[ad_1]

Electriq Global, de organisatie die zich specialiseert in innovatieve waterstofopslag, introduceert vandaag ’s werelds eerste generator die volledig wordt aangedreven door waterstofpoeder. Waterstof in poedervorm is een nieuwe, duurzame en schaalbare energiebron die de wereldwijde energietransitie zal ondersteunen en de barrières voor het gebruik van waterstof als brandstof sterk doet afnemen. Waterstofpoeder biedt een circulaire oplossing die veilige langetermijnopslag mogelijk maakt en de distributie en het gebruik van waterstof sterk vereenvoudigt. Daarmee is het een direct inzetbare energiedrager die de potentie heeft fossiele brandstoffen te vervangen.

Waterstof: potentieel groeit, infrastructurele uitdagingen

Ongeveer 11,2% van alle energie die Nederland gebruikte in 2021 werd op een duurzame manier opgewekt (bron: CBS). Nationale regelgeving schrijft voor dat dit in 2030 ten minste 27% moet zijn. Duurzame energie, zoals uit zon of wind, wordt voor het grootste gedeelte onafhankelijk opgewekt van waar en wanneer het uiteindelijk gebruikt wordt. Om zulke groene energie te transporteren en op te slaan, wordt deze vaak omgezet in waterstof: een vluchtig en licht ontvlambaar gas. De Nederlandse industrie maakt op grote schaal gebruik van waterstof, bijvoorbeeld als brandstof voor processen waar warmte voor nodig is, zoals bij de productie van staal of papier. Waterstof wordt daarnaast ook steeds meer gebruikt als emissievrije brandstof voor auto’s of transportwagens.

Ondanks het enorme potentieel dat waterstof heeft in de transitie naar duurzaam energiegebruik, zijn er ook uitdagingen bij het gebruik ervan. Om waterstofgas op grote schaal te kunnen gebruiken gelden strenge veiligheidsmaatregelen en is een complexe infrastructuur vereist. Waterstofgas wordt meestal onder hoge druk vervoerd, waarbij gebruik wordt gemaakt van gasflessen, brandstoftanks en leidingsystemen. Voor sectoren als de bouw betekenen deze infrastructurele consequenties en het risico op ongevallen dat waterstof slechts in beperkte mate gebruikt kan worden. Terwijl juist deze sector wanhopig op zoek is naar alternatieven om haar impact om de omgeving te minimaliseren. De sector moet voldoen aan steeds strengere PAS-regelgeving in Nederland, en wordt steeds vaker gedwongen om dieselgeneratoren uit te faseren, zoals op bouwplaatsen in de omgeving van Amsterdam.

Het waterstofpoeder van Electriq Global vormt de oplossing voor deze uitdagingen. Het poeder kan in kartonnen dozen worden vervoerd en jarenlang worden opgeslagen zonder energieverlies. Na gebruik kan het poeder bovendien opnieuw worden ‘opgeladen’ waardoor het eindeloos kan worden hergebruikt. Om de waterstof uit het poeder te krijgen en om te zetten in stroom is geen externe energie, warmte of druk nodig.

8kW/80kWh generator en mobiele hijskraan

De eerste toepassing die gebruik maakt van de voordelen van het waterstofpoeder van Electriq Global is de Joshua – ’s werelds eerste generator die het gepatenteerde poeder om kan zetten in stroom. De generator werkt op een vergelijkbare manier als reguliere dieselgeneratoren, maar wordt aangedreven door water en capsules met het waterstofpoeder in plaats van diesel. De Joshua heeft een vermogen van 8kW/80kWh, wat betekent dat hij op 5 kilo waterstof tot 10 uur op volle capaciteit kan werken.

Afgelopen vrijdag werd gedemonstreerd hoe het Joshua aggregaat gebruikt wordt in de bouw. Toen werd een mobiele hijskraan onthuld die in samenwerking met RKB en ECS in Ridderkerk is ontwikkeld en door deze generator wordt aangedreven. De Joshua kan ook worden ingezet om boten, festivals of andere locaties die niet aangesloten zijn op het reguliere stroomnet van elektriciteit te voorzien.

Erwin Bruintjes, CEO bij ECS: “We zijn er trots op dat we samen met Electriq Global als eerste bedrijf ter wereld deze waterstof aangedreven mobiele hijskraan hebben gedemonstreerd. ECS zet zich in voor uitstootvrije bouwplaatsen en helpt de bouwsector te voldoen aan de steeds strengere regelgeving op het gebied van emissies en milieu-impact. Deze emissievrije kraan op waterstofpoeder toont het potentieel en markeert een enorme stap in deze richting.”

Toekomstige toepassingen

Baruch Halpert, executive Chairman en CEO bij Electriq Global: “De Joshua genset kan in elke omgeving worden gebruikt, waardoor dit een ideale, groen aangedreven vervanger is voor dieselgeneratoren die dagelijks worden gebruikt op bouwplaatsen en andere locaties die niet zijn aangesloten op het stroomnet. Met de introductie van deze eerste gebruiksklare toepassing, zetten we een enorme stap in de ondersteuning van de wereldwijde energietransitie en het creëren van schone energie uit waterstofpoeder.”

Waterstofpoeder: hoe werkt het?

Waterstofpoeder wordt met een chemisch proces gemaakt waarin de waterstofmoleculen worden gebonden aan elementen die breed beschikbaar zijn. Wanneer dit hoogenergetische poeder met water wordt gemengd, komen niet alleen de waterstofmoleculen uit het poeder vrij, maar wordt ook het toegevoegde water gesplitst. Uiteindelijk komt er hierdoor twee keer zoveel waterstof vrij als origineel in het poeder aanwezig was. De Joshua generator bevat ook een brandstofcel die het vrijgekomen waterstofgas uit het poeder- en watermengsel omzet in elektriciteit. Na het vrijkomen van de waterstof kan het residu opnieuw worden opgeladen en omgezet in het oorspronkelijke waterstofpoeder, waardoor dit een volledig recyclebare oplossing wordt.

Foto: Baruch Halpert, Executive Chairman & CEO van Electriq Global (links) en Erez Karasenti, Chief Mechanical Engineer van Electriq Global (rechts)

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Hoe groener de energie, hoe duurzamer elektrisch rijden wordt. Want groene stroom draagt aanzienlijk bij tot verlaging van de CO2-uitstoot. Met zijn ‘Green Charging’-initiatief garandeert Mercedes-Benz al dat elke bestuurder van een volledig batterij-elektrische auto de eerste 200.000 km op groene stroom rijdt. Nu gaat het merk nog een stap verder en investeert het via ZonnepanelenDelen in Nederlandse zonnedaken en -parken.

Mercedes-Benz is volop bezig met de omschakeling naar elektrisch rijden waarbij het merk ernaar streeft om tegen 2030 volledig elektrisch te gaan, daar waar de marktomstandigheden het toelaten. Het is een belangrijke stap in de realisatie van de zogeheten Ambition 2039-strategie waarmee Mercedes-Benz tegen het einde van het volgende decennium een volledig CO2-neutraal modellengamma wil aanbieden. Dit betekent dat CO2-neutraliteit de leidraad is in de gehele waardeketen – in het productieproces van de auto, in de gebruiksfase en tijdens de recycling. Juist tijdens de gebruiksfase kunnen extra stappen in duurzame mobiliteit worden gezet. ZonnepanelenDelen speelt daar voortaan een belangrijke, lokale rol in.

Mercedes-Benz Green Charging: gegarandeerd 200.000 km groen rijden

Met zijn Green Charging-initiatief zorgt Mercedes-Benz er in de Benelux nu al voor dat bestuurders van een elektrische Mercedes-Benz personenwagen in Nederland, België en Luxemburg de eerste 200.000 km groen rijden. Dit wordt gerealiseerd met de aankoop van Certificaten van Oorsprong waardoor groene stroom aan het net wordt toegevoegd – het equivalent van de door de Mercedes-Benz bestuurders geladen energie. De hoeveelheid energie die daarvoor nodig is, wordt lokaal opgewekt door middel van wind of zon.

Groene stroom is een belangrijke schakel op weg naar emissievrije mobiliteit. Daarom besluiten Mercedes-Benz Nederland en Mercedes-Benz Belgium Luxembourg het lokale Green Charging-initiatief uit te breiden met de productie van groene stroom door middel van een investering in zonnepanelen op het platform van ZonnepanelenDelen.

Investering in zonnedaken en -parken

De samenwerking houdt het volgende in: per MWh opgewekte groene energie via het Green Charging-initiatief investeert Mercedes-Benz in de Benelux via ZonnepanelenDelen in de ontwikkeling van zonnedaken en -parken. ZonnepanelenDelen gebruikt deze opbrengst om gebouw- en grondeigenaren aan financiering te helpen wanneer zij zonnepanelen willen installeren. Zo kan er nog meer zonne-energie worden toegevoegd aan het Nederlandse stroomnet.

Ervaren partner

Met ZonnepanelenDelen werkt Mercedes-Benz in de Benelux samen met een ervaren partij op het gebied van financiering van zonne-energie. ZonnepanelenDelen financierde sinds 2014 al succesvol 180 projecten, zoals stadion Euroborg van FC Groningen en tientallen zonnedaken en -parken bij boerderijen, sportverenigingen en MKB’ers.

Behalve grote bedrijven kunnen ook particulieren investeren in groene zonne-energie via ZonnepanelenDelen. In totaal zijn er al meer dan 10.000 ZonnepanelenDelers die op deze manier bijdragen aan de energietransitie.

 

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Incentro, internationaal digitaal IT-dienstverlener, heeft als eerste IT-bedrijf in Nederland een windmolen aangeschaft en opereert hierdoor volledig CO2-neutraal. Incentro heeft als doel om in 2025 volledig klimaatneutraal te ondernemen en de voetafdruk van alle activiteiten terug te brengen naar nul. Dankzij de aanschaf van de windmolen is dit doel al in 2022 bereikt. Samen met Climate Neutral Group is een inschatting gemaakt van de primaire CO2-uitstoot van de activiteiten van Incentro. Denk hierbij aan de kantoren, de servercapaciteit en de mobiliteit van medewerkers.

Ruimschootse CO2-compensatie dankzij windmolen

Climate Neutral Group berekende dat de totale energiebehoefte van alle bedrijfsactiviteiten van Incentro in 2021 1,3 GWh bedroeg. De windmolen, geplaatst in Hindeloopen, produceert jaarlijks ongeveer 2,2 GWh aan energie en compenseert daarmee ruimschoots het verbruik van Incentro. Daarmee is de gewenste doelstelling om in 2025 volledig CO2-neutraal te zijn, al in 2022 behaald.

Stef Lagomatis, CEO van Incentro: “Onze missie is om duurzame groei mogelijk te maken, in de breedste zin van het woord. Dit geldt voor ons als organisatie, maar ook voor onze medewerkers en onze klanten. Duurzame groei met behoud van de aarde. De windmolen is een mooie stap. We nemen hiermee verantwoordelijkheid voor groene stroom, maar de uitdaging is nu om ook bij verdere groei van het bedrijf en groei van onze klanten energieneutraal te blijven. In samenwerking met Climate Neutral Group maken we ieder jaar een inschatting van onze primaire CO2-uitstoot en zorgen we dat we op de juiste koers blijven. Binnen Incentro doen we dingen anders, maar voor ons is dat vaak heel vanzelfsprekend. Toen het idee werd geopperd om een windmolen te kopen, besloten we dus ook om dit ‘gewoon’ te doen. Bovendien zetten we met de windmolen een megastap naar onze doelstelling en compenseren we in één klap voor al onze kantoren en auto’s.”

Nu nog ter compensatie

Incentro schafte de windmolen ter compensatie aan. Op deze manier draagt de IT-organisatie bij aan het leveren van groene energie aan het net en wordt de gehele CO2-voetafdruk ruimschoots gecompenseerd. Daarnaast verplicht Incentro zichzelf zich ook in te zetten voor de verduurzaming van alle activiteiten. Door bijvoorbeeld in gesprek te gaan met verhuurders wil Incentro voortaan opereren vanuit klimaatneutrale kantoren, gaan ze samenwerken met ‘groene’ partners en rijdt iedereen straks honderd procent elektrisch.

Bas Ooteman, consultant bij Climate Neutral Group vertelt: “Climate Neutral Group helpt Incentro bij het verminderen van hun klimaatimpact. Onze klimaatexperts werken met innovatieve tools en maken de resultaten op weg naar ‘Zero CO2’ transparant. Wij assisteren organisaties in het doorvoeren van daadwerkelijke verandering en voorkomen daarmee greenwashing. De windmolen is een geweldige eerste stap naar volledig CO2-neutraal worden en wij kijken er naar uit om dit de komende jaren samen met Incentro uit te bouwen.”

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Nederland kan op korte termijn veel minder aardolie verbruiken. In één jaar kan het aardolieverbruik voor verkeer en vervoer met tien procent omlaag. In 2030 kan de besparing oplopen naar bijna dertig procent. “Terecht is er veel aandacht voor het besparen van aardgas, maar vergeet de mogelijkheden om minder olie te gebruiken niet,” zegt Olof van der Gaag, voorzitter van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE). “De impact op klimaatverandering en uitstoot van stikstof is groot en Rusland verdient doorgaans meer met olie dan met aardgas.” De NVDE stelde een actieplan op met 21 mogelijke maatregelen om op de korte en lange termijn aardolie te besparen in verkeer en vervoer. Door deze voorstellen kan de CO2-uitstoot door mobiliteit met 28 procent worden teruggedrongen, en de stikstofoxide-uitstoot door mobiliteit met 27 procent.

Het actieplan bevat tien maatregelen om het verbruik van aardolie in de mobiliteit op korte termijn terug te dringen. Deze maatregelen kunnen binnen een jaar 7 miljoen olievaten besparen: tien procent van de 70 miljoen olievaten die Nederland jaarlijks gebruik in verkeer en vervoer. Ook de stikstofoxide-uitstoot van mobiliteit zou hiermee ruim tien procent afnemen, wat bijdraagt aan het oplossen van de stikstofcrisis. Enkele maatregelen:

  • Het (fiscaal) stimuleren van thuiswerken;
  • Gebruik van OV en fiets stimuleren;
  • Verdubbel aantal carpoolers;
  • Verhogen subsidie voor aanschaf elektrische auto’s voor particulieren en zero-emissie trucks.

Het actieplan noemt elf maatregelen voor de middellange termijn. Met de maatregelen voor korte en middellange termijn samen kan tot 18 miljoen olievaten per jaar worden bespaard in 2030. Daarmee daalt de CO2– en stikstofuitstoot van de mobiliteitssector met zo’n 28 procent ten opzichte van de huidige verwachting. Enkele maatregelen:

  • Nieuwe zakelijke personenauto’s verplicht zonder CO2-uitstoot vanaf 2025
  • Versnellen transitie zero-emissie binnenvaart
  • Voortzetten stimulering elektrisch rijden na 2025 om doel van 100% elektrische nieuwverkoop in 2030 te halen

 

Besparingskansen Actieplan Aardoliebesparing:

Indicatief totaaleffect Energiebesparing Besparing olievaten CO2-reductie 2030 NOx-reductie 2030
Korte termijn 50 PJ (12%) 8 mln vaten (12%) 4 Mton (12%) 14 Kton (12%)
Lange termijn 76 PJ   13 mln vaten   6 Mton   16 Kton  
Korte + lange termijn* 105 PJ (28%) 17 mln vaten (28%) 8 Mton (28%) 23 Kton (27%)

*n.b. sommige maatregelen overlappen of hebben onderling effect op elkaar. Vandaar dat de korte en lange termijn maatregelen niet direct opgeteld kunnen worden. Dit is waarschijnlijk een lichte overschatting.

In een eerdere notitie heeft de NVDE ook de mogelijkheden op een rij gezet om het verbruik van aardgas terug te dringen. Beide inspanningen zijn nodig omdat Nederland zich in een overgangsfase bevindt van grijze energie naar ‘oranje-groene’ energie: zelf opgewekte duurzame energie. Juist in deze fase is onze afhankelijkheid van energie-import groot. Er zijn belangrijke redenen om juist nu deze afhankelijkheid af te bouwen, zoals het terugdringen van broeikasgasemissies, het verminderen van de import uit Rusland en het verlagen van de energiekosten.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

ISS Nederland heeft met het behalen van niveau 5 op de CO2-prestatieladder een grote stap gezet in het realiseren van de duurzaamheidsdoelen die het bedrijf zichzelf heeft gesteld. ISS is hiermee als eerste grote facilitaire dienstverlener koploper op het gebied van duurzaam facility management en workplace management in Nederland.

Deze duurzaamheidsdoelen zijn onderdeel van de ambitie van ISS Global om in 2040 net zero in de hele dienstverleningsketen te zijn (Scope 1, 2 en 3)*. Het behaalde niveau 5 richt zich op reductie van de CO2-uitstoot in de gehele keten, dus zowel van ISS zelf, maar ook van haar klanten en leveranciers.

De CO2-prestatieladder zorgt vooral voor een managementsysteem waarmee een organisatie haar CO2-uitstoot kan verminderen en ook de duurzaamheid binnen de hele organisatie kan borgen. Door inzichtelijk te maken waar een organisatie nu staat, kan de organisatie vervolgens plannen maken en daarna een beleid om die plannen te verwezenlijken. De externe auditor SKAO (Stichting Klimaatvriendelijk Aanbesteden en Ondernemen) toetst de resultaten en kent uiteindelijk het behaalde niveau toe.

Ambities voor 2025

ISS Nederland heeft haar ambities specifiek benoemd: de CO2-uitstoot in scope 1 & 2 met 50% verminderen onder andere door een transitie naar volledig elektrisch wagenpark, in scope 3, de categorie ‘aangekochte goederen’, de CO2-uitstoot te verlagen met 15% en de uitstoot van categorie ‘afval’ in 2025 te verminderen met 10%. Daarnaast wil het ISS Hoofdkantoor in De Meern in 2025 een Zero Waste locatie zijn. Het beleid van ISS inzake de CO2-reductie laat zich samenvatten als: duurzaam reizen, duurzaam eten en zero waste.

“Het behalen van niveau 5 vervult heel ISS met veel trots,” vertelt Esther ter Braak, Sustainability & Zero Waste Manager. “Samen met onze klanten en leveranciers zetten we nu al grote stappen in de vermindering van de CO2-uitstoot en we merken dat onze medewerkers enorm gemotiveerd zijn om hun steentje bij te dragen.” Douwe Driehuis, Head of Innovation & Workplace Management: “ISS heeft een aantal jaar hard gewerkt en de focus gericht op duurzaamheid. We zijn er enorm trots op dat wij als eerste grote facilitaire dienstverlener niveau 5 op de CO2-prestatieladder hebben behaald. Wij hopen dat meer klanten ons zullen volgen zodat wij als branche ook een substantiële bijdrage kunnen leveren aan een duurzamere samenleving.”

*Scope 1: directe CO2-uitstoot, veroorzaakt door eigen activiteiten van de organisatie, zoals eigen gebouwen, vervoer en aan productie gerelateerde activiteiten.

Scope 2: indirecte CO2-uitstoot, veroorzaakt door opwekking van (ingekochte) elektriciteit- of warmte.

Scope 3: indirecte uitstoot van CO2, veroorzaakt door bedrijfsactiviteiten van derde partijen voor het produceren van hun goederen en diensten

Op de foto van links naar rechts: Seth Halkes, directeur Operations Performance, Esther ter Braak, Sustainability & Zero Waste Manager, Douwe Driehuis, Head of Innovation & Workplace Management en Edu Peek, CEO ISS Nederland.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Bunzl Retail & Industry, waar ook Janssen Packaging onderdeel van is, is als organisatie per 19 juli 2022 klimaatneutraal gecertificeerd. Bunzl Retail & Industry is leverancier van alle essentiële niet-handelsgoederen en voldoet als organisatie succesvol aan de criteria onderdelen die zijn opgesteld door Climate Neutral Group. Deze klimaatneutrale certificering is, met goed gevolg, uitgevoerd door een onafhankelijke externe partij en maakt onderdeel uit van het duurzaamheidsbeleid van Bunzl Retail & Industry, waarbij de reductie van haar CO2-uitstoot van essentieel belang is.

De gehele keten naar Zero CO2

In het VN-Klimaatakkoord van Parijs staat dat Nederland in 2050 haar CO2-uitstoot met 100% dient te reduceren en wordt ook wel het Zero CO2 akkoord genoemd. “Als organisatie hebben wij al goede stappen gezet door 3.567 zonnepanelen op ons pand te plaatsen, waardoor wij genieten van enkel zelfopgewekte stroom. Dankzij de klimaatneutrale certificering tillen wij duurzaam ondernemen naar een nóg hoger niveau en dragen hiermee bij aan de Zero CO2 doelstelling. Zo doen we het voor onze
maatschappij elke dag een beetje beter en daar zijn we trots op,” vertelt Wilbert van Wachtendonk, Managing Director bij Bunzl Retail & Industry.

Aan de hand van de drie scopes monitort Bunzl Retail & Industry haar jaarlijkse uitstoot. Deze scopes betreffen het eigen verbruik binnen de organisatie, emissies die ontstaan door opwekking van elektriciteit en emissies waarop de organisatie geen directe invloed kan uitoefenen. Een belangrijke factor, die nog niet is opgenomen in de derde scope, zijn externe vervoerders. “De CO2-uitstoot van de vrachtwagens hoort indirect ook bij onze uitstoot. In de volgende stap van het Zero CO2 akkoord,
willen wij acties ondernemen om verbeterslagen te realiseren in de rest van de keten. Zo zijn wij in gesprek met onze externe vervoerders om tot een oplossing te komen hoe we onder andere de beladingsraad en ritplanning kunnen verbeteren en hoe op de langere termijn het wagenpark verduurzaamd kan worden,” licht Chris Dikken, QESH Manager bij Bunzl Retail & Industry, toe.

Samenwerking met Climate Neutral Group

Voor Bunzl Retail & Industry zijn de stappen om de klimaatneutrale certificeringen te mogen ontvangen niet nieuw. Climate Neutral Group en Bunzl Retail & Industry kennen elkaar al van eerdere samenwerkingen. “In het verleden heeft Climate Neutral Group ons ondersteund met de certificering van klimaatneutrale draagtassen en klimaatneutrale verzendverpakkingen. Om in ons duurzaamheidsbeleid de volgende stap te zetten, wilden wij graag als gehele organisatie klimaatneutraal zijn. Ook voor dit ambitieuze verzoek kon c ons ondersteunen om doelgericht te reduceren en te compenseren,” aldus Chris.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Global leaders will meet in Sharm el-Sheikh in November to keep the Paris agreement’s 1.5°C target alive, but climate ambition in G7 economies and beyond is putting the COP27 vision out of reach, according to new analysis by non-profit CDP and global management consultancy Oliver Wyman.

Based on current emissions reduction targets set by companies, no G7 country has a corporate sector likely to decarbonize fast enough to meet the 1.5°C goal.1

On aggregate across the G7, corporate emissions targets are calculated as aligned with 2.7°C of
global warming.

The report shows companies in Germany and Italy have the most ambitious targets