[ad_1]

Roompot neemt dit jaar bewust niet meer deel aan de Warmetruiendag. De vakantieaanbieder steunt het duurzame initiatief. Een analyse van de vorige deelnames leerde Roompot dat het laten afkoelen en weer opwarmen van de duurzame kantoren meer energie vraagt dan het op peil houden van een constante temperatuur.

CO2-voetafdruk en restafval halveren

Roompot is een milieubewust bedrijf dat tal van duurzame initiatieven omarmt. Daarbij legt de vakantieaanbieder de focus op initiatieven waarmee het zijn CO2-voetafdruk en het restafval kan halveren tegen 2030. Enkele voorbeelden hiervan zijn een miljoeneninvestering in zonnepanelen, het scheiden van afval en zijn leidende rol tijdens de World Cleanup Day. Met het laatste steunt Roompot ook acties die een positieve impact hebben en het milieubewustzijn van iedereen versterken.

Vorige deelnames aan Warmetruiendag

Vanuit die laatste motivatie nam Roompot de voorbij jaren telkens deel aan de Warmetruiendag. Op het hoofdkantoor van Roompot in Goes werd die dag de verwarming twee graden lager gezet. Door minder te verwarmen verwachtte ook Roompot zijn steentje bij te dragen tot een lagere CO2-uitstoot en iedereen wat bewuster te maken.

Een analyse van de resultaten leerde Roompot dat het verlagen van de verwarming slechts een minimaal effect heeft op zijn al beperkte uitstoot en dat die inspanning daags erop volledig verloren gingen wanneer de verwarming extra moest werken om de temperatuur weer op peil te krijgen.

Aan de bron ligt dat het hoofdkantoor van Roompot uiterst energie-efficiënt en geïsoleerd is. Het A++ gecertificeerde gebouw maakt gebruik van groene energie en recupereert warmte om zo zijn CO2-voetafdruk zo laag mogelijk te houden.

Roompot zal daarom niet deelnemen aan de Warmetruiendag op 11 februari. Het bedrijf zal zich uiteraard blijven inzetten om zijn CO2-voetafdruk verder te verlagen en is ervan overtuigd dat de Warmetruiendag wel een positief effect heeft bij andere bedrijven.

 

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Gasunie, energie-infrastructuurbedrijf en beheerder van het Nederlandse gasleidingnetwerk, en Perpetual Next, wereldleider op het gebied van torrefactie-technologie, hebben een 50/50 joint venture overeenkomst gesloten om het project Torrgas Delfzijl verder te ontwikkelen en te realiseren. Het gezamenlijke voornemen is om een nieuwe fabriek te bouwen, die in de toekomst vanuit syngas op duurzame wijze groen gas kan produceren en distribueren. Hierdoor is er geen afhankelijkheid meer van fossiele grondstoffen. De verwachting is dat de bouw van de fabriek in het najaar van 2022 van start gaat. Met de eerste fase van dit project is een investering gemoeid van circa EUR 60 miljoen. Deze investeringsbeslissing volgt later dit jaar. De fabriek zorgt in eerste instantie voor een directe werkgelegenheid van vijftien banen.  

Beide bedrijven hebben voor dit project samen het voornemen om de fabriek in het chemiecluster Delfzijl – onderdeel van Chemport Europe – te bouwen. Perpetual Next neemt hierna de verantwoordelijkheid voor het beheren en bedrijven van de installatie. Gasunie zal de distributie van de gassen verzorgen die – ondergronds – via het landelijke netwerk aan de bebouwde omgeving en industrie worden geleverd. De fabriek – die naar verwachting in 2024 in gebruik genomen gaat worden – start met een groen gas productie van 12 miljoen m3 per jaar. Mogelijk wordt dit snel opgeschaald naar 40 dan wel 120 miljoen m3 groen gas per jaar.

Meervoudige chemische toepassingen zonder fossiele grondstof

De fabriek zal gebruik maken van een hernieuwbare grondstof. Perpetual Next bezit de technologie om organische reststromen, groenafval en sloophout via torrefactie om te zetten in hoogwaardig hernieuwbare grondstof. Deze wordt aangevoerd per binnenvaartschip naar de fabriek. Door deze grondstof vervolgens in twee verhittingsstappen te vergassen, een ontwikkeling van technologie-partner Torrgas, ontstaat syngas. Syngas vormt een basis voor vele chemische toepassingen dat fossiel als grondstof vervangt. Uit syngas kan onder meer groengas, methanol en waterstof worden gemaakt. De productie van syngas is mede kosteneffectief door het bijproduct bio-char; een zuivere vorm van koolstof met toepassingen als grondverbeteraar, in waterzuivering en voor de reiniging van schoorsteengassen van fabrieken. Fase 1 van dit project richt zich voornamelijk op het maken van groengas voor verdere distributie via het bestaande aardgasnet van Gasunie. De productie van syngas draagt bij aan de verwezenlijking van de ambities gesteld in het Klimaatakkoord.

