[ad_1]

GroenLeven en Morrensolar hebben de krachten gebundeld voor de versnelde uitrol van zonnecarports in Nederland. Met deze samenwerking ontstaat er een sterkte combinatie: technische kennis en ervaring plus ontwikkelings- en uitvoeringskracht. Oprichter van Morrensolar Erik Morren blijft betrokken en is inmiddels in dienst van GroenLeven. GroenLeven is jarenlang pionier en marktleider in multifunctioneel ruimtegebruik en zonnecarports sluiten daar perfect op aan.

De uitrol van grootschalige zonnecarports in Nederland is essentieel. Nederland is een klein land, de ruimte is schaars, en beschikt over zo’n 16 miljoen parkeerplaatsen. Door deze te voorzien van zonnepanelen wordt er geen extra ruimte gebruikt voor de opwek van duurzame energie. Zonnecarports bieden daarnaast een oplossing voor de transitie naar elektrisch vervoer doordat ze direct laden mogelijk maken en daarmee ook nog eens het elektriciteitsnet kunnen ontlasten.

CEO Peter Paul Weeda van GroenLeven: “We zijn heel blij met de samenwerking met Erik. Met zonnecarports heeft GroenLeven al ervaring, denk bijvoorbeeld aan de carports bij ziekenhuis Nij Smellinghe of bij het TT Circuit in Assen, maar met deze samenwerking kunnen we de uitrol van zonnecarports verder versnellen. We zien dat er een grote behoefte is in de markt. Enerzijds door de oplopende energiekosten en de behoefte om energie-onafhankelijk te worden, en anderzijds doordat zonnepanelen op het dak soms een uitdaging zijn vanwege draagkracht of verzekering. Zonnecarports zijn daarom een essentieel onderdeel van de groene transitie in de gebouwde omgeving en de mobiliteit.”

Erik Morren: “De markt voor constructies met geïntegreerde zonnepanelen groeit sneller dan wij in de oude vorm hadden kunnen bijbenen. Met GroenLeven hebben we meer slagkracht om projecten te kunnen realiseren. Ook grootschalige projecten zijn hierdoor beter mogelijk. De gezamenlijke kennis opent ook deuren tot andere projecten. Binnenkort worden de eerste projecten onder de vlag van GroenLeven gerealiseerd en er zullen zeker vele volgen.”

De zonnecarports van GroenLeven kunnen naar wens worden opgeleverd, ook in combinatie met elektrisch laden. Ze zijn geschikt voor 25 tot duizenden parkeerplaatsen. GroenLeven gaat graag in gesprek met ondernemers over hun duurzaamheidsambities en de mogelijkheden voor de opwek van schone elektriciteit op de eigen locatie(s). Dit kan zowel op dak, parkeerplaats en grond.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Het lijkt erop dat steeds meer bedrijven de urgentie van klimaatneutraal werken inzien. Toch heeft slechts 34% van de 2.000 grootste bedrijven wereldwijd duurzaamheidsdoelstellingen concreet vastgelegd en publiekelijk gedeeld. Bovendien blijven de resultaten van deze plannen ver achter bij de uitgesproken ambities. Uit het Accenture-onderzoek ‘Accelerating global companies toward net zero by 2050’ blijkt dat 93% van deze bedrijven hun plannen in 2050 niet kunnen waarmaken. Hoogste tijd om duurzaamheid volwaardig te integreren in de bedrijfsvoering.

Door afspraken en regelgeving rondom de strategische klimaatdoelen van de Verenigde Naties (SDG’s) en klimaatakkoorden staat duurzaamheid hoog op de agenda in boardrooms. De huidige instabiele politieke en economische situatie met prijsschommelingen voor fossiele energie geeft nog een extra impuls bij het terugdringen van CO2-uitstoot. Inmiddels geeft 84% van de bedrijven aan meer te willen investeren in duurzaamheid. Dat is niet vreemd omdat uit eerder onderzoek van Accenture duidelijk blijkt dat organisaties die duurzaamheid in hun strategie integreren financieel beter presteren en meer positieve impact op stakeholders hebben.

