[ad_1]

De investeringen (cash Capex) van Shell in de divisie Renewables and Energy Solutions (RES) bedroegen $ 3.5 miljard op een totaal van $ 24.8 miljard (14%), zo blijkt uit de vandaag gepubliceerde resultaten over het vierde kwartaal. Aangezien RES ook gas en carbon offsets omvat, liggen de werkelijke investeringen in hernieuwbare energiebronnen lager. Volgens Global Witness was het slechts 1.5% in 2021.

“Shell kan niet beweren in transitie te zijn zolang de investeringen in fossiele brandstoffen de investeringen in duurzame energiebronnen overschaduwen”, reageert Mark van Baal, oprichter van Follow This. “Het grootste deel van de investeringen van Shell blijft in fossiele brandstoffen, omdat het bedrijf geen doelstelling heeft om zijn totale CO2-uitstoot dit decennium drastisch te verminderen, wat nodig is om Parijs te halen.”

Gebrek aan doelstellingen leidt tot gebrek aan investeringen

“Om Parijs te halen moet de wereldwijde uitstoot tegen 2030 met 45% dalen; toch ontbreekt het Shell aan een doelstelling die leidt tot een grootschalige emissiereductie in 2030 (#); dit gebrek wordt weerspiegeld in de lage investeringen in duurzame energie. Met onze klimaatresoluties steunen wij Shell om emissiereductiedoelen te stellen die wel in lijn zijn met Parijsakkoord en dienovereenkomstig te investeren.”

(#) De huidige doelstelling van het bedrijf om het gemiddelde koolstofgehalte (Net Carbon Footprint (NCF)) van zijn energieproducten tegen 2030 met 20% te verminderen, is nog niet in lijn met Parijs; het zal niet leiden tot grootschalige (netto) reducties van de totale emissies in dit cruciale decennium.

Om deze lage investeringen in duurzame energie te camoufleren, schermt Shell met een verwarrend cijfer: Energy Transition Spend (energietransitie-uitgaven, een optelsom van Opex en Capex, zie hieronder).

Recordwinsten & aandeleninkoop: gebrek aan voorstellingsvermogen

“De huidige recordwinsten zouden gebruikt kunnen worden om de enorme investeringen in duurzame energie te doen die nodig zijn om de klimaatcrisis aan te pakken en de toekomst van het bedrijf zeker te stellen.”

“In plaats daarvan koopt Shell aandelen in. Aandeleninkoop toont een gebrek aan verbeeldingskracht in grootschalige investeringen in de energietransitie. Een bedrijf dat aandelen terugkoopt, zegt in feite tegen beleggers: ‘We weten geen betere bestemming voor dit geld dan het aan u terug te geven’.”

Aandeelhoudersresolutie op AVA zal duidelijkheid brengen

In mei zullen aandeelhouders opnieuw hun stem uitbrengen over de Follow This klimaatresolutie, die dit jaar gefocust is op de Scope 3 (product) emissies in 2030 – die ongeveer 95% van de totale emissies van Shell uitmaken; zoals gerapporteerd door de Financial Times (Activist group Follow This launches climate campaign against Big Oil), ReutersBloomberg, en Responsible Investor op december 19, 2022.

“Deze focus zal duidelijkheid brengen over welke investeerders vastbesloten zijn om de belangrijkste voorwaarde van Parijs te halen – het terugdringen van de emissies dit decennium – en welke investeerders Big Oil toestaan deze belangrijke voorwaarde te negeren”, legt Van Baal uit.

Shells rookgordijn: Energy Transition Spend
Om de lage investeringen in duurzame energie te camoufleren, schermt Shell met een Energy Transition Spend van een derde van de totale uitgaven (investeringen (Capex) en operationele uitgaven (Opex) bij elkaar opgeteld). Het samenvoegen van investeringen en operationele uitgaven is verwarrend: Opex is een indicator van de huidige activiteiten; Capex is voor de meeste beleggers een indicator van de toekomstige activiteiten.

Verder is het cijfer Energy Transition Spend om andere redenen problematisch: Ten eerste geeft Shell geen details om aandeelhouders de kans te geven het cijfer te verifiëren. Ten tweede is de definitie erg breed; zo vallen hieronder bijvoorbeeld ook Chemicaliën, Smeermiddelen, Convenience Retail en low carbon brandstoffen. Ten derde is het vrij ongeloofwaardig dat een bedrijf zoveel Opex-uitgaven doet (ongeveer 45% om tot 1/3 van de Opex en Capex te komen) zonder duidelijkheid te geven over de inkomsten en financiële resultaten van deze activiteiten.Ten slotte, als Opex-uitgaven een investering zouden zijn, zouden zij onder Capex moeten worden gerapporteerd. Volgens algemeen aanvaarde boekhoudkundige beginselen zijn Opex-uitgaven uitgaven zonder of met zeer onzekere economische voordelen buiten het verslagjaar.