Strategisch belang

Martijn van Rheenen, medeoprichter van Perpetual Next: ‘De samenwerking met Gasunie en de locatie van Chemport Europe is voor ons van strategisch belang. Het is mooi om te zien dat deze regio op deze manier opnieuw gas gaat leveren, maar dan wel een toekomstbestendige variant. De beschikbaarheid van grondstoffen, de ruimte om productiefaciliteiten te realiseren met nieuwe schone technologieën en de aanwezige kennis en expertise maken dit de perfecte omgeving.’

Ulco Vermeulen, lid van de Raad van Bestuur van Gasunie: ‘De ambitie van het Klimaatakkoord is om 2 miljard m3 groen gas te produceren in 2030. Samen met andere partijen zetten we ons in groen gas betaalbaar en op grote schaal op de markt te krijgen. Dit project past in deze ambitie, we hebben veel vertrouwen om gezamenlijk een duurzaam, succesvol, technologisch vooruitstrevend project te realiseren.’

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Bacardi, het grootste privé sterkedrankconcern, heeft aangekondigd dat zijn iconische premium rummerk de uitstoot van broeikasgassen in haar distilleerderij vanaf 2023 zal halveren. De broeikasgasemissie van BACARDÍ rum zal met 50% dalen wanneer volgend jaar in de distilleerderij van het merk in Puerto Rico een systeem voor warmtekrachtkoppeling (WKK) in gebruik wordt genomen. Het nieuwe WKK-systeem zal zware stookolie vervangen door propaangas, een veel schonere en efficiëntere energieoplossing.

“Als merk en als bedrijf zijn we toegewijd om het juiste te doen voor de planeet,” zegt Ned Duggan, Senior Vice President, BACARDÍ rum. “Onze rum wordt gemaakt in Puerto Rico, een prachtig eiland in het Caribisch gebied waar we voortdurend investeren in innovaties die ervoor zorgen dat we zo duurzaam mogelijk te werk kunnen gaan. Dit jaar vieren we ons 160-jarig bestaan waarbij we stilstaan bij onze ongelooflijke geschiedenis, maar ook vooruit kijken naar een duurzamere toekomst.”

De vermindering met 50% van de broeikasgasemissies van BACARDÍ rum betekent een vermindering met 14% van de totale wereldwijde emissie voor het familiebedrijf Bacardi, die ook achter premiummerken als BOMBAY SAPPHIRE® gin, PATRÓN® tequila en GREY GOOSE® wodka staan – een belangrijke stap in de richting van de vermindering met 50% die het bedrijf tegen 2025 wereldwijd wil bereiken.

“We zetten ons in om onze broeikasgasemissies te verminderen door ons energieverbruik te doen dalen en over te stappen op de meest duurzame vorm van energie in de landen waar we actief zijn,” voegt Rodolfo Nervi, VP Global Safety, Quality & Sustainability voor Bacardi, toe. “Hoewel aardgas op dit moment de meest verantwoorde energiebron in Puerto Rico is, blijven we manieren onderzoeken waarop we ons gebruik van op koolstof gebaseerde brandstoffen nog verder kunnen verminderen en nog meer stappen kunnen zetten op weg naar onze uiteindelijke Net Zero-doelstelling.”

De rumdistilleerderij BACARDÍ verricht ook al op andere manieren pionierswerk op het gebied van nieuwe milieupraktijken:

  • De opwekking van biogas via het afvalwaterzuiveringssysteem, dat de distillatie helpt aandrijven en elektriciteit opwekt – meer dan 60% van de energie van de distilleerderij wordt op deze manier opgewekt;
  • Het opvangen van 95% van het condensaat dat tijdens de distillatie ontstaat om de benodigde energie te verminderen;
  • Er wordt gewerkt aan een plan om CO2 van het gistingsproces op te vangen zodat het aan de mousserende drankenindustrie kan worden geleverd;
  • Aanplanting en verzorging van zes bestuivingstuinen ter ondersteuning van de plaatselijke fauna in Puerto Rico. Bacardi heeft van de Wildlife Habitat Council het natuurbehoudcertificaat ontvangen als erkenning voor zijn inzet voor milieubehoud.

