemersvoordelen. Naar verwachting begin volgend jaar gevolgd door de thuisbatterij.

Men kan betalen met brutoloon, vrije dagen, vakantiegeld, eindejaarbonus, etc.

Naast de reguliere secundaire arbeidsvoorwaarden zijn er steeds meer werkgevers die juist kijken naar hoe zij hun medewerkers kunnen helpen om te verduurzamen, om zo de gestegen vaste lasten (denk aan gas en elektra) te kunnen blijven betalen.

Ook voor werkgevers is het belangrijk dat hun medewerkers duurzaam en comfortabel kunnen wonen, met betaalbare woonlasten. Om te helpen bij het terugdringen van gas- en
stroomverbruik hebben werkgevers verschillende mogelijkheden die ze medewerkers kunnen aanbieden.

HAASheat ontzorgt en faciliteert: van informatie tot installatie!

Daardoor is er geen gedoe met o.a. subsidie aanvragen, leningen afsluiten en technische vraagstukken.

Het proces loopt als volgt: De informatie ➤ de calculatie ➤ de besparing ➤ de fiscale voordelen ➤ de looptijd ➤ de subsidie ➤ de lening van 0-3% ➤ de (video-) schouw ➤ de bestelling ➤ de installateur

Samenwerking met FiscFree®

Daarnaast hebben HAASheat en FiscFree® de handen ineengeslagen. HAASheat en SAASsolar behoren nu ook tot de keuzemogelijkheden van FiscFree®!
FiscFree® is de grootste aanbieder van extra secundaire arbeidsvoorwaarden met belastingvoordeel in Nederland.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Een snellere uitvoering van de bestaande plannen én formulering van aanvullend beleid zijn nodig om het Nederlandse klimaatdoel in 2030 te halen. Het kabinet heeft in het coalitieakkoord een flink pakket aan klimaatmaatregelen aangekondigd. Deze plannen leveren extra reductie op, maar de geraamde daling van de broeikasgasemissies in 2030 loopt nog niet in de pas met de aanscherping van de doelstelling van 49 naar 55 procent emissiereductie in 2030 ten opzichte van 1990. Daardoor is de afstand tot het doel in het afgelopen jaar groter geworden, terwijl de tijd om het doel te halen korter wordt. Dat blijkt uit de Klimaat- en Energieverkenning 2022 (KEV).

Op basis van concreet uitgewerkt (vastgesteld en voorgenomen) beleid is in 2030 de geraamde emissie 39 tot 50 procent lager dan in 1990. Vanwege onzekerheden zit hier een bandbreedte in. Daarmee moet nog een afstand van 5 tot 16 procentpunt (ofwel 12 tot 36 megaton) overbrugd worden tot het doel van 55 procent emissiereductie in 2030. Een deel van de nog niet uitgewerkte plannen (geagendeerd beleid) uit het Coalitieakkoord kan in 2030 voor 5 à 6 megaton extra emissiereductie zorgen. Hieronder vallen maatwerkafspraken met grote uitstoters, productie van groene waterstof in de industrie, normering van de hybride warmtepomp, prestatieafspraken met woningcorporaties en verduurzaming van maatschappelijk vastgoed.

Belangrijk deel klimaatplannen nog onvoldoende uitgewerkt

Daarnaast is een deel van de klimaatplannen nog onvoldoende uitgewerkt om een effect op emissies te kunnen berekenen. Hieronder vallen onder meer Betalen naar Gebruik voor personen- en bestelauto’s, aanpassingen aan de energiebelastingen, het samenhangend pakket verduurzaming glastuinbouw en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG; gericht op opgaven in het landelijk gebied, waaronder terugdringen van stikstofuitstoot). Dit deel van de klimaatplannen zou, uitgaande van eerdere reductie-inschattingen van het kabinet, hooguit 10 megaton extra emissiereductie kunnen opleveren. Ook hiermee wordt het klimaatdoel niet met voldoende zekerheid gehaald. Tot slot wordt over verschillende beleidsplannen in de Europese pakketten Fit for 55 en REPowerEU nog onderhandeld door de Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten. Deze plannen scheppen naar verwachting aanvullende opgaven voor de Nederlandse overheid en daaruit voortvloeiend beleid kan op termijn extra emissiereductie opleveren.