Verder kijken dan uitstoot

De praktijk is echter weerbarstig. De resultaten van acties en plannen om klimaatneutraal te opereren, blijven ver achter bij de ambities. Slechts 7% van de 2000 ondervraagde bedrijven ligt momenteel op koers voor nul uitstoot in 2050. Zelfs in een scenario waarin bedrijven hun emissies in de jaren tot 2030 twee keer zo snel terugdringen als nu en daarna drie keer zo snel, zou 59% in 2050 nog steeds falen. Om echt te versnellen is het verstandig om naar de aanpak van de koplopers te kijken. In de praktijk kijken zij verder dan hun CO2-uitstoot. Klimaatneutraal opereren vraagt een breder perspectief. Deze groep gaat verder dan het stellen van doelen alleen, zij nemen duurzaamheid mee in elke aspect van hun processen en activiteiten.

Integraal onderdeel van de strategie

Nicole van Det, Country Managing Director Accenture Nederland, zegt hierover: “Bedrijven die wel op koers liggen, houden het niet bij beloften. Zij kiezen een intelligentere aanpak om écht stappen te zetten. Hun data over CO2, energie en uitstoot is even belangrijk als financiële of operationele informatie. Het is een integraal onderdeel van de dagelijkse besluitvorming. Zij stellen heldere doelen en sturen hun acties op basis van concrete data. Dit zorgt voor een doelgerichte, schaalbare aanpak. Door deze slimme, integrale aanpak te omarmen, moet het meer bedrijven, liefst alle, lukken in 2050 daadwerkelijk klimaatneutraal te zijn. Afwachten is geen optie.”

“Te midden van de wereldwijde economische, politieke en ecologische ontwrichting hebben meer bedrijven dan ooit tevoren publiekelijk toegezegd om rond 2050 grotendeels koolstofvrij te zijn. Deze verhoogde ambitie is bemoedigend, maar het is ook duidelijk dat een sterke versnelling van de emissiereductie nodig is” zegt Ingrid Kersten, Sustainability Lead Accenture Nederland. “Het gebruik van volwassen technologieën, zoals digitale en hernieuwbare energiebronnen, en het versnellen van de implementatie van baanbrekende oplossingen zoals waterstof, zal van cruciaal belang zijn. Het bereiken van net zero vereist diepgaande transformaties, omdat het gaat om het inbedden van duurzaamheid in alles wat organisaties doen.”

Over het onderzoek

Voor het onderzoek verzamelde Accenture data over de klimaatdoelstellingen van bedrijven in de G2000-lijst, die bestaat uit de 2000 grootste beursgenoteerde en privéondernemingen wereldwijd op basis van omzet. 675 bedrijven hadden Net Zero-doelstellingen aangekondigd (scope 1, 2 en 3 uitstoot). Vervolgens is de uitstoot van deze bedrijven van 2011 tot 2020 geanalyseerd. Hierbij zijn de bedrijven die niet minimaal 5 jaar rapporteerden uitgesloten. In totaal waren er 572 bedrijven die specifieke doelen hebben gedeeld en minimaal vijf jaar rapporteren in de vermelde periode. Tot slot is met de bestaande data een projectie voor de emissie in de komende 5 jaar gemaakt. Deze data is geaggregeerd tot regio en sectorniveau. Tot slot zijn alle gegevens met elkaar vergeleken.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Bedrijven zijn meer geld uit gaan geven aan milieu-investeringen. In 2021 bestond 14,2 procent van de totale investeringen van bedrijven uit milieu-investeringen. Negen jaar eerder was dat 3,7 procent. Dit blijkt uit de nieuwste cijfers van het CBS. In 2021 investeerden bedrijven voor 2,0 miljard euro in het milieu. Dat is 861 miljoen euro (30 procent) minder dan in 2020. In dat jaar piekten de milieu-investeringen; in totaal werd toen 2,9 miljard euro besteed aan het milieu. Deze piek hangt vooral samen met grote projecten zoals windmolenparken op zee die in de cijfers worden meegenomen zodra ze in gebruik worden genomen. Milieu-investeringen piekten eerder in 2015 en 2016. In beide jaren werd ongeveer 2 miljard euro geïnvesteerd in het milieu.

Het vijfjaarsgemiddelde van het milieuaandeel in de totale investeringen is sinds 1975 toegenomen van 3 procent naar ruim 12 procent in 2021. Vooral vanaf 2012 is het aandeel gegroeid.