“Samen met grote beleggers blijven we Shell steunen om zijn volle gewicht achter de energietransitie te zetten.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Tarkett, wereldleider op het gebied van innovatieve en duurzame vloer- en sportvloeroplossingen, kondigde in januari zijn op wetenschap gebaseerde kortetermijndoelstellingen voor het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen aan, goedgekeurd door het Science Based Targets-initiative (SBTi) .

Tarkett verbindt zich ertoe om tegen 2030 50% minder totale broeikasgassen (BKG) van scope 1 en 2 uit te stoten, ten opzichte van basisjaar 2019. Tarkett legt zich eveneens op om de scope 3 BKG-uitstoot van aangekochte goederen en diensten en de verwerking van afgedankte verkochte producten binnen hetzelfde tijdsbestek te verminderen met 27,5% . Dit is volledig in lijn met de doelstelling van het Klimaatakkoord van Parijs om de opwarming van de aarde te beperken.

Over het algemeen streeft Tarkett’s klimaatroutekaart naar een vermindering van 30% van de uitstoot van broeikasgassen in de hele waardeketen tegen 2030, inclusief de uitstoot van scope 3, die 90% van de totale broeikasgasuitstoot van Tarkett vertegenwoordigt.

“We moeten dringend ingrijpen tegen de klimaatverandering”, zegt Arnaud Marquis, Chief Sustainability & Innovation Officer bij Tarkett. “De nieuwste klimaatwetenschap toont aan dat het nog steeds mogelijk is om de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C, maar we komen gevaarlijk dicht in de buurt van die drempel. Wij beschouwen het stellen van klimaatdoelen als een win-winsituatie voor de hele waardeketen – ze helpen ons om onze eigen uitstoot van broeikasgassen en die van onze klanten te verminderen. Bij Tarkett werken we samen met onze belanghebbenden om de basisregels samen te veranderen. Minder afval en een lagere uitstoot zijn de twee fundamentele principes waaraan we werken om de hele bouwsector te veranderen. Deze goedkeuring door het SBTi bewijst nogmaals dat onze klimaatambitie de juiste is!”

In december 2022 behaalde Tarkett een A-score (leiderschapsniveau) op CDP, ’s werelds belangrijkste klimaatprestatie- en rapportageplatform. Tarkett is hierdoor in 2022 de enige vloerenfabrikant die op CDP die hoge mate van klimaatvolwassenheid heeft bereikt. Meer dan 18.700 bedrijven ter waarde van 60,8 biljoen USD – de helft van de wereldwijde marktkapitalisatie – maakte in 2022 milieu- en klimaatgegevens bekend via CDP.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Energieneutraal ondernemen is een actueel thema. De druk bezochte bijeenkomst voor Drentse ondernemers over dit onderwerp is hiervan het bewijs. Ongeveer 125 belangstellenden lieten zich gistermiddag informeren en inspireren door mede-ondernemers en adviseurs op het gebied van duurzaamheid en energie besparen. De bijeenkomst, in het kader van het Perspectief op bestemming Drenthe 2030, is een initiatief van provincie Drenthe, Marketing Drenthe en Recreatieschap Drenthe.

De bijeenkomst werd geopend door gedeputeerde vrijetijdseconomie Henk Brink: “De urgentie om te verduurzamen is groot. Bij sommigen van jullie, waaronder de sprekers en ondernemers in de zaal, zit duurzaamheid of circulariteit in het bloed. Bij anderen is er een noodzaak vanwege de hoge energieprijzen en nieuwe inzichten. We dragen allemaal ons steentje bij aan bestemming Drenthe en de doelen die we moeten en willen behalen.”

Tijdens de bijeenkomst werden er ervaringen gedeeld van ondernemers die al duurzaam en energieneutraal ondernemen. Daarnaast kwamen er experts aan het woord over hoe verduurzamen in zijn werk gaat, waar je mee kunt starten en welke regelingen en leningen er zijn. Er was bijvoorbeeld aandacht voor het provinciale programma Ik Ben Drents Ondernemer (IBDO), de MKB advies voucher, de MKB-energiescan, het Energiefonds Drenthe en de aankondiging van een nieuwe energiebesparingsregeling die vanaf 28 februari open gaat.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Op 30 januari is de Universiteitsbrede Academische Werkplaats Klimaat en Energie officieel van start gaan. Daarin gaan Tilburg University, Avans Hogeschool, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, Gemeente Tilburg, Essent, Alliander, Heijmans en Stedin een meerjarige samenwerking aan om de klimaatcrisis aan te pakken. Niet de technologische maar de sociale innovatie die nodig is om de energietransitie te versnellen staat in deze samenwerking voorop.