Lange doorlooptijden maken uitvoering urgent

Concretisering en uitvoering van klimaatplannen is urgent om doelen tijdig te kunnen halen. Grote infrastructurele projecten hebben een lange doorlooptijd, onder meer vanwege de noodzakelijke aanpassing van wet- of regelgeving en het doorlopen van vergunningenprocedures. Zo gaat de KEV er vanuit dat bijna de helft van de geplande 10,7 GW extra wind op zee pas na 2030 opgeleverd zal worden. Verschillende plannen voor de elektriciteitssector, zoals nog meer wind op zee, de bouw van nieuwe kerncentrales, subsidie voor CO2-vrije gascentrales en het langer openhouden van de kerncentrale in Borssele, zullen pas na 2030 hun vruchten afwerpen (soms al in de eerste jaren na 2030). Uitvoering van deze plannen draagt wél bij aan het uiteindelijke doel van klimaatneutraliteit in 2050.

Knelpunten voor uitvoering klimaatbeleid

Ook knelpunten op het gebied van arbeidsmarkt, vergunningverlening, grondstoffentoevoer en netcapaciteit manifesteren zich nadrukkelijk als obstakel voor de uitvoering van klimaatbeleid. De realisatie van duurzame energieprojecten staat onder druk doordat bovengenoemde beperkingen verweven zijn met andere beleidsdossiers. Zo zien netbeheerders de productie van 35 terawattuur zon en wind op land in 2030 als maximaal haalbaar op het huidige elektriciteitsnet, een beperking die overigens in de KEV-raming is meegenomen. Het is belangrijk dat het kabinet zich inspant via wet- en regelgeving om de randvoorwaarden te scheppen die noodzakelijke investeringen mogelijk maken.

Emissiereductie door hogere energieprijzen

De KEV wordt dit jaar uitgebracht in een context met grote onzekerheden. De geopolitieke spanningen door de oorlog in Oekraïne zorgen voor onrust en schaarste op de energiemarkten en het is onduidelijk hoe lang de ongekend hoge energieprijzen van het afgelopen jaar zullen aanhouden. Cijfers van het CBS en de Emissieregistratie tonen dat de Nederlandse broeikasgasemissie in de eerste helft van dit jaar onder invloed van de hoge energieprijzen en een zacht en zonnig voorjaar 9 megaton lager lag dan in 2021. Door de hoge gasprijzen gebruiken de chemische industrie en raffinage fors minder aardgas en hebben diverse bedrijven energie-intensieve installaties deels of volledig stilgelegd. De glastuinbouw schakelt over naar minder energie-intensieve teelten en in de gebouwde omgeving wordt minder gas verstookt.

De energieprijzen liggen na 2025 waarschijnlijk lager dan afgelopen zomer, maar zullen in 2030 naar verwachting nog beduidend hoger zijn dan in het verleden werd aangenomen. De ontwikkeling van de energieprijzen heeft invloed op de uitkomst van de ramingen. Ongeveer de helft van de 4 megaton hogere emissiereductie in deze KEV, vergeleken met de KEV 2021, is toe te schrijven aan de hogere energieprijzen. De hogere prijzen in 2030 zorgen naar verwachting voor minder energieverbruik in de glastuinbouw, de industrie en gebouwde omgeving. De in Fit for 55 aangekondigde aanscherping van het emissieplafond van het Europese handelssysteem ETS ligt nog niet vast, maar de markt anticipeert er al wel op. De bijbehorende hogere prijs van emissierechten is in deze KEV meegenomen.

Meer energiebesparing nodig

Ondanks een lager energieverbruik in 2030 zal Nederland de twee Europese doelen voor energiebesparing uit de Europese Energie Efficiëntie Richtlijn in de KEV-raming niet of ternauwernood halen. Tegelijkertijd wordt in het kader van Fit for 55 en REPowerEU in Europa onderhandeld over het verhogen van deze doelen voor energiebesparing.

Verduurzaming warmtevoorziening blijft achter

In 2030 zal volgens de KEV 85 procent van de elektriciteit hernieuwbaar zijn. Dat is 11 procentpunt meer dan de raming van vorig jaar, vooral dankzij extra windparken op zee. Het aandeel hernieuwbare warmte stijgt daarentegen naar verwachting slechts van 8 procent nu naar 14 procent in 2030. Dit groeitempo ligt beduidend lager dan wat de Europese Hernieuwbare Energie Richtlijn voorschrijft.