Betere luchtkwaliteit en schonere energievoorziening

Van de totale milieu-investeringen door bedrijven in 2021 ging bijna 94 procent (1,9 miljard euro) naar voorzieningen die tot een betere luchtkwaliteit en een schonere energievoorziening moeten leiden. Het gaat hier om investeringen in bijvoorbeeld luchtfilters, katalysators, windmolens en zonneparken.

Voor een betere waterkwaliteit is 55 miljoen euro uitgegeven in 2021, bijvoorbeeld aan installaties voor het zuiveren van afvalwater. Ook werd 55 miljoen euro besteed aan de bestrijding van bodemverontreiniging, 9 miljoen euro aan het beperken van geluidhinder, 7 miljoen euro aan het verwerken van afval en 4 miljoen euro aan het voorkomen of beperken van aantasting van natuur en landschap.

Energiebedrijven grootste milieu-investeerders

In 2020, het meest recente jaar met cijfers over milieu-investeringen per bedrijfstak, deden de energiebedrijven veruit de meeste milieu-investeringen. Andere grote investeerders waren de chemie, de aardolie-, de voedingsmiddelen- en de metaalindustrie. Samen waren deze vijf bedrijfstakken goed voor 96 procent van de totale milieu-investeringen in dat jaar.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Het aantal bedrijven in Nederland met serieuze klimaatambities en dat uiterlijk in 2030 klimaatneutraal wil zijn, stijgt voor het derde jaar op rij. Daartegenover staat dat bedrijven die het meest vervuilend zijn, langer de tijd nodig hebben om hun ecologische voetafdruk te minimaliseren of zelfs geen ambities daartoe hebben – en juist deze bedrijven belangrijk zijn voor het behalen van de klimaatdoelstellingen. Dit is te lezen in de Nederlandse Innovatie Monitor 2022 van het Amsterdam Centre for Business Innovation van de UvA, die op woensdag 2 november wordt gepresenteerd. Opvallend in het onderzoek is ook dat het bedrijfsleven het Nederlandse ondernemingsklimaat beoordeelt met een ruime voldoende, terwijl tegelijkertijd bijna een kwart van de Nederlandse bedrijven (23%) overweegt om activiteiten te verplaatsen naar het buitenland.

‘De energie- en grondstoffencrisis, maar ook toenemende druk vanuit de maatschappij en overheid op verduurzaming draagt eraan bij dat bestaande bedrijven hun klimaatambities opschroeven. Ons onderzoek onderstreept dat een toenemend aantal bedrijven in Nederland op de goede weg is om de ecologische voetafdruk te beperken’, vertelt onderzoeksleider Henk Volberda.

Topprioriteit voor de welvaart

Bedrijven blijken vooral verduurzaming van het leefklimaat een topprioriteit te vinden voor de welvaart, al zijn ze zelf veelal gericht op economische ontwikkelingsdoelstellingen. In totaal zijn er negen hoofdconclusies in het onderzoek:

  1. Het aandeel klimaatambitieuze bedrijven stijgt voor het derde jaar op rij;
  2. Bedrijven met een relatief grote ecologische voetafdruk hebben vaker meer tijd nodig;
  3. Het bedrijfsleven draagt vooralsnog met name bij aan de economische ontwikkelingsdoelstellingen;
  4. Bedrijfsleven vindt echter dat verduurzaming van het leefklimaat meer prioriteit verdient;
  5. Het bedrijfsleven geeft het Nederlandse ondernemingsklimaat een ruime voldoende, al zijn wetgeving, belastingklimaat en sociale samenhang aandachtspunten;
  6. Bijna een kwart van de Nederlandse ondernemingen overweegt om activiteiten te verplaatsen naar het buitenland;
  7. Bijna de helft van de medewerkers (48%) beschikt reeds over de vaardigheden die naar verwachting in 2030 nodig zullen zijn;
  8. Bij het doorsnee bedrijf verdient de best betaalde persoon driemaal zo veel als een gemiddelde werknemer;
  9. Het innovatievermogen van Nederlandse bedrijven blijft onverminderd hoog.