Als onderdeel van haar Corporate Responsibility-programma, Good Spirited, en in lijn met de Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties, heeft Bacardi een aantal doelen gesteld die het tegen 2025 wil bereiken. Die doelen, die een aanvulling zijn op het streefdoel van het bedrijf om in 2030 100% plasticvrij te zijn, omvatten:

  • 50% minder uitstoot van broeikasgassen;
  • 25% minder waterverbruik;
  • 100% van de belangrijkste grondstoffen en verpakkingen zijn afkomstig uit duurzame landbouw;
  • 100% van de productverpakking moet recyclebaar zijn;
  • 40% gerecycleerde inhoud van productverpakkingsmaterialen;
  • Geen afval naar stortplaatsen op alle productielocaties.

Meer informatie over de inspanningen van Bacardi op het gebied van duurzaamheid en haar visie om wereldwijd het meest milieuverantwoorde drankenbedrijf te worden, vind je hier.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

In 2020 was de uitstoot van broeikasgassen in Nederland 25,5 procent lager dan in 1990. De Urgenda-doelstelling (minimaal 25 procent minder uitstoot) is daarmee gehaald. De laatste vijf jaar is de uitstoot door kolencentrales met 80 procent verminderd. In het coronajaar 2020 was de uitstoot door wegverkeer 15 procent lager dan in 2019. Daarnaast was 2020 een relatief warm jaar, waardoor minder aardgas nodig was voor verwarming dan in 2019. Dat meldt het CBS samen met het RIVM op basis van definitieve cijfers uit de emissieregistratie.

Kwart minder uitstoot dan in 1990

In Nederland geldt sinds 2015 de Urgenda-doelstelling om in 2020 de uitstoot van broeikasgassen met minimaal 25 procent te verminderen ten opzichte van het niveau van 1990. Met 25,5 procent reductie is het Urgenda-doel in 2020 gehaald. Vanaf 2015 is de uitstoot door de elektriciteitssector met 39 procent gedaald, mede dankzij het sluiten van enkele kolencentrales. De uitstoot door kolencentrales is de laatste vijf jaar met 80 procent gedaald.

Aanzienlijk minder broeikasgasuitstoot in 2020

In 2020 bedroeg de uitstoot van broeikasgassen 164 megaton CO2-equivalent. Dat is 56 megaton CO2-equivalent minder dan in 1990. Van deze daling werd 16 megaton CO2-equivalent in 2020 gerealiseerd. In 2020 stootte de elektriciteitssector bijna 9 megaton CO2-equivalent minder uit dan een jaar eerder door minder steenkool te gebruiken.

In de mobiliteitssector (verkeer en vervoer) werd 4,5 megaton CO2-equivalent minder uitgestoten dan in 2019. Dit hangt samen met een 15 procent lagere uitstoot door het wegverkeer als gevolg van het corona-advies om zoveel mogelijk thuis te blijven, en indien mogelijk thuis te werken. Door in het relatief warme jaar 2020 minder aardgas te verstoken stootten woonhuizen en kantoren ongeveer 1,5 megaton CO2-equivalent minder uit.

Uitstoot door Nederlandse economie 21 procent hoger dan IPCC

Naast de IPCC-cijfers, waar de Urgenda-doelstelling op is gebaseerd, berekent het CBS de uitstoot ook volgens andere richtlijnen: de broeikasgasemissies door de Nederlandse economie (conform de milieurekeningen) en de broeikasgasvoetafdruk).
De broeikasgasuitstoot door alle Nederlandse economische activiteiten was in 2020 gelijk aan 199 megaton CO2-equivalent. Dit is 21 procent hoger dan de IPCC-uitstoot (164 megaton). Dit komt onder andere doordat in deze emissieberekening het verbranden van biomassa (19 megaton CO2-equivalent) en de uitstoot door de Nederlandse lucht- en zeevaart (respectievelijk 8 en 5 megaton CO2-equivalent) volledig worden meegeteld, in tegenstelling tot de IPCC-berekening.