KEV als verantwoordingsinstrument

De Klimaatwet schrijft een jaarlijkse publicatie van de Klimaat- en Energieverkenning voor als één van de verantwoordingsinstrumenten van het Nederlandse klimaat- en energiebeleid. De KEV wordt gerealiseerd door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in nauwe samenwerking met TNO, CBS en RIVM, en met bijdragen van RVO en WUR.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Klimaatminister Rob Jetten heeft vandaag namens het kabinet de Klimaatnota aangeboden aan de Tweede Kamer. Op korte termijn daalt de uitstoot van broeikasgassen in Nederland hard, waardoor het naar uitziet dat het Urgendadoel dit jaar wordt gehaald. Tegelijkertijd heeft het kabinet nog huiswerk te doen om de ambities op de langere termijn te bereiken. Daarom zet het kabinet in op aanscherping en versnelling van het klimaatbeleid en voortvarende uitvoering van bestaande klimaatplannen.

Voortgang klimaatdoelen

Klimaatdoel 2030

Het kabinet heeft in het coalitieakkoord een flink pakket aan klimaatmaatregelen aangekondigd. Deze plannen leveren extra reductie op, maar de geraamde daling van de broeikasgasemissies in 2030 loopt nog niet in de pas met de aanscherping van de doelstelling van 49 naar 55 procent emissiereductie in 2030 ten opzichte van 1990. Op basis van het huidige beleid is de uitstoot van broeikasgassen in 2030 ten opzichte van 1990 met 41-52% verminderd. Daarbij past de kanttekening dat het kabinet verwacht dat de daadwerkelijke emissiereductie in 2030 hoger ligt. Dat komt omdat een deel van het in het coalitieakkoord aangekondigde klimaatbeleid en beleid dat voorkomt uit de Europese klimaatonderhandelingen nog niet ver genoeg is uitgewerkt en daardoor nog niet is meegenomen in de doorrekening van het Planbureau voor de Leefomgeving. Desondanks zet het kabinet in op aanscherping en versnelling van het klimaatbeleid, zodat de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met ten minste 55% is verminderd.

Urgendavonnis

De uitstoot van de Nederlandse economie is dit jaar hard gedaald. Ten opzichte van vorig jaar is de uitstoot met gemiddeld 10% procent gedaald in de eerste helft van dit jaar. Dit betekent dat het er naar uitziet dat de doelstelling die voortkomt uit het Urgendavonnis – 25% broeikasgasreductie ten opzichte van 1990 – dit jaar wordt behaald.

Minister Jetten: “Met iedere klimaatraming zien we dat de uitstoot van broeikasgassen verder terugloopt. We zijn dus op de juiste weg, maar de cijfers laten ook zien dat we de klimaatdoelen nog niet gaan halen. Er moet dus meer gebeuren en het moet bovendien sneller. Eén ding staat voor mij als klimaatminister als een paal boven water: we zullen doen wat nodig is om de klimaatdoelen in 2030 te halen en Nederland klaar te maken voor een duurzame toekomst. Dat is de enige manier om grote of zelfs onomkeerbare schade door klimaatverandering te voorkomen en toekomstige generaties een leefbare planeet te bieden. De besluiten die daarvoor nodig zijn bereiden we de komende tijd voor.”

Van ambitie naar actie

De klimaatplannen van het kabinet zijn onverminderd ambitieus. Dat is onder meer bevestigd door de Raad van State en het Planbureau voor de Leefomgeving. Om de ambities waar te maken komt het aan op voortvarende uitvoering van de klimaatplannen. Daarom wil het kabinet zijn klimaatactie langs vier lijnen versnellen. Allereerst door op volle kracht door te gaan met de uitwerking van reeds aangekondigd klimaatbeleid, zoals het Klimaatfonds en het Klimaatburgerberaad, en waar mogelijk te versnellen. Ook wordt belangrijke wet- en regelgeving voor de klimaat- en energietransitie, zoals bijvoorbeeld de Warmtewet en de Energiewet, de komende tijd aangepast. Daarnaast bereidt het kabinet door middel van een groot interdepartementaal beleidsonderzoek nieuwe maatregelen en aanscherpingen op het klimaatbeleid voor. In het voorjaar komen al deze sporen samen en besluit het kabinet over een stevig maatregelenpakket dat erop gericht is dat Nederland in 2030 60% minder broeikasgassen uitstoot in vergelijking met 1990. Het kabinet mikt bewust hoger dan 55%, zodat de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met minimaal 55% is verminderd. Tot slot zal het kabinet zich ook in internationaal verband, zoals op de Klimaattop in Egypte, inzetten voor concrete klimaatambitie, inclusief het binnen bereik houden van het 1,5°C-doel en meer en betere toegang tot klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden.