De klimaatcrisis heeft ernstige gevolgen voor individuen en gemeenschappen over de hele wereld. Technologische vooruitgang kan bijdragen aan klimaatoplossingen en vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, maar technologie alleen is niet genoeg. De aanpak van de klimaatcrisis vereist een transitie van de hele samenleving, en sociale innovaties zijn daarbij net zo essentieel als technologische innovaties.

Sociale innovatie

Er is maatschappelijk gezien een groeiende behoefte aan omdenken, om sneller af te kunnen stappen van fossiele brandstoffen, aan innovatieve bedrijfsmodellen en financieringsinstrumenten om een duurzame economie tot stand te brengen. De Werkplaats wil ervaringen en nieuwe ideeën uitwisselen, bijvoorbeeld over welke slimme interventies het gedrag van burgers en bedrijven kunnen veranderen die mogelijk ook vragen om nieuwe wet- en regelgeving en over inclusief beleid om ervoor te zorgen dat de energietransitie betaalbaar is voor iedereen.

Maatschappelijke samenwerking

Voortbouwend op een lange traditie van sociaal-wetenschappelijk onderzoek op het gebied van duurzaamheid, circulaire economie en energietransitie, hebben onderzoekers vanuit verschillende disciplines en faculteiten van Tilburg University samen met publieke en private partners hun krachten gebundeld in de Universiteitsbrede Academische Werkplaats Klimaat en Energie.

De academische werkplaats is een experimenteer, leer- en innoveeromgeving waarin samen wordt gewerkt in de vorm van onderzoek rondom concrete projecten, training-on-the-job, publicaties voor een breed publiek, en het ontwikkelen van praktische tools die kunnen helpen bij het realiseren van een sociale en slimme energietransitie.

Universiteitsbrede academische werkplaatsen

Binnen Tranzo, het wetenschappelijk centrum voor zorg en welzijn van Tilburg University, bestaan al jaren diverse succesvolle academische werkplaatsen. In navolging daarvan kent Tilburg University vier Universiteitsbrede Academische Werkplaatsen: Inclusieve Arbeidsmarkt, Klimaat & Energie, Digital Health and Mental Wellbeing en Brede Welvaart. De werkplaats Klimaat & Energie wordt aangestuurd door hoogleraar Economic Regulation and Market Governance of Network Industries Saskia Lavrijssen en hoogleraar Bestuurskunde Martijn Groenleer.

Avans Hogeschool, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, Gemeente Tilburg, Essent, Alliander, Heijmans en Stedin zijn de eerste partners van de Universiteitsbrede Academische Werkplaats Klimaat en Energie. Het is de verwachting dat er in de komende maanden nog andere partners aansluiten.

Meer informatie

[ad_2]

Source link

[ad_1]

In het CxO Sustainability Report van dit jaar ‘Accelerating the Green Transition’ stelt Deloitte vast dat C-suite leiders van organisaties van elke omvang en in alle sectoren duurzaamheid zeer serieus blijven nemen. Klimaatverandering blijft het meest besproken onderwerp voor hun organisaties. En hoewel de meeste CxO’s geloven dat de wereld economische groei kan realiseren en tegelijkertijd klimaatdoelstellingen kan bereiken, gaapt er een kloof tussen geloof, actie en impact.

Nederland heeft vergelijkbare nationale problemen als veel andere landen, vooral die in Europa. CxO’s is gevraagd de meest urgente problemen voor hun organisaties te rangschikken. Veel van hen plaatsen klimaatverandering in de top drie van problemen, nog vóór innovatie, concurrentie bij het behouden en werven van talent, en supply chain-uitdagingen. Bovendien gaf 75 procent van de CxO’s wereldwijd aan dat hun organisaties hun duurzaamheidsinvesteringen het afgelopen jaar hebben verhoogd. Voor Nederland ligt dit percentage met 77 procent zelfs iets hoger.