Voetafdruk Nederlanders bijna 40 procent hoger dan IPCC-uitstoot

De uitstoot is nog hoger als er gerekend wordt volgens de broeikasgasvoetafdruk, gebaseerd op de consumptie van goederen en diensten door Nederlandse ingezetenen. Dit komt doordat in het buitenland veel uitstoot van broeikasgassen plaatsvindt bij de productie van goederen en diensten die bestemd zijn voor Nederlandse consumptie. Nederland stoot volgens deze berekening 14 procent meer broeikasgassen uit dan de uitstoot door de Nederlandse economie, en 38 procent meer dan de IPCC-uitstoot.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

 ‘Samen planten we bomen’ van Shell en Staatsbosbeheer is uitverkozen tot de meest brutale fossiele reclame. Deze bijzondere samenwerking is daarmee de winnaar van Vieze Verkiezing van Greenpeace. In totaal hebben meer dan 22.000 mensen hun stem uitgebracht, de reclame van Shell en Staatsbosbeheer kreeg bijna 30% van alle stemmen. Actievoerders van Greenpeace zijn bij winnaar Staatsbosbeheer langsgegaan om een boom te planten, om die vervolgens met olie* te overgieten. Vanmiddag gaan de actievoerders ook nog naar het hoofdkantoor van het PR-bureau achter de campagne, Edelman Agency, en het hoofdkantoor van Shell. 

Diederick van den Ende, campagneleider en actievoerder bij Greenpeace Nederland: Deze reclame is een perfect voorbeeld van een fossiel bedrijf dat door sponsoring zichzelf een groen imago wil aanmeten. Shell hoort bij de top 10 van de grootste vervuilers ter wereld, maar claimt door deze samenwerking het beste met de aarde voor te hebben door bomen te planten. Deze samenwerking is een marketingtruc, absoluut geen oplossing voor het probleem. Het terugplanten staat niet in verhouding met de schade van Shell op klimaat en natuur. Staatsbosbeheer, een semi-overheidsinstelling, laat zich daarvoor lenen. Voor veel stemmers was vooral fnuikend dat de grootvervuiler hiermee nog jarenlang goede sier kan maken.”

De Vieze Verkiezing is onderdeel van een fossielvrije revolutie, die Greenpeace met een brede beweging aanjaagt. Al 6 grote steden, waaronder Amsterdam en Den Haag, weren fossiele reclames uit hun straatbeeld. Ook internationaal wordt gewerkt aan een verbod op fossiele reclames door middel van een Europees Burgerinitiatief. Van den Ende: “Veel mensen zijn klaar met fossiele reclames. Van alle mogelijke nominaties, van een slurpende SUV tot spotgoedkope vluchten, hebben stemmers gekozen voor deze ‘groene’ sponsordeal als dé winnaar van de Vieze Verkiezing. Nederland laat hiermee zien dat alleen reclames weren van fossiele producten niet voldoende is. Alle uitingen van de fossiele industrie zijn schadelijk en moeten stoppen. ‘Groene sier’ maken, mag pas als je ook echt groen bent.”

De Vieze Verkiezing

De Vieze Verkiezing, de verkiezing voor de meest ‘brutale’ fossiele reclame van het jaar, werd dit jaar voor het eerst georganiseerd. Met De Vieze Verkiezing wil Greenpeace laten zien dat reclame van grote vervuilers echt niet meer van deze tijd is. Uit ruim 1500 inzendingen koos de jury, bestaande uit Reclame Fossielvrij en Greenpeace, de 5 meest brutale fossiele reclames. Naast de samenwerking tussen Shell en Staatsbosbeheer waren de andere genomineerden KLM (Urban Trail), Land Rover (Defender), Ryanair (Inenten en gaan) en Vattenfall (Fossielvrije generatie). KLM en Land Rover zijn we zelfs persoonlijk gaan feliciteren met hun nominatie.

Foto: Marten van Dijl / Greenpeace

[ad_2]

Source link

[ad_1]

De belangrijkste klimaatbeloften van 25 van ’s werelds grootste bedrijven komen in werkelijkheid slechts neer op een vermindering van de uitstoot met gemiddeld 40%, en niet 100% zoals wordt gesuggereerd door hun “netto nul”- en “koolstofneutrale” claims, zo blijkt uit een nieuwe analyse. Dit zijn de bevindingen van de Corporate Climate Responsibility Monitor die vandaag is gepubliceerd en is uitgevoerd door het NewClimate Institute in samenwerking met Carbon Market Watch. Het onderzoek evalueert 25 grote bedrijven – die in verschillende sectoren en regio’s actief zijn – om de transparantie en integriteit van hun belangrijkste klimaatbeloftes te bepalen.

De belangrijkste klimaatbeloften van bedrijven vereisen een gedetailleerde evaluatie en kunnen in de meeste gevallen niet zonder meer worden aangenomen, zo blijkt uit het rapport. Slechts de netto nul belofte van één bedrijf werd beoordeeld als zijnde “redelijk integer”; drie met “matig”, tien met “laag” en de resterende 12 werden beoordeeld als zijnde “zeer laag” integer.