Wetenschappelijke Klimaatraad

Het kabinet heeft vandaag tevens bekend gemaakt dat het per koninklijk besluit een wetenschappelijke klimaatraad instelt die het klimaatbeleid gaat beoordelen en erover adviseert. Met dit besluit kan op korte termijn en door middel van een open sollicitatieprocedure worden gestart met het werven van de voorzitter.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

De eerste duurzaamheidsmijlpaal van T-Mobile is behaald: vanaf heden koopt de telecomprovider geen gebruiksartikelen van nieuw plastic meer in voor haar Supply Chain. De liggende voorraad waar nog nieuw plastic in is verwerkt wordt zo snel mogelijk opgemaakt. In januari 2022 begon de uitfasering van de inkoop van nieuw geproduceerd plastic met als doel volledig plasticvrij te zijn op het gebied van inkoop in 2025. Dit ging echter een stuk sneller dan van tevoren gedacht, waardoor dit doel dit jaar al gerealiseerd is, drie jaar eerder dan gepland. Een prestatie waar de provider trots op is.

Bij T-Mobile staat duurzaamheid hoog in het vaandel. Daarom is het ook niet meer dan logisch dat de telecomprovider zich ook dit jaar heeft aangesloten als Klimaatsupporter tijdens de Nationale Klimaatweek van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Gedurende deze week staat de telecomprovider nog eens extra stil bij haar duurzaamheidsdoelen en projecten. Zo heeft de provider in 2022 bijvoorbeeld de Eco-SIM ingevoerd en is zij een samenwerking aangegaan met het SBTi om de klimaatdoelen van de organisatie te onderzoeken. Eén van deze doelen was om in 2025 de inkoop van gebruiksartikelen van nieuw plastic binnen de Supply Chain te stoppen en dat is gelukt. Door onder andere nu al verpakkingen dicht te plakken met papieren tape in plaats van plastic, opvulbubbels in pakketten te vervangen door gerecycled papier en de plastic wraps van grote pallets te vervangen door een duurzaam alternatief van houtpulp is de telecomprovider voor 2025 al volledig vrij van nieuw plastic.

Verantwoordelijkheid

De uitfasering van plastic in de Supply Chain draagt bij aan de doelstellingen die T-Mobile vorig jaar april presenteerde tijdens de lancering van ‘Connect to Change’. In dit plan omschrijft de telecomprovider hoe zij een bijdrage levert aan een klimaatvriendelijke samenleving en de reductie van haar CO2 footprint. Het uitfaseren van nieuw geproduceerd plastic is hierin één van de vele stappen. Gero Niemeyer, Financieel Directeur van T-Mobile Nederland en ambassadeur van het T-Mobile Sustainability programma geeft aan: “We hebben weer een nieuwe stap gezet richting onze duurzaamheidsdoelen en wát voor een stap. Iedereen heeft ontzettend hard gewerkt om de best mogelijke alternatieven te vinden voor nieuw plastic. Ik ben heel trots op onze organisatie. Het is nu zaak om deze lijn door te trekken. Op naar het volgende groene project!”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Het besparingspotentieel van de Nederlandse industrie is gelijk aan jaarlijkse gasverbruik ruim 1,2 miljoen huishoudens. Dit is met relatief eenvoudige ingrepen te realiseren. Dit blijkt uit onderzoek door Berenschot naar de energiebesparingsmogelijkheden in de industrie, in opdracht van Natuur & Milieu. ‘Hier ligt een kans voor de korte termijn, zónder grote procesaanpassingen, die topprioriteit moet krijgen’, aldus Natuur & Milieu.