Nederland heeft vergelijkbare uitdagingen als veel andere (Europese) landen. Naast klimaatverandering zijn de concurrentie om talent en grote maatschappelijke crises als ongelijkheid en voedselonzekerheid in Nederland sterker voelbaar dan wereldwijd. Talentproblemen worden gezien als het op één na meest urgente probleem om op te focussen, en sociale crises komen op een goede derde plaats. Nederlandse CxO’s zien ook zakelijke problemen op korte termijn (29% vs. 18% wereldwijd), de afwezigheid van een toegewijde duurzaamheidsfunctionaris (20% vs. 10% wereldwijd), gebrek aan buy-in op het hoogste niveau (18% vs. 10 % wereldwijd), plus het gebrek aan vraag van klanten naar duurzame goederen en diensten (18% versus 12% wereldwijd) als de belangrijkste obstakels voor duurzaamheidsverandering.

Bezorgdheid over klimaat is toegenomen, maar toch is er optimisme

Bijna elke ondervraagde CxO meldt dat hun organisatie het afgelopen jaar de gevolgen van klimaatverandering heeft gevoeld. Nederlandse CxO’s gaven emissiebepalingen aan als het grootste probleem dat van invloed is op hun bedrijven (45 procent), terwijl 44 procent de operationele impact van klimaatgerelateerde rampen/weersomstandigheden als grootste zorg noemt. Wereldwijd noemen CxO’s grondstoffenschaarste als het grootste probleem dat van invloed is op hun organisatie (46 procent).

Ondanks deze zorgen, bestaat er bij 78 procent van de CxO’s wereldwijd, en bij 84 procent van de Nederlandse CxO’s, toch enig optimisme dat de wereld voldoende stappen onderneemt om de ergste gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan. Opvallend is dat 84 procent van de CxO’s wereldwijd en 91 procent van de Nederlandse CxO’s bovendien overtuigd is dat het behalen van klimaatdoelen het realiseren van economische groei niet in de weg staat.

Toegenomen eisen van stakeholders

Dit onderzoek toont de druk die organisaties voelen om actie te ondernemen tegen klimaatverandering. Net als hun wereldwijde tegenhangers, voelen Nederlandse CxO’s een matige tot grote druk van stakeholders om actie te ondernemen tegen klimaatverandering.

Waar het wereldwijde gemiddelde ligt op 65 procent, geeft ongeveer de helft van de Nederlandse CxO’s (56 procent) aan dat de veranderende regelgeving en werknemersactivisme in het afgelopen jaar bij hun organisatie aanleiding is geweest voor meer duurzaamheidsacties.

Organisaties ondernemen actie

De samenstelling van de Nederlandse economie per sector lijkt een rol te spelen in de afwijkende mening ten opzichte van de wereldwijde resultaten. Met een sterke bankensector, aanzienlijke consumentenmarkten en een sterke focus op ERI (energie, hulpbronnen en infrastructuur), komen duurzaamheidsfactoren vaker voor in de bedrijfsplanning in Nederland.

Ondanks de meer lokale focus, scoort klimaatverandering hoger (45 procent) als een probleem voor Nederlandse CxO’s dan voor hun wereldwijde tegenhangers (42 procent), en heeft 77 procent van onze organisaties (wereldwijd 75 procent) meer geïnvesteerd in duurzaamheid. De onderliggende boodschap is daarom positief, maar dit heeft zich niet altijd vertaald in het soort tastbare actie dat in andere delen van de wereld wordt gezien. Van de Nederlandse CxO’s lijkt 55 procent vooral in te zetten op het gebruik van energiezuinige of klimaatvriendelijke machines, technologieën en apparatuur, terwijl wereldwijd 59 procent van de CxO’s meer prioriteit geven aan het gebruik van duurzamere materialen en efficiënter energieverbruik. Daarnaast koppelen Nederlandse CxO’s de beloning van het topmanagement vaker aan prestaties (47 procent) op het gebied van milieuduurzaamheid dan hun collega’s wereldwijd (33 procent).

 

 

Nederlandse CxO’s zien het werven/behouden van werknemers, merkherkenning en reputatie, innovatie en klanttevredenheid als de belangrijkste voordelen van hun huidige duurzaamheidsinspanningen. Wereldwijd ligt de nadruk op merkherkenning en reputatie, klanttevredenheid en innovatie.

Methodologie

Het rapport is gebaseerd op een enquête onder 2.016 C-level executives. In de enquête, in september en oktober 2022 uitgevoerd door KS&R Inc. en Deloitte, zijn respondenten uit 24 landen geïnterviewd: 48 procent uit Europa / Midden-Oosten / Zuid-Afrika; 28 procent uit Noord- en Zuid-Amerika; en 24 procent uit Azië-Pacific. De steekproef omvat alle belangrijke bedrijfstakken. Daarnaast hebben KS&R en Deloitte vooraf geselecteerde, wereldwijde marktleiders één-op-één geïnterviewd.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

North Sea Port, ArcelorMittal Belgium en alle havenbedrijven dienen tegen 2050 een klimaatneutrale haven te realiseren. Dat gebeurt door de CO2-uitstoot te verminderen en de circulaire economie verder te ontwikkelen. Daarvoor wordt in Gent het bedrijventerrein North-C Circular ontwikkeld.