Nederlandse Innovatie Prijs 2022

Op basis van de Nederlandse Innovatie Monitor 2022 wordt ook de winnaar bekend gemaakt van de Nederlandse Innovatie Prijs 2022. Deze bekendmaking vindt plaats tijdens het AVROTROS-televisieprogramma De Wereld van Morgen dat wordt uitgezonden op woensdagavond 2 november 2022 (20.30u: NPO1). De finalisten voor die prestigieuze prijs zijn: Basilisk Self-Healing Concrete, Logiqs, MIMETAS, PHYSEE en The eNose Company.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Om haar klimaatimpact te verminderen laat Lidl, in de Nationale Klimaatweek, weten dat zij als eerste landelijke voedselketen, stopt met het invliegen van groente en fruit. Door deze stap te zetten vermindert Lidl de CO2 uitstoot die vrijkomt bij het transport van producten.

Quirine de Weerd Senior Manager Corporate Social Responsibility and Relations Lidl Nederland: “Wij hebben ons gecommitteerd aan het halen van het Klimaatakkoord van Parijs. Dit besluit draagt bij aan onze duurzaamheidsdoelstellingen en past bij ons als duurzame, efficiënte en kostenbewuste organisatie.”

Bij Lidl komen, afhankelijk van het seizoen, bijna alle producten van de groente- en fruit afdeling van Nederlandse bodem. Een korte keten en een duurzame samenwerking met haar boeren en telers zorgen ervoor dat Lidl de beste kwaliteit voor de laagste prijs aan haar klanten kan aanbieden.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) geeft groen licht voor een proefproject van netbeheerder Liander in de wijk Berkeloord in Lochem. Bij dit proefproject wordt een deel van het bestaande gasnet gebruikt om waterstofgas aan te voeren naar ongeveer 10 woonhuizen. In deze woonhuizen wordt een combi-ketel op waterstof geïnstalleerd die zorgt voor warm tapwater en de CV. Dit is het eerste proefproject in Nederland waarbij waterstof via bestaande gasleidingen tot aan de (aangepaste) CV-combiketel in woonhuizen wordt getransporteerd.

Waterstof gaat naar verwachting in de toekomst een belangrijke rol spelen in een duurzame energievoorziening, mogelijk ook bij de verwarming van bepaalde typen woningen. Daarom vindt de ACM het belangrijk dat bedrijven én consumenten nu alvast ervaring op kunnen doen met het gebruik van waterstof. Manon Leijten, bestuurder van de ACM: “Waterstof kan een belangrijke rol spelen bij de energietransitie. Daarom is het belangrijk dat we hier nu vast ervaring mee opdoen. De ACM staat open voor meer proefprojecten met waterstof. Netbeheerders kunnen zich met hun plannen dus melden bij de ACM.”

Omdat er op dit moment nog geen wetgeving bestaat voor het gebruik van waterstof in de bebouwde omgeving heeft de ACM een Tijdelijk kader waterstofpilots opgesteld. Dit tijdelijke kader biedt netbeheerders en leveranciers vooruitlopend op nieuwe wetgeving alvast de mogelijkheid ervaring op te doen met waterstof. In het kader is beschreven hoe de belangen van consumenten worden geborgd. Huishoudens mogen zelf bepalen of zij deelnemen aan een proefproject en er moet voor consumenten geen verschil zijn tussen verwarmen met waterstof of met aardgas. Ook moet er altijd voldoende waterstof geleverd kunnen worden en moet het duidelijk zijn wat de kosten zijn voor de consument. De ACM heeft netbeheerder Liander op basis van dit tijdelijke kader een gedoogbeslissing gegeven voor het proefproject in Lochem. Bij het proefproject in Lochem betalen huishoudens straks net zoveel voor de geleverde waterstof als zij nu voor hun aardgas betalen. Ook is er geregeld dat de netbeheerder de situatie van vóór het proefproject kosteloos moet herstellen als de levering van waterstof niet langer gegarandeerd kan worden.

Om de veiligheid bij het proefproject in Lochem te waarborgen gaat het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) toezicht houden op de veiligheid van de distributie van waterstof naar woningen. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft de veiligheidseisen voor dit soort projecten vastgelegd in Richtlijnen voor veilig omgaan met waterstof (rvo.nl).