De industrie is de sector met het hoogste gasverbruik in Nederland, met zo’n 30% van het totaal. De chemische industrie, en in het bijzonder de kunstmestproducenten, zijn daarbinnen grootverbruikers, blijkt uit de analyse van Berenschot. Er zijn diverse mogelijkheden om snel het aardgasverbruik van de industrie te verminderen, zonder dat ingrijpende aanpassingen in het productieproces nodig zijn. Bedrijven laten die kans nu vaak nog liggen en verzaken voor een belangrijk deel hun wettelijke energiebesparingsplicht. Een aantal van deze relatief eenvoudige ingrepen zijn hergebruik van warmte en isolatiemaatregelen.

Directeur programma’s van Natuur & Milieu Rob van Tilburg: ‘Door middel van een aantal ingrepen is het aardgasverbruik dus in elk geval 16% omlaag te brengen. Hiervoor hoeft niet eens het productieproces te worden stilgelegd. Het is echt laaghangend fruit. Bovendien is het in het kader van de uitgebreide energiebesparingswetgeving vanaf volgend jaar voor alle bedrijven verplicht.’

Het minste dat de industrie kan doen

Alleen al het hergebruik van warmte binnen de industrie kan evenveel aardgas besparen als het totale aardgasverbruik van alle huishoudens in de gemeente Utrecht. Van Tilburg: ’Energiebesparing moet nu eindelijk  topprioriteit krijgen. Met de hoge gasprijzen is het nu heel snel rendabel al het technisch potentieel aan besparing te verzilveren. Dit leidt tot een structurelere verduurzaming dan het tijdelijk stilleggen van productieprocessen, zoals nu gebeurt vanwege de gascrisis. De relatief eenvoudige ingrepen snel doorvoeren is het minste wat de industrie nu kan doen. Zo worden we minder afhankelijk van aardgas én stoten we minder CO2 uit.’

Verbeter handhaving

Met een combinatie van maatregelen op korte termijn is een CO2-besparing van 2,6 Mton mogelijk, vanuit een besparing van zo’n 1,5 miljard m3 aardgas, berekende Berenschot. Per 1 januari wordt de bestaande energiebesparingsplicht die al voor kleine bedrijven bestaat uitgebreid, waardoor vanaf dan ook grote bedrijven aan die plicht moeten voldoen. Van Tilburg: ‘Dat is een goede eerste stap, want door die uitzondering is er veel energie verloren gegaan. Maar is meer voor nodig, omdat handhaving complex blijft. Wij pleiten daarom voor een striktere energiebesparingsplicht met strengere normen. Verleg daarbij de bewijslast naar de bedrijven zelf. Dat betekent dat alle maatregelen genomen moet worden en een bedrijf zelf met argumenten moet komen wanneer het dit niet doet. Daarnaast helpt het als bedrijven kennis en best practices delen. De overheid kan dit faciliteren.’

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Brunel, wereldwijde dienstverlener op het gebied van kennis- en capaciteitsvraagstukken, kondigt aan dat het doel om een CO2-neutraal bedrijf te zijn is bereikt. Brunel heeft in het Environmental, Social and Governance (ESG)-beleid verschillende initiatieven opgenomen die bijdragen aan een gezondere planeet en een betere toekomst voor komende generaties. De organisatie ontplooit meerdere initiatieven die stap voor stap bijdragen aan een duurzamere wereld, waaronder het elektrificeren van het leasewagenpark, het overschakelen op groene stroom in alle kantoren wereldwijd en investeringen die leiden tot minder gasverbruik. Ook motiveert Brunel haar medewerkers om bewust te reizen en te kiezen voor duurzame vormen van mobiliteit. Inmiddels worden alle initiatieven wereldwijd ondersteund door Brunels netwerk van meer dan 12.000 specialisten in meer dan 40 landen.

Duurzame initiatieven

Daarnaast ondersteunt Brunel de energietransitie. Mede door de overname van Taylor Hopkinson in december 2021 zijn Brunels inkomsten in hernieuwbare energie op jaarbasis met bijna 300 procent gestegen. Hiermee verstevigt Brunel haar positie als wereldleider op het gebied van wervings- en contractoplossingen van hernieuwbare energie.