De ontwikkeling van het bedrijventerrein North-C Circular is een samenwerking tussen North Sea Port en ArcelorMittal Belgium. Samen ontwikkelen ze op de rechteroever van het Kanaal Gent-Terneuzen in Gent een industrieterrein. Het terrein ligt tussen het Rodenhuizedok, de havenringweg R4, en de site van ArcelorMittal Belgium. Het maakt deel uit van het afgebakende havengebied dat is bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven. De bedoeling is om dit 150 hectare grote terrein bouwrijp te maken, in te richten met basisinfrastructuur zoals nutsvoorzieningen, te ontsluiten via de weg, het spoor en het water, en in te vullen met bedrijven die zich richten op circulaire activiteiten.

Brownfieldconvenant om onderbenutte gronden te gebruiken

Voor het volledige terrein is een brownfieldconvenant in de maak tussen North Sea Port, ArcelorMittal Belgium en de Vlaamse overheid. Op 40 hectare van dit gebied liggen historische baggerdepots die de directe ontwikkeling van het terrein verhinderen. Met het convenant kunnen deze onderbenutte gronden op een grondige en gestructureerde wijze worden omgezet in een bedrijventerrein en verder worden gebruikt. De bijhorende boscompensatie zal zoveel als mogelijk in de nabije omgeving uitgevoerd worden.

North Sea Port en ArcelorMittal Belgium werken aan klimaatneutrale haven

Als het bedrijventerrein klaar is, kunnen er zich economische activiteiten vestigen die zich richten op de vermindering van de CO2-uitstoot, de energietransitie van fossiele naar hernieuwbare grondstoffen, circulaire economie en samenwerkingen met bedrijven in de omgeving. Deze bedrijven dragen dan bij tot het klimaatneutraal maken van de haven en ArcelorMittal Belgium.

“North Sea Port dient immers tegen 2050 een klimaatneutrale haven te zijn. Tegen 2025 al wil de haven 3 miljoen ton CO2 afvangen voor opslag en hergebruik. En tegen 2030 wil het de helft minder CO2 uitstoten om tegen 2050 naar een volledige reductie te gaan”, aldus CEO van North Sea Port Daan Schalck. Daarnaast wil de haven tegen 2025 150 hectare grond klaar hebben voor circulaire projecten. Tegen dan wil de haven ook 10 circulaire activiteiten met innovatieve technologieën of processen aantrekken die sectoren als chemie en staal moeten toelaten om de transitie naar een klimaatneutrale haven te maken.

“ArcelorMittal Belgium heeft een passie voor duurzaamheid en circulariteit en speelt een absolute voortrekkersrol in de industrie op het gebied van de klimaattransitie”, vertelt CEO Manfred Van Vlierberghe. ArcelorMittal Belgium is volop bezig met de uitvoering van een actieplan om de CO2-emissie met 35% te verminderen tegen 2030 (ten opzichte van 2018) en om klimaatneutraal te worden tegen 2050. Dit actieplan bestaat uit drie assen.

Een eerste is de verdere verbetering van materiaal- en energie-efficiëntie.

De tweede as is de omarming van waterstof als reductiemiddel. ArcelorMittal Belgium heeft 2 hoogovens die hoofdzakelijk koolstof inzetten om zuurstof uit het ijzererts te halen. Eén hoogoven zal worden vervangen door een installatie die gebruik maakt van aardgas en waterstof om ijzererts te reduceren. Deze investering bestaat uit een DRI-installatie (Direct Reduced Iron) en 2 elektrische smeltovens.

De derde en laatste as van het actieplan is de ontwikkeling van ‘Smart Carbon concepten’ in het hart van de circulaire economie. ArcelorMittal Belgium vervangt fossiele koolstof door groene en circulaire koolstof: de inzet van afvalhout van containerparken via het Torero-project is hiervan een voorbeeld. ArcelorMittal Belgium is eveneens actief op het vlak van de afvang en gebruik van CO2 (Carbon Capture and Utilization (CCU)). Zo zal de Steelanol-installatie staalgassen omzetten in 80 miljoen liter duurzame ethanol per jaar. ArcelorMittal Belgium werkt, in het kader van de afvang en opslag van CO2 (Carbon Capture and Storage (CCS)), samen met de Belgische gasnetbeheerder Fluxys en North Sea Port aan een studie voor het vloeibaar maken van CO2 en het bouwen van een CO2-hub.