[ad_2]

Source link

Meer blogs lezen? Lees dan trends op het gebied van duurzame woningen 

[ad_1]

Het Hybride Warmtepomp Plan van HAASheat lijkt op het Fietsplan maar dan in een duurzaam jasje. Werkgevers kunnen hun werknemers de mogelijkheid bieden om via hun werk een hybride warmtepomp aan te schaffen waarbij zij 70% op gas en dus kosten kunnen gaan besparen met 50% voordeel op de aanschaf en installatie via de werknemersvoordelen. Naast de hybride warmtepomp kan de werkgever nu ook kiezen om zonnepanelen en isolatie aan te bieden met fiscale werknemersvoordelen. Naar verwachting begin volgend jaar gevolgd door de thuisbatterij.

Men kan betalen met brutoloon, vrije dagen, vakantiegeld, eindejaarbonus, etc.

Naast de reguliere secundaire arbeidsvoorwaarden zijn er steeds meer werkgevers die juist kijken naar hoe zij hun medewerkers kunnen helpen om te verduurzamen, om zo de gestegen vaste lasten (denk aan gas en elektra) te kunnen blijven betalen.

Ook voor werkgevers is het belangrijk dat hun medewerkers duurzaam en comfortabel kunnen wonen, met betaalbare woonlasten. Om te helpen bij het terugdringen van gas- en
stroomverbruik hebben werkgevers verschillende mogelijkheden die ze medewerkers kunnen aanbieden.

HAASheat ontzorgt en faciliteert: van informatie tot installatie!

Daardoor is er geen gedoe met o.a. subsidie aanvragen, leningen afsluiten en technische vraagstukken.

Het proces loopt als volgt: De informatie ➤ de calculatie ➤ de besparing ➤ de fiscale voordelen ➤ de looptijd ➤ de subsidie ➤ de lening van 0-3% ➤ de (video-) schouw ➤ de bestelling ➤ de installateur

Samenwerking met FiscFree®

Daarnaast hebben HAASheat en FiscFree® de handen ineengeslagen. HAASheat en SAASsolar behoren nu ook tot de keuzemogelijkheden van FiscFree®!
FiscFree® is de grootste aanbieder van extra secundaire arbeidsvoorwaarden met belastingvoordeel in Nederland.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Een snellere uitvoering van de bestaande plannen én formulering van aanvullend beleid zijn nodig om het Nederlandse klimaatdoel in 2030 te halen. Het kabinet heeft in het coalitieakkoord een flink pakket aan klimaatmaatregelen aangekondigd. Deze plannen leveren extra reductie op, maar de geraamde daling van de broeikasgasemissies in 2030 loopt nog niet in de pas met de aanscherping van de doelstelling van 49 naar 55 procent emissiereductie in 2030 ten opzichte van 1990. Daardoor is de afstand tot het doel in het afgelopen jaar groter geworden, terwijl de tijd om het doel te halen korter wordt. Dat blijkt uit de Klimaat- en Energieverkenning 2022 (KEV).

Op basis van concreet uitgewerkt (vastgesteld en voorgenomen) beleid is in 2030 de geraamde emissie 39 tot 50 procent lager dan in 1990. Vanwege onzekerheden zit hier een bandbreedte in. Daarmee moet nog een afstand van 5 tot 16 procentpunt (ofwel 12 tot 36 megaton) overbrugd worden tot het doel van 55 procent emissiereductie in 2030. Een deel van de nog niet uitgewerkte plannen (geagendeerd beleid) uit het Coalitieakkoord kan in 2030 voor 5 à 6 megaton extra emissiereductie zorgen. Hieronder vallen maatwerkafspraken met grote uitstoters, productie van groene waterstof in de industrie, normering van de hybride warmtepomp, prestatieafspraken met woningcorporaties en verduurzaming van maatschappelijk vastgoed.

Belangrijk deel klimaatplannen nog onvoldoende uitgewerkt

Daarnaast is een deel van de klimaatplannen nog onvoldoende uitgewerkt om een effect op emissies te kunnen berekenen. Hieronder vallen onder meer Betalen naar Gebruik voor personen- en bestelauto’s, aanpassingen aan de energiebelastingen, het samenhangend pakket verduurzaming glastuinbouw en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG; gericht op opgaven in het landelijk gebied, waaronder terugdringen van stikstofuitstoot). Dit deel van de klimaatplannen zou, uitgaande van eerdere reductie-inschattingen van het kabinet, hooguit 10 megaton extra emissiereductie kunnen opleveren. Ook hiermee wordt het klimaatdoel niet met voldoende zekerheid gehaald. Tot slot wordt over verschillende beleidsplannen in de Europese pakketten Fit for 55 en REPowerEU nog onderhandeld door de Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten. Deze plannen scheppen naar verwachting aanvullende opgaven voor de Nederlandse overheid en daaruit voortvloeiend beleid kan op termijn extra emissiereductie opleveren.