“We wilden zoveel mogelijk navolgbare goede praktijken aan het licht brengen, maar we waren eerlijk gezegd verbaasd en teleurgesteld over de algehele integriteit van de beweringen van de bedrijven”, aldus Thomas Day van het NewClimate Institute, hoofdauteur van het onderzoek. “Naarmate de druk op bedrijven om actie te ondernemen tegen klimaatverandering toeneemt, ontbreekt het in hun ambitieuze beweringen maar al te vaak aan echte inhoud, waardoor zowel consumenten als de regelgevende instanties die hun strategische richting moeten bepalen, misleid kunnen worden. Zelfs bedrijven die het relatief goed doen, overdrijven hun acties.”

Voor de minderheid van de 25 beoordeelde bedrijven dienen hun beloften als een nuttige langetermijnvisie en worden ze onderbouwd met specifieke emissiereductiedoelstellingen op korte termijn. Hoewel geen van de beloftes over het algemeen een hoge mate van integriteit heeft, kwam Maersk als beste uit de bus, met een redelijke integriteit, gevolgd door Apple, Sony en Vodafone met een matige integriteit.

De meerderheid van de bedrijven met net-nul of koolstofneutraliteitsbeloften slaagt er echter niet in ambitieuze doelstellingen te formuleren. Veel beloftes van bedrijven worden ondermijnd door omstreden plannen om de uitstoot elders te verminderen, verborgen kritische informatie en boekhoudkundige trucs. Uit de analyse blijkt dat de belangrijkste beloftes van Amazon, Deutsche Telekom, Enel, GlaxoSmithKline, Google, Hitachi, IKEA, Vale, Volkswagen en Walmart weinig integer zijn en die van Accenture, BMW Group, Carrefour, CVS Health, Deutsche Post DHL, E.ON SE, JBS, Nestlé, Novartis, Saint-Gobain en Unilever zeer weinig integer.

De 13 bedrijven die hun “net zero” beloften hebben ondersteund met expliciete emissiereductieverbintenissen, verbinden zich er gemiddeld toe hun volledige waardeketenemissies vanaf 2019 met slechts 40% te verminderen. De andere 12 hebben geen specifieke emissiereductieverplichtingen voor hun net-nul streefjaar.

Slechts drie van de 25 bedrijven – Maersk, Vodafone en Deutsche Telekom – verbinden zich er duidelijk toe meer dan 90% van hun volledige waardeketenemissies koolstofvrij te maken. Ten minste vijf van de bedrijven zouden hun emissies effectief slechts met minder dan 15% verminderen, vaak door downstream- of upstream-emissies in hun waardeketen uit te sluiten.

Het uitsluiten van emissiebronnen of marktsegmenten is een veel voorkomend probleem dat de betekenis van de doelstellingen vermindert. Acht bedrijven sluiten upstream- of downstreamemissies in hun waardeketen uit, die gewoonlijk goed zijn voor meer dan 90% van de emissies die zij onder controle hebben. E.ON kan marktsegmenten uitsluiten die goed zijn voor meer dan 40% van zijn energieverkoop; Carrefour lijkt locaties uit te sluiten die goed zijn voor meer dan 80% van de winkels onder het Carrefour-merk.

Compenserende benaderingen ondermijnen ook de integriteit. 24 van de 25 bedrijven zullen waarschijnlijk een beroep doen op compensatiecredits, van wisselende kwaliteit. Ten minste tweederde van de bedrijven vertrouwt op verwijderingen uit bossen en andere biologische activiteiten, die gemakkelijk ongedaan kunnen worden gemaakt door bijvoorbeeld een bosbrand. Nestlé en Unilever distantiëren zich van de praktijk van compensatie op het niveau van de moedermaatschappij, maar staan hun individuele merken toe en moedigen hen aan compensatie na te streven om producten met een koolstofneutraal label te verkopen.

Sommige schijnbaar ambitieuze doelstellingen kunnen leiden tot zeer weinig actie op korte termijn. CVS Health kan zijn emissiereductiedoelstelling voor 2030 misschien halen met beperkte aanvullende maatregelen, aangezien de doelstelling wordt vergeleken met een basisjaar met buitengewoon hoge emissies. GlaxoSmithKline kan de uitvoering van belangrijke emissiereductiemaatregelen uitstellen tot 2028/2029, vooruitlopend op zijn doelstelling voor 2030.