“De ontwikkeling van North-C Circular is een essentiële stap in de verdere ontwikkeling van deze Smart Carbon-concepten”, besluit CEO Manfred Van Vlierberghe.

Eerste spadesteek eind 2024

In het voorjaar van 2023 zal er een informatie- en inspraakmoment voor omwonenden en bedrijven plaatsvinden. Naar verwachting zal het definitief brownfieldconvenant er tegen zomer 2023 zijn, na goedkeuring door alle betrokken partijen. Hierna kan in 2023 en 2024 de voorbereiding van de projectuitvoering gebeuren (studies, opmaak Masterplan, Milieueffectenrapport, omgevingsvergunning). Momenteel is voorzien om eind 2024 de eerste spade in de grond te steken. Dat is de start van het bouwrijp maken van het terrein, de aanpak van de baggerdepots, de aanleg van de basisinfrastructuur, en de ontwikkeling van het bedrijventerrein met aandacht voor buffering en landschappelijke inpassing. De inrichting van het terrein zal een tiental jaar in beslag nemen.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Amsterdam gaat een nieuwe stap zetten ten aanzien van bedrijven waarvan de stad aandelen heeft. Deze zogeheten “deelnemingen” moeten jaarlijks gaan rapporteren over de CO2-uitstoot, en over hoe ze die omlaag gaan brengen. Dit D66-voorstel is gisteren aangenomen in de gemeenteraad. D66-raadslid Erik Schmit: “Een belangrijke, en essentiële, stap die naadloos aansluit op de duurzaamheidsvisie van D66. Door de duurzaamheidskar te trekken, willen wij het bedrijfsleven en andere gemeenten inspireren om vergelijkbare stappen te zetten.”

Zorg voor transparantie

Als aandeelhouder beslist de gemeente niet over de dagelijkse gang van zaken van de onderneming; dat is een taak van de directie van de deelneming. Wel heeft de gemeente als aandeelhouder bevoegdheden om te zorgen dat het publiek belang goed gediend wordt. Het doel is om de CO2-uitstoot in Amsterdam met 60% te verlagen in 2030, hierbij is het van essentieel belang dat ondernemingen transparant rapporteren over hun CO2-emissie. Maar op dit moment rapporteren slechts acht van de vierentwintig Amsterdamse deelnemingen over hun CO2-emissie. Collega D66-raadslid Rob Hofland: “Het is 2023 en het lijkt mij volkomen logisch dat alle deelnemingen duidelijk zijn over hoeveel ze uitstoten en dat ze ook laten zien hoe zij met spoed hun CO2-uitstoot terugbrengen.”

Breng CO2-uitstoot terug

Als een Amsterdamse deelneming meer dan 500 ton CO2 per jaar uitstoot, dan dient die vanaf volgend jaar duidelijke doelen te stellen hoe ze de CO2-uitstoot gaat verminderen. Het gaat hierbij om een plan van aanpak voor de korte en middellange termijn. Erik Schmit: “De grote CO2-uitstoters maken meer impact, hierdoor is hun verantwoordelijkheid ook groter. Daarom gaat Amsterdam hen nu vragen om deze verantwoordelijkheid ook te nemen. Op deze manier slaan we de handen ineen om het doel 60% minder CO2-uitstoot in Amsterdam te realiseren.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Onder grote belangstelling van ruim 250 genodigden heeft Zijne Majesteit de Koning vanmiddag de nieuwe batterijfabriek van ELEO geopend. Met behulp van een elektrische graafmachine onthulde Koning Willem-Alexander de eerste batterijmodule geproduceerd in de nieuwe fabriek, waarmee de officiële opening een feit was.

Sinds de oprichting in 2017 heeft ELEO zich toegelegd op het ontwikkelen en produceren van hoogwaardige batterijsystemen voor een breed scala aan toepassingen, waaronder bouw- en landbouwmachines en commerciële voertuigen. Met de opening van de nieuwe fabriek vertienvoudigt de batterijproductiecapaciteit naar zo’n 10,000 pakketten per jaar.

“De opening van onze nieuwe fabriek is een feestelijk moment voor ons hele team en daarom zijn we ook bijzonder trots dat Koning Willem-Alexander de fabriek officieel geopend heeft,” zegt Bas Verkaik, medeoprichter bij ELEO. “Met de nieuwe fabriek zijn we in staat om onze productiecapaciteit aanzienlijk te vergroten, wat belangrijk is om aan de groeiende vraag naar onze batterijpakketten te kunnen voldoen. Daarnaast geldt deze fabriek als een blauwdruk voor verdere internationale opschaling de komende jaren.”