“Dat we onszelf nu wereldleider op het gebied van wervings- en contractoplossingen van hernieuwbare energie mogen noemen is een fantastisch resultaat van alle inspanningen”, licht Jilko Andringa, CEO bij Brunel International N.V., toe. “Wij geloven erin door onze kennis te delen de uitdagingen in de maatschappij samen met onze partners aan te kunnen. Dat we als Brunel de mogelijkheid hebben om zo’n grote impact te maken op de transities in de wereld maakt mij trots. Onze focuspunten voor volgend jaar zijn onder andere thema’s als energie, energietransities en hernieuwbare energiebronnen. Hier ligt onze kracht en zien we volop kansen. Ik zie de toekomst positief tegemoet en verwacht deze succesvolle koers verder voort te zetten.”

Projecten om onvermijdelijke emissies te compenseren

Om de onvermijdelijke emissies te compenseren ondersteunt Brunel drie projecten gebaseerd op gemeenschap, natuur en technologie. Eén van deze projecten is het hernieuwbare waterkrachtinitiatief op het eiland Sumatra. In de binnenlanden van Sumatra genereert de rivier Musi schone energie voor het stroomnet via verschillende waterkrachtprojecten. Deze projecten zorgen voor banen op lokaal niveau en voor inkomsten. Daarnaast komen er gelden vrij om de infrastructuur te verbeteren en om herbebossing te financieren.

Brunel Foundation Forest

Als wereldwijde speler voelt Brunel de maatschappelijke verantwoordelijkheid om bij te dragen aan de energietransitie. Om een extra positieve impact op de wereld te kunnen maken is de Brunel Foundation tien jaar geleden opgericht. De foundation doet dit onder meer door bewustwording te creëren voor de waarde van bomen. Wat begon in juli 2021, toen de Brunel Foundation samen met EcoMatcher duizend bomen plantte in Thailand, is vandaag de dag uitgegroeid tot een enorm bos van ruim 16.000 bomen over de hele wereld. Dit grote aantal extra bomen is het resultaat van het initiatief van Brunel om al haar 12.000 medewerkers in juni 2022 een boom cadeau te geven in het Brunel Foundation Forest. Ook plant Brunel voor iedere nieuwe medewerker een boom om de verdere groei van het bos voort te zetten. Elke medewerker kan zijn of haar boom virtueel bezoeken via de speciale website en komt zo meer te weten over de boom en de lokale plantverzorger.

Tot nu toe is er al 225.000 kg CO2 opgenomen en dit bos neemt in totaal 4 miljoen kg CO2 op. EcoMatcher werkt samen met zorgvuldig geselecteerde boomplantorganisaties in landen die worden geconfronteerd met intensieve ontbossing. Voor Brunel Nederland zijn er bomen in Buthan en Kenia geplant. Het bos draagt bij aan een beter klimaat en meer biodiversiteit.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Tijdens de Nationale Klimaatweek presenteert Harm Edens Het Grote Groene Idee. In het programma zetten Kim Lammers, Ramon Beuk, Tom Middendorp, Ruben van der Meer en Ricky Koole verbazingwekkende en creatieve uitvindingen in de spotlight waarmee we iets kunnen bijdragen aan een beter klimaat. Aan de science desk zitten futorologist Jacintha Scheerder en wetenschapsjournalist Diederik Jekel die duiden welke positieve impact de verschillende ideeën hebben op het klimaat.

Voormalig hockey international Kim Lammers laat zien wat we anders kunnen doen als het aankomt op onze kleding. Kok en kookboekenschrijver Ramon Beuk richt zich in het programma op duurzaam voedsel. Tom Middendorp heeft als Commandant der Strijdkrachten veel conflicten de revue zien passeren. Verreweg de grootste uitdaging? Klimaatverandering. Omgedoopt tot Klimaatgeneraal zet hij zich met veel passie in voor een beter klimaat met een mooi project rond water. Hij brengt een groot groen idee mee waarmee flink wat energie bespaart kan worden. Acteur/cabaretier Ruben van der Meer toont samen met actrice/zangeres Ricky Koole hoe we op verschillende manieren aanzienlijk minder huishoudelijk afval in huis kunnen halen.