Lange doorlooptijden maken uitvoering urgent

Concretisering en uitvoering van klimaatplannen is urgent om doelen tijdig te kunnen halen. Grote infrastructurele projecten hebben een lange doorlooptijd, onder meer vanwege de noodzakelijke aanpassing van wet- of regelgeving en het doorlopen van vergunningenprocedures. Zo gaat de KEV er vanuit dat bijna de helft van de geplande 10,7 GW extra wind op zee pas na 2030 opgeleverd zal worden. Verschillende plannen voor de elektriciteitssector, zoals nog meer wind op zee, de bouw van nieuwe kerncentrales, subsidie voor CO2-vrije gascentrales en het langer openhouden van de kerncentrale in Borssele, zullen pas na 2030 hun vruchten afwerpen (soms al in de eerste jaren na 2030). Uitvoering van deze plannen draagt wél bij aan het uiteindelijke doel van klimaatneutraliteit in 2050.

Knelpunten voor uitvoering klimaatbeleid

Ook knelpunten op het gebied van arbeidsmarkt, vergunningverlening, grondstoffentoevoer en netcapaciteit manifesteren zich nadrukkelijk als obstakel voor de uitvoering van klimaatbeleid. De realisatie van duurzame energieprojecten staat onder druk doordat bovengenoemde beperkingen verweven zijn met andere beleidsdossiers. Zo zien netbeheerders de productie van 35 terawattuur zon en wind op land in 2030 als maximaal haalbaar op het huidige elektriciteitsnet, een beperking die overigens in de KEV-raming is meegenomen. Het is belangrijk dat het kabinet zich inspant via wet- en regelgeving om de randvoorwaarden te scheppen die noodzakelijke investeringen mogelijk maken.

Emissiereductie door hogere energieprijzen

De KEV wordt dit jaar uitgebracht in een context met grote onzekerheden. De geopolitieke spanningen door de oorlog in Oekraïne zorgen voor onrust en schaarste op de energiemarkten en het is onduidelijk hoe lang de ongekend hoge energieprijzen van het afgelopen jaar zullen aanhouden. Cijfers van het CBS en de Emissieregistratie tonen dat de Nederlandse broeikasgasemissie in de eerste helft van dit jaar onder invloed van de hoge energieprijzen en een zacht en zonnig voorjaar 9 megaton lager lag dan in 2021. Door de hoge gasprijzen gebruiken de chemische industrie en raffinage fors minder aardgas en hebben diverse bedrijven energie-intensieve installaties deels of volledig stilgelegd. De glastuinbouw schakelt over naar minder energie-intensieve teelten en in de gebouwde omgeving wordt minder gas verstookt.

De energieprijzen liggen na 2025 waarschijnlijk lager dan afgelopen zomer, maar zullen in 2030 naar verwachting nog beduidend hoger zijn dan in het verleden werd aangenomen. De ontwikkeling van de energieprijzen heeft invloed op de uitkomst van de ramingen. Ongeveer de helft van de 4 megaton hogere emissiereductie in deze KEV, vergeleken met de KEV 2021, is toe te schrijven aan de hogere energieprijzen. De hogere prijzen in 2030 zorgen naar verwachting voor minder energieverbruik in de glastuinbouw, de industrie en gebouwde omgeving. De in Fit for 55 aangekondigde aanscherping van het emissieplafond van het Europese handelssysteem ETS ligt nog niet vast, maar de markt anticipeert er al wel op. De bijbehorende hogere prijs van emissierechten is in deze KEV meegenomen.

Meer energiebesparing nodig

Ondanks een lager energieverbruik in 2030 zal Nederland de twee Europese doelen voor energiebesparing uit de Europese Energie Efficiëntie Richtlijn in de KEV-raming niet of ternauwernood halen. Tegelijkertijd wordt in het kader van Fit for 55 en REPowerEU in Europa onderhandeld over het verhogen van deze doelen voor energiebesparing.