Na de officiële opening heeft Koning Willem-Alexander een rondleiding gekregen door de nieuwe fabriek, waarin hij uitleg heeft gekregen over het productieproces van de batterijsystemen en meerdere werknemers heeft gesproken over hun werkzaamheden bij ELEO.

De nieuwe fabriek is uitgerust met hoogwaardige machines om een geautomatiseerde productie mogelijk te maken. De faciliteit beschikt over een oppervlakte van 3,000 m2, met de mogelijkheid in de nabije toekomst verder op te schalen.

Met de opening van de nieuwe batterijfabriek start ook de productie van ELEO’s nieuwe generatie batterijen. Deze producten zijn specifiek ontwikkeld voor industriële voertuigen en machines en biedt fabrikanten de flexibiliteit om de specificaties van het batterijpakket aan te passen aan de hand van de eisen van de applicatie.

Over ELEO

ELEO is opgericht in 2017 door oud-studenten van de Technische Universiteit Eindhoven, waar de oprichters een revolutionaire elektrische motorfiets ontwikkelden om in 80 dagen mee de wereld rond te rijden. Sinds haar oprichting heeft ELEO zich toegewijd aan de missie om hoogwaardige batterijsystemen toegankelijk te maken voor een breed scala aan industriële toepassingen

Vanuit die visie heeft ELEO een modulair batterijsysteem ontwikkeld dat zich onderscheidt door het geavanceerde batterijmanagementsysteem (BMS) en innovatief thermisch beheersysteem. Dit brengt aanzienlijke voordelen met zich mee op het gebied van veiligheid, betrouwbaarheid en levensduur. In april 2022 verwierf de Japanse multinational Yanmar een meerderheidsbelang in het bedrijf.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Verstegen Spices & Sauces is de winnaar van de EZK Energy Award 2022. Daarmee zijn zij het meest onderscheidend bedrijf op het gebied van energiebesparing, duurzame energieopwekking en gebruik van hernieuwbare warmte. Ook gemeente Middelburg ontvangt een Energy Award voor haar duurzaamheids- en klimaatdoelen, energiebesparing en warmtetoepassing als energiebron. Vandaag, 26 januari, reikte juryvoorzitter Michel Heijdra de EZK Energy Award 2022 uit. Dit gebeurde op de netwerkbijeenkomst van het EZK-evenement: ‘Partners in energie-uitdagingen’ in Hilversum.

Verstegen Spices & Sauces

De jury zegt het volgende over de winnaar: “Verstegen Spices & Sauces is veranderd naar een duurzaam totaalconcept. Het heeft stap voor stap, samen met de netbeheerder, processen naar elektrisch omgebouwd. Hierdoor werkt Verstegen in 2023 vrijwel gasloos. Verstegens aanpak met de lokale netbeheerder is daarnaast breder toepasbaar.”

Video’s over de duurzame inspanningen van Verstegen Spices & Sauces en de andere genomineerden, zijn te bekijken op de website van het EZK Evenement.

Energy Award voor gemeente Middelburg

Heijdra reikte donderdag ook een Energy Award voor gemeenten uit. Deze prijs is voor een gemeente die zich onderscheidt met duurzaamheids- en klimaatdoelen, energiebesparing en warmtetoepassing als energiebron.

De gemeente Middelburg scoorde het hoogst (meer dan 95%) van de bedrijven die op basis van de Wet milieubeheer een rapport indienden voor de informatieplicht energiebesparing.

De Middelburgse wethouder Jeroen Louws vertelt: “Persoonlijk contact is het sleutelwoord om bedrijven en instellingen te helpen verduurzamen. Door met elkaar in gesprek te gaan, maak je mensen niet alleen bewust van het energieverbruik, maar kom je ook snel tot inzicht welke mogelijkheden er zijn om energie te besparen”.

Andere genomineerden

Naast Verstegen Spices & Sauces waren Bakkerij Carl Siegert en De Noord-Hollands Bierbrouwerij genomineerd. Een eervolle vermelding was er voor Dorpsmolen Reduzum. De jury bedankt alle bedrijven voor hun inspirerende inzendingen en feliciteert Verstegen Spices & Sauces met de winst.

Criteria

De jury vond 3 dingen belangrijk:

  1. een duidelijke verduurzaming van het energieverbruik
  2. een ondernemende en/of slimme toepassing van technieken
  3. een brede toepasbaarheid en de mogelijkheid om andere organisaties te inspireren.