Harm Edens: “Dat we samen een betere wereld moeten maken wordt steeds duidelijker. Gelukkig hoeven we niet te wachten op de wereldleiders en de multinationals, die veel te langzaam gaan. Zelf kunnen we namelijk ook heel veel doen. Elke goede keuze die we maken kan grote gevolgen hebben. Dus hebben we grote groene ideeën nodig, en gelukkig zijn die er genoeg. Hoe kan het beter qua kleding, voedsel, energie en afval? Je ziet het in Het Grote Groene Idee.”

Om de ecologische voetafdruk van het programma te minimaliseren zijn er decorstukken van Maestro, Zondag met Lubach en Holland’s Got Talent geleend om de set mee te verrijken en verfraaien. Een samenwerking die goed laat zien hoe belangrijk iedereen het vindt om na te denken over het klimaat.

Het Grote Groene Idee is een coproductie van HUMAN en CCCP TELEVISIE.

Het Grote Groene Idee, donderdag 3 november, 21.30 uur, HUMAN, NPO 1

Meer informatie

 

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Hyper-efficiënte elektrische auto’s kunnen een positieve bijdrage leveren aan de energietransitie én de benodigde investeringen in de energie-infrastructuur met maar liefst 2,2 miljard euro verlagen. Dit blijkt uit een studie van Lightyear, PwC Strategy& en Stedin. Hyper-efficiënte auto’s, zoals de Lightyear 0 – een zogenaamde zonnewagen met zonnepanelen op het dak – dringen de energievraag terug en hebben zodoende minder impact op het elektriciteitsnet.

Oplossing voor investeringsuitdaging

Om de enorme opgave van de energietransitie te realiseren, is het cruciaal te kijken naar mogelijkheden om investeringen in hernieuwbare opwekcapaciteit, netverzwaringen en laadpunten te minimaliseren. Uit de studie van Lightyear, PwC Strategy& en Stedin blijkt dat, wanneer in 2040 het Nederlandse wagenpark voor 20 procent uit hyper-efficiënte EV’s bestaat, dit maar liefst 2,2 miljard euro aan investeringen in de energie-infrastructuur kan besparen in de periode 2022 tot 2040.

“De besparing wordt gerealiseerd doordat er minder, maar ook minder krachtige laadstations nodig zijn. En doordat deze EV’s zuiniger zijn in energieverbruik, wat resulteert in minder CO2-uitstoot en lagere investeringen voor elektriciteitsopwekking. Daarnaast zorgt de lagere energievraag ervoor dat de netten van de netbeheerders minder verzwaard hoeven te worden”, verduidelijkt Paul Nillesen, partner bij PwC Strategy&. “Hyper-efficiënte EV’s kunnen dus een aanzienlijke bijdrage leveren aan het oplossen van de investeringsuitdaging in de Nederlandse energie-infrastructuur.”

Hyper-efficiënte EV’s ontlasten energie-infrastructuur

Binnen de energietransitie is de elektrificatie van mobiliteit een belangrijke drijver om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Maar om het groeiende aantal elektrische voertuigen (EV’s) met bijbehorende laadpunten in het jaar 2040 van stroom te voorzien is meer dan 15 terawattuur (TWh) extra elektriciteit nodig.

Tom Selten van Lightyear: “15 TWh extra is veel, daarmee kun je zo’n 6 miljoen Nederlandse huishoudens een jaar lang van stroom voorzien. Hyper-efficiënte auto’s zijn echter 50 procent efficiënter dan de gemiddelde EV in de huidige markt en kunnen zo effectief helpen het elektriciteitsnet te ontlasten; bijdragen door een lagere energievraag. Deze auto’s zijn gebouwd voor netonafhankelijkheid, laden op door de zon of, indien nodig, een gewoon huishoudelijk stopcontact. Ze hoeven minder vaak op te laden door een actieradius van 700 km en ze vragen kortere laadsessies.”

Slimme data Stedin onderschrijven belang

We gebruiken met z’n allen steeds meer elektriciteit en leveren tegelijk steeds meer duurzaam opgewekte energie terug aan het net. Daarbij neemt het aantal EV’s in Nederland toe, onder andere door de fiscale voordelen van elektrisch rijden. Naar verwachting rijden er in 2040 zo’n 5,8 miljoen elektrische auto’s rond in Nederland en logischerwijs groeit het elektriciteitsverbruik mee.

Om dit te faciliteren en de energietransitie in Nederland te versnellen zijn de komende decennia enorme investeringen in de energie-infrastructuur nodig. Alleen al tot 2050 is naar verwachting een investering in het elektriciteitsnet nodig van 102 miljard euro*.

David Peters, Chief Transition Officer (CTO) bij Stedin: “Nu worden traditionele verbrandingsmotoren in auto’s vervangen door elektromotoren. Daarmee wordt de auto wel ‘zero emission’, maar de elektriciteit voor die auto moet nog steeds worden opgewekt en getransporteerd. Dit vraagt enorme vermogens van het net. Oplossingen om daar slimmer en flexibeler mee om te gaan, juichen wij dan ook ontzettend toe. Uit de studie van PwC blijkt dat hyper-efficiënte EV’s een aanzienlijke bijdrage kunnen leveren in de beperking van pieken op het net, waardoor het net beter in balans blijft, er meer ruimte vrijkomt en er mogelijk voor miljarden euro’s minder aan maatschappelijk investeringen nodig zijn.’’

Om deze inzichten te krijgen, is gebruik gemaakt van een ‘digital twin’-model van het elektriciteitsnet van Stedin, waarvan de data zijn doorgetrokken naar de rest van Nederland. Alles over de studie van PwC weten? Lees de bevindingen: https://www.strategyand.pwc.com/nl/en/industries/energy-utilities/hyperefficient-evs.html

*Uit een eerdere studie van PwC bleek dat de drie grootste regionale netbeheerders en de beheerder van het landelijke hoogspanningsnetwerk tot 2050 gezamenlijk 102 miljard moeten investeren in het elektriciteitsnet en de regionale gasnetten. Het geld is nodig voor de aanleg van hoogspanningsverbindingen, ondergrondse kabels en transformatorstations. Ook is vanaf de Noordzee en aan de kust grootschalig transport nodig van elektriciteit uit windparken op zee. De jaarlijkse investeringen in het elektriciteitsnetwerk verdubbelen hiermee ten opzichte van de afgelopen tien jaar.

Foto: de Lightyear 0, een hyper-efficiënte elektrische auto met zonnepanelen op het dak

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Uitgeverij Haystack en The 2B Collective slaan de handen ineen met een unieke combinatie: een boek en een game. Na de succesvolle lancering van het boek De Klimaatalmanak hebben de uitgever en de ontwikkelaar van een online gamified leerplatform de lessen uit het boek vertaald naar interactieve challenges: quizvragen en acties die je kunt doen met behulp van het boek. Daarnaast is er een online community waarin mensen hun ervaringen en ideeën met elkaar kunnen delen. Dit maakt het leuk om te leren over klimaat en helpt om zelf in actie te komen na het boek gelezen te hebben. De game is zowel beschikbaar voor consumenten die het boek en de game kopen als voor bedrijven die een gamified leerprogramma met hun medewerkers willen doen.

The 2B Collective heeft samen met de Nederlandse co-editor Michel Porro het gamified leerprogramma ontwikkeld dat direct aansluit bij het boek De Klimaatalmanak: De Klimaatalmanak de game. De antwoorden op de vragen zijn te vinden door het boek te lezen en met de acties worden lezers aangezet tot verandering in hun dagelijks leven. Met dit spel worden ze uitgedaagd om niet alleen passief kennis op te nemen maar juist over te gaan tot actie. Daarnaast is er een online community waarin de spelers hun ideeën en oplossingen kunnen delen met anderen.

Een interactieve game maakt het lezen van De Klimaatalmanak niet alleen leuker, maar ook makkelijker. Het boek ‘De klimaatalmanak’ is onder leiding van initiatiefnemer Seth Godin geschreven door vrijwilligers uit de hele wereld. Ze beschrijven wat we weten over klimaatverandering: de oorzaken, de gevolgen en wat we eraan kunnen doen. De klimaatalmanak is de ultieme bron van feiten over klimaatverandering en het begin van een wereldwijde beweging om klimaatverandering aan te pakken.

De Klimaatalmanak i.c.m. de game is ook beschikbaar voor bedrijven om alle collega’s te activeren om in actie te komen voor het klimaat. Hier faciliteert The 2B Collective een enthousiast programma omheen. In zes weken leert de hele organisatie over klimaatverandering, de gevolgen ervan en manieren om hiernaar te handelen.

Meer informatie/bestellen

[ad_2]

Source link

Berichten paginering