“Misleidende advertenties van bedrijven hebben reële gevolgen voor consumenten en beleidsmakers. We worden voor de gek gehouden door te geloven dat deze bedrijven voldoende actie ondernemen, terwijl de realiteit verre van dat is”, aldus Gilles Dufrasne van Carbon Market Watch. “Zonder meer regelgeving zal dit zo doorgaan. We hebben regeringen en regelgevende instanties nodig om op te treden en een einde te maken aan deze trend van greenwashing.”

Er werden ook veelbelovende voorbeelden van klimaatleiderschap geïdentificeerd. Google ontwikkelt innovatieve instrumenten om in realtime hernieuwbare energie van hoge kwaliteit in te kopen; dit wordt door andere bedrijven opgepikt. Maersk en Deutsche Post doen grote investeringen in koolstofarme technologieën voor vervoer en logistiek. Er is nog heel wat potentieel voor bedrijven om deze nieuwe beste praktijken te kopiëren en op te schalen.

“Bedrijven moeten de realiteit van een veranderende planeet onder ogen zien. Wat een decennium geleden aanvaardbaar leek, is niet langer voldoende,” zei Dufrasne. “Met vage doelstellingen komen we nergens zonder echte actie, en het kan erger zijn dan niets doen als het publiek erdoor wordt misleid. Landen hebben laten zien dat we een nieuwe start nodig hebben bij het aannemen van de Overeenkomst van Parijs, en bedrijven moeten dit weerspiegelen in hun eigen acties.”

De Monitor Klimaatverantwoord Ondernemen wordt een jaarlijkse publicatie. Volgens dagblad Trouw geeft deze internationale studie een voorproefje van een Nederlandse studie. In opdracht van Milieudefensie gaat het NewClimate Institute dit jaar de klimaatbeloften van 29 grote vervuilers toetsen.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Sunbeam, toonaangevend leverancier van montagesystemen voor de zonnesector, heeft een bewuste keuze gemaakt voor aluminium dat is geproduceerd met een substantieel lagere CO2-uitstoot. Daarmee gaat Sunbeam een stap verder dan een keuze voor gerecycled aluminium. Met aluminium dat met hernieuwbare energie wordt geproduceerd, is nóg meer milieuwinst te boeken.

Aluminium is naast staal een van de belangrijkste materialen voor Sunbeams montagesysteem Nova. Om de milieu-impact van haar producten zo klein mogelijk te houden, heeft Sunbeam ook voor aluminium onderzocht wat de gevolgen van verschillende productiemethodes zijn voor de wereldwijde CO2-uitstoot. Ze kwam daarbij tot een verrassende conclusie.

“Elke aluminiumproducent maakt al zo veel mogelijk gebruik van gerecycled aluminium”, aldus Peter Deege, CEO bij Sunbeam. “Het is veel goedkoper dan volledig nieuw aluminium maken”. Volgens een rapport van European Aluminium bespaart recycling maar liefst 95 procent van de energie die nodig is voor de productie van primair aluminium. Dat is voor producenten een enorme prikkel om aluminium in te zamelen en te hergebruiken. Ook past het gebruik van gerecycled materiaal in de duurzaamheidsdoelstellingen van aluminiumproducenten. De enige reden om niet meer gerecyclede content aan “standaard” aluminium toe te voegen is dat het er gewoon niet is. Met andere woorden: “Als we aluminium met bijvoorbeeld 90% gerecyclede content afnemen kunnen wij wel de vlag uithangen voor een ‘duurzaam’ product, in werkelijkheid wordt er geen frisdrankblikje méér door gerecycled.”

Sunbeam heeft zichzelf het doel gesteld om de CO2-uitstoot jaarlijks met 6% te verminderen en kwam tot de conclusie dat de manier van productie van primair aluminium een grote impact heeft op de uitstoot. In China komt bij de productie gemiddeld 20 ton CO2-equivalent per ton aluminium vrij. Door bewuste keuzes in het productieproces kunnen producenten deze uitstoot aanzienlijk naar beneden brengen. Sunbeam kwam bij hun leverancier Hydro uit bij het materiaal “Hydro REDUXA”: primair aluminium dat is geproduceerd met een uitstoot van maximaal 4 ton CO2-equivalent per ton. Dat is maar liefst 4,5 keer lager dan het wereldgemiddelde.