“De 3 genomineerden zijn voorbeelden van vooruitstrevende samenwerking met de omgeving, maatschappelijk relevant en vernieuwend in het vinden van deze samenwerking. Het zijn voorlopers die laten zien hoe je de energiehuishouding verduurzaamt”, aldus Heijdra.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Bij opslag van zonne-energie in woonhuizen wordt meestal gedacht aan thuisbatterijen. Een mooie technologie, maar erg duur. Startup Solyx introduceert de Water Accu, om zonne-energie betaalbaar op te slaan in warm water. De Water Accu bestaat uit het product van Solyx Energy, en een gewone elektrische boiler. Bijkomend voordeel: het bespaart huishoudens gas!

Waarom zonne-energie opslaan?

Gemiddeld gebruiken huishoudens maar 31% van de zonne-energie. Zonnepanelen wekken rond het middaguur het meeste op, terwijl het elektriciteitsverbruik vooral in de ochtend en avond plaatsvindt. Het opslaan en slimmer benutten van zonne-energie wordt steeds belangrijker. De salderingsregeling wordt vanaf 2025 afgebouwd. Teruglevertarieven worden op dit moment door veel energieleveranciers verlaagd. Daarnaast hebben netbeheerders baat bij oplossingen die netcongestie verminderen. Op mooie dagen komt het steeds vaker voor dat omvormers worden afgeschakeld door piekbelasting van zonnepanelen. Het slimmer benutten en opslaan van zonne-energie is dus beter voor het klimaat en de portemonnee!

Waarom energie opslaan in water?

De thuisbatterij wordt gezien als dé oplossing om energie op te slaan, maar door de hoge investering (gemiddeld €5.000) en de salderingsregeling, is dit (nog) niet rendabel. Daarnaast is elektriciteit eigenlijk een relatief klein deel van de totale energievraag. 80% van de energievraag is warmte, voor verwarming en warm water. In Nederland wordt dit meestal voorzien door de CV-combiketel, die gas verbruikt. Startup Solyx introduceert daarom een inventieve oplossing: onbenutte zonne-energie die normaal gezien terug wordt geleverd aan het net, wordt gebruikt om water te verwarmen in een elektrische boiler. “Zonde toch, dat overdag zonne-energie het net op gaat, terwijl in de ochtend en avond gas wordt gebruikt voor een warme douche?”, stelt medeoprichter Emma Snaak (29).

Hoe werkt de Water Accu?

De Solyx Water Accu bestaat uit twee onderdelen: een elektrische boiler en de Solar iBoost. Emma legt uit: “Normaal gesproken staan elektrische boilers óf uit óf aan op vol vermogen. De Solar iBoost meet hoeveel onbenutte zonne-energie er terug het net op gaat, en stuurt de boiler aan met exact die hoeveelheid energie. Een vaatwasser of waterkoker kunnen niet half aan, maar het verwarmingselement in een boiler wel, die gaat gewoon harder of zachter verwarmen.” De Solar iBoost kost 595 euro, en een elektrische boiler kost zo’n 600 euro. De investering ligt dus ver onder alternatieven als de zonneboiler en thuisbatterij, en is terugverdiend in zo’n 5 jaar. “Een gezin van 4 personen kan zo’n 338 euro per jaar besparen met de huidige gasprijzen, en vanaf 2025 neemt dit jaarlijks fors toe door de afbouw van de salderingsregeling. Je krijgt geen elektriciteit terug, maar de Solyx Water Accu is breed toepasbaar en een directe, eenvoudige verbetering!”

Over Solyx Energy

Solyx Energy is begin 2022 opgericht door Emma Snaak en vader Hans Snaak. Beide waren werkzaam in de elektrische mobiliteit. Emma werkte bij Tesla en elektrische-vliegtuigbouwer Lilium. “Voor elektrische auto’s zijn we ondertussen voorbij het kritieke punt: elektrisch rijden wordt gewoon de norm. Dus ik vond het tijd voor een nieuwe uitdaging. Zonne-energie is fantastisch, en er zijn nog zoveel kansen voor het verslimmen van huishoudens!” Het ondernemerschap komt niet van een vreemde: vader Hans pionierde succesvol met zijn bedrijf Ratio Electric, in het opladen van elektrische auto’s en boten. “Stilzitten na de verkoop van zijn bedrijf zat er natuurlijk niet in! Ik leer een hoop van m’n vader, en we vullen elkaar goed aan”, aldus Emma.

[ad_2]

Source link

Berichten paginering