Verduurzaming warmtevoorziening blijft achter

In 2030 zal volgens de KEV 85 procent van de elektriciteit hernieuwbaar zijn. Dat is 11 procentpunt meer dan de raming van vorig jaar, vooral dankzij extra windparken op zee. Het aandeel hernieuwbare warmte stijgt daarentegen naar verwachting slechts van 8 procent nu naar 14 procent in 2030. Dit groeitempo ligt beduidend lager dan wat de Europese Hernieuwbare Energie Richtlijn voorschrijft.

KEV als verantwoordingsinstrument

De Klimaatwet schrijft een jaarlijkse publicatie van de Klimaat- en Energieverkenning voor als één van de verantwoordingsinstrumenten van het Nederlandse klimaat- en energiebeleid. De KEV wordt gerealiseerd door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in nauwe samenwerking met TNO, CBS en RIVM, en met bijdragen van RVO en WUR.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Klimaatminister Rob Jetten heeft vandaag namens het kabinet de Klimaatnota aangeboden aan de Tweede Kamer. Op korte termijn daalt de uitstoot van broeikasgassen in Nederland hard, waardoor het naar uitziet dat het Urgendadoel dit jaar wordt gehaald. Tegelijkertijd heeft het kabinet nog huiswerk te doen om de ambities op de langere termijn te bereiken. Daarom zet het kabinet in op aanscherping en versnelling van het klimaatbeleid en voortvarende uitvoering van bestaande klimaatplannen.

Voortgang klimaatdoelen

Klimaatdoel 2030

Het kabinet heeft in het coalitieakkoord een flink pakket aan klimaatmaatregelen aangekondigd. Deze plannen leveren extra reductie op, maar de geraamde daling van de broeikasgasemissies in 2030 loopt nog niet in de pas met de aanscherping van de doelstelling van 49 naar 55 procent emissiereductie in 2030 ten opzichte van 1990. Op basis van het huidige beleid is de uitstoot van broeikasgassen in 2030 ten opzichte van 1990 met 41-52% verminderd. Daarbij past de kanttekening dat het kabinet verwacht dat de daadwerkelijke emissiereductie in 2030 hoger ligt. Dat komt omdat een deel van het in het coalitieakkoord aangekondigde klimaatbeleid en beleid dat voorkomt uit de Europese klimaatonderhandelingen nog niet ver genoeg is uitgewerkt en daardoor nog niet is meegenomen in de doorrekening van het Planbureau voor de Leefomgeving. Desondanks zet het kabinet in op aanscherping en versnelling van het klimaatbeleid, zodat de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met ten minste 55% is verminderd.

Urgendavonnis

De uitstoot van de Nederlandse economie is dit jaar hard gedaald. Ten opzichte van vorig jaar is de uitstoot met gemiddeld 10% procent gedaald in de eerste helft van dit jaar. Dit betekent dat het er naar uitziet dat de doelstelling die voortkomt uit het Urgendavonnis – 25% broeikasgasreductie ten opzichte van 1990 – dit jaar wordt behaald.

Minister Jetten: “Met iedere klimaatraming zien we dat de uitstoot van broeikasgassen verder terugloopt. We zijn dus op de juiste weg, maar de cijfers laten ook zien dat we de klimaatdoelen nog niet gaan halen. Er moet dus meer gebeuren en het moet bovendien sneller. Eén ding staat voor mij als klimaatminister als een paal boven water: we zullen doen wat nodig is om de klimaatdoelen in 2030 te halen en Nederland klaar te maken voor een duurzame toekomst. Dat is de enige manier om grote of zelfs onomkeerbare schade door klimaatverandering te voorkomen en toekomstige generaties een leefbare planeet te bieden. De besluiten die daarvoor nodig zijn bereiden we de komende tijd voor.”

Van ambitie naar actie

De klimaatplannen van het kabinet zijn onverminderd ambitieus. Dat is onder meer bevestigd door de Raad van State en het Planbureau voor de Leefomgeving. Om de ambities waar te maken komt het aan op voortvarende uitvoering van de klimaatplannen. Daarom wil het kabinet zijn klimaatactie langs vier lijnen versnellen. Allereerst door op volle kracht door te gaan met de uitwerking van reeds aangekondigd klimaatbeleid, zoals het Klimaatfonds en het Klimaatburgerberaad, en waar mogelijk te versnellen. Ook wordt belangrijke wet- en regelgeving voor de klimaat- en energietransitie, zoals bijvoorbeeld de Warmtewet en de Energiewet, de komende tijd aangepast. Daarnaast bereidt het kabinet door middel van een groot interdepartementaal beleidsonderzoek nieuwe maatregelen en aanscherpingen op het klimaatbeleid voor. In het voorjaar komen al deze sporen samen en besluit het kabinet over een stevig maatregelenpakket dat erop gericht is dat Nederland in 2030 60% minder broeikasgassen uitstoot in vergelijking met 1990. Het kabinet mikt bewust hoger dan 55%, zodat de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met minimaal 55% is verminderd. Tot slot zal het kabinet zich ook in internationaal verband, zoals op de Klimaattop in Egypte, inzetten voor concrete klimaatambitie, inclusief het binnen bereik houden van het 1,5°C-doel en meer en betere toegang tot klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden.

Wetenschappelijke Klimaatraad

Het kabinet heeft vandaag tevens bekend gemaakt dat het per koninklijk besluit een wetenschappelijke klimaatraad instelt die het klimaatbeleid gaat beoordelen en erover adviseert. Met dit besluit kan op korte termijn en door middel van een open sollicitatieprocedure worden gestart met het werven van de voorzitter.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

De eerste duurzaamheidsmijlpaal van T-Mobile is behaald: vanaf heden koopt de telecomprovider geen gebruiksartikelen van nieuw plastic meer in voor haar Supply Chain. De liggende voorraad waar nog nieuw plastic in is verwerkt wordt zo snel mogelijk opgemaakt. In januari 2022 begon de uitfasering van de inkoop van nieuw geproduceerd plastic met als doel volledig plasticvrij te zijn op het gebied van inkoop in 2025. Dit ging echter een stuk sneller dan van tevoren gedacht, waardoor dit doel dit jaar al gerealiseerd is, drie jaar eerder dan gepland. Een prestatie waar de provider trots op is.

Bij T-Mobile staat duurzaamheid hoog in het vaandel. Daarom is het ook niet meer dan logisch dat de telecomprovider zich ook dit jaar heeft aangesloten als Klimaatsupporter tijdens de Nationale Klimaatweek van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Gedurende deze week staat de telecomprovider nog eens extra stil bij haar duurzaamheidsdoelen en projecten. Zo heeft de provider in 2022 bijvoorbeeld de Eco-SIM ingevoerd en is zij een samenwerking aangegaan met het SBTi om de klimaatdoelen van de organisatie te onderzoeken. Eén van deze doelen was om in 2025 de inkoop van gebruiksartikelen van nieuw plastic binnen de Supply Chain te stoppen en dat is gelukt. Door onder andere nu al verpakkingen dicht te plakken met papieren tape in plaats van plastic, opvulbubbels in pakketten te vervangen door gerecycled papier en de plastic wraps van grote pallets te vervangen door een duurzaam alternatief van houtpulp is de telecomprovider voor 2025 al volledig vrij van nieuw plastic.

Verantwoordelijkheid

De uitfasering van plastic in de Supply Chain draagt bij aan de doelstellingen die T-Mobile vorig jaar april presenteerde tijdens de lancering van ‘Connect to Change’. In dit plan omschrijft de telecomprovider hoe zij een bijdrage levert aan een klimaatvriendelijke samenleving en de reductie van haar CO2 footprint. Het uitfaseren van nieuw geproduceerd plastic is hierin één van de vele stappen. Gero Niemeyer, Financieel Directeur van T-Mobile Nederland en ambassadeur van het T-Mobile Sustainability programma geeft aan: “We hebben weer een nieuwe stap gezet richting onze duurzaamheidsdoelen en wát voor een stap. Iedereen heeft ontzettend hard gewerkt om de best mogelijke alternatieven te vinden voor nieuw plastic. Ik ben heel trots op onze organisatie. Het is nu zaak om deze lijn door te trekken. Op naar het volgende groene project!”

[ad_2]

Source link

Berichten paginering