Recycling is een goed ingeburgerd concept dat consumenten begrijpen en zoeken. “In ons ideaalbeeld wordt er wereldwijd evenveel aluminium gerecycled als dat er gebruikt wordt. Zo kan een gesloten cirkel ontstaan” verduidelijkt Deege. Dus recyclen? Ja! En ook aandacht besteden aan het schoner produceren van primair aluminium, zodat uiteindelijk de carbon footprint van aluminium over de gehele linie minder wordt.

Bij Sunbeam maken we duurzame keuzes die bijdragen aan minder CO2-uitstoot in de wereld. De keuze voor Hydro REDUXA met een significant lagere uitstoot is hiermee geheel in lijn.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Makro heeft een grote zonnecentrale in gebruik genomen. Een feestelijk moment dat werd gevierd op het dak van Makro Duiven. Op nog 4 andere daken wordt druk gebouwd. In totaal worden er 8.720 zonnepanelen geïnstalleerd met een vermogen van bijna 5.000 kilowattpiek, vergelijkbaar met het verbruik van ongeveer 1.500 huishoudens per jaar.

Mogelijkheden in kaart

Eén van de kernwaarden van Makro is duurzaamheid. Het terugdringen van haar uitstoot neemt Makro evenzeer serieus. Het vervangen van alle koel- vriesinstallaties naar CO2 koel-vriesinstallaties is daar een voorbeeld van. Ook het realiseren van de zonnedaken is weer een grote aanvullende stap in de verduurzaming. Onafhankelijk platform Zoncoalitie trof de voorbereidingen en zette een tender uit, waarbij Groendus als winnaar uit de bus kwam.

Remko Wilson, directie Zoncoalitie: “Wij zijn in 2018 al gestart met alle voorbereidingen voor dit project. Ik ben blij en trots dat we het project nu met Makro en Groendus hebben gerealiseerd. Vandaag starten we met het opwekken van groene energie, zodat Makro een groene toekomst tegemoet gaat.” Marc van Putte, commercieel directeur van Groendus vult aan: “Niet alleen deze vestiging heeft een geschikt dak voor zonnepanelen. We bouwen momenteel ook vier andere zonnecentrales voor Makro in Delft, Nuth, Vianen en Groningen.”

Met eigen opwek bijdragen aan klimaatdoelen

Benjamin Weiss, CFO Makro Nederland: “Ik ben ontzettend blij met de zonnecentrales die we op onze daken realiseren. Met 5 zonnecentrales wekken we straks maar liefst 10 procent van ons energieverbruik, van al onze 17 winkels in Nederland, zelf op.”

Naast de directie van Makro was Olaf Schulze, director Energy Management, van Duitse moederonderneming METRO AG aanwezig: Schulze: “De zonnecentrales van Makro Nederland produceren meer dan 4 miljoen kWh per jaar. Een grote bijdrage aan de klimaatdoelen van METRO AG. En het maakt Makro Nederland één van de duurzame koplopers binnen ons concern.”

Vooroplopen in de energietransitie

Makro is een mooi voorbeeld van een grote organisatie die haar verduurzamingsplannen, ondanks een dynamische periode als (horeca)groothandel, heeft doorgezet. Marc van Putte: “Makro laat met hun zonnecentrales zien aan hun klanten en medewerkers dat ze duurzaamheid hoog in het vaandel heeft staan. En dat ze bereid zijn hierin te investeren. Tegelijkertijd heeft de realisatie een goede businesscase en dat maakt het een prachtig project.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

In 2030 wil TU Delft volledig duurzaam opereren. Alle activiteiten op en vanaf de campus zijn dan CO2-neutraal, circulair, klimaatadaptief en dragen bij aan de kwaliteit van leven voor haar gebruikers en voor de natuur. Samen met alle medewerkers, studenten en partners van de universiteit maakt duurzaamheidscoördinator Andy van den Dobbelsteen zich sterk om deze ambitie te realiseren. Op een nieuwe website kan iedereen de vorderingen volgen.  

Uitgangspunt is dat de campus in 2030 circulair, gezond en biodivers is. Concrete acties zijn onder andere het vergroenen van de campus en het ontwikkelen van proeftuinen – living labs – die benut kunnen worden om duurzaamheidsonderzoek en –onderwijs in de praktijk te brengen. Van den Dobbelsteen: “De universiteit gaat meer groen en water op de campus implementeren. Niet alleen om de klimaatverandering tegen te gaan, maar ook om de gemeenschap bewust te maken. Daarnaast toont onderzoek aan dat een groene omgeving stress vermindert en de mentale gezondheid van werknemers en studenten verbetert.”

Gezamenlijke inspanning

Het bereiken van CO2-neutraliteit in 2030 vraagt een grote betrokkenheid en deelname van alle faculteiten en diensten, van inkoop tot gebouwbeheer tot communicatie. Denk bijvoorbeeld aan de overgang naar het vegetarische restaurant bij de Faculteit Bouwkunde. Ook zal TU Delft nauw samenwerken met partners buiten de eigen organisatie. Van den Dobbelsteen: “Een belangrijk aspect van onze verduurzaming is het sluiten van kringlopen en die houden nu eenmaal niet op de deur van een universiteitsgebouw of aan de rand van de campus. We zoeken dus nadrukkelijk de samenwerking met partners op, ook buiten de campus.”

Op de vernieuwde duurzaamheidswebsite kan iedereen alle klimaatactie van dichtbij volgen. “We laten hier actief zien welke pilots er lopen en wat de resultaten daarvan zijn.”

Climate Action

Het verduurzamen van de Delftse campus is een belangrijk onderdeel van het Climate Action Programma, dat ook voorziet in extra investeringen in Climate Action onderzoek en onderwijs. De TU trekt de komende tien jaar in totaal 22 miljoen euro uit om dit programma op zetten en vorm te geven.

Meer informatie

Volg hier de aanpak van duurzaamheid en klimaatactie door TU Delft op de campus.
Bekijk hier de visie van de TU Delft op Climate Action.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Dopper zet vanaf januari 2022 fietskoeriers in om online bestellingen te bezorgen. Het merk maakt het mogelijk om Dopper-flessen en -accessoires vanuit de webshop per fietskoerier te laten bezorgen om naast plasticvervuiling ook CO2-uitstoot terug te dringen. Voor de bezorging werkt Dopper samen met Fietskoeriers.nl, een platform van Cycloon Post & Fietskoeriers, dat in meer dan zestig steden in Nederland bezorgt.

Samenwerking

Virginia Yanquilevich: “Dankzij onze nieuwe partner Fietskoeriers.nl wordt de meest duurzame herbruikbare waterfles nu bezorgd op de meest duurzame manier. Hoewel bezorging per fiets in Nederland heel logisch klinkt, was het niet makkelijk om een partner te vinden die landelijke dekking kon bieden. Fietskoeriers.nl doet dat wel en samen verwachten we dit jaar al ruim een ton CO2 te besparen. Het is een keuze die perfect aansluit bij onze focus op duurzaamheid, die sinds dag 1 voorop staat bij alles wat we doen. Als bedrijf zijn we sinds kort volledig CO2-neutraal, maar we blijven ons inzetten om de uitstoot die we nog produceren steeds verder terug te brengen, zodat we nog minder hoeven te compenseren. Deze stap brengt ons daar weer een stukje dichterbij.”

Ook Carlijn Teeuwen van Fietskoeriers.nl is erg te spreken over de samenwerking: “Dopper is een Nederlands merk gedreven door de ambitie de wereld schoner te maken. Ik ben heel trots dat wij de handen ineen slaan en gezamenlijk nog meer impact gaan realiseren.”

CO2-besparing

Door pakketjes met de fiets te bezorgen, rekent Dopper af met een gemiddelde uitstoot van 0,2 kg CO2 per pakketje. Naar verwachting zullen ruim 5.000 webshopbestellingen per vrachtfiets worden bezorgd, waarmee Dopper en Fietskoeriers.nl een totale CO2-uitstoot van meer dan een ton (1.000 kg) realiseren. Dat is vergelijkbaar met de uitstoot van 5.800 km autorijden.

Werkwijze

Een fietskoerier haalt het pakket op bij het distributiecentrum van Dopper. De koerier brengt het naar de ‘hub’, een fietskoeriersvestiging, aan de rand van de stad. Daar wordt het gesorteerd en vervolgens bezorgt een fietskoerier het de volgende werkdag bij de klant. Moet het pakket naar een andere stad, dan gaat het van de fietskoeriersvestiging naar het sorteercentrum in Nieuwegein in wagens die rijden op bio-LPG. Eenmaal gesorteerd gaat het naar de hub in de stad van bezorging. Het laatste stuk is weer voor de fietskoerier, die de bestelling tussen 17.00 en 22.00 uur bij de klant bezorgt. De pakketbezorging wordt verzorgd door Fietskoeriers.nl. Binnen dit platform werken professionele fietskoeriersbedrijven met elkaar samen zodat er landelijke dekking geboden kan worden.

 

 

[ad_2]

Source link

Berichten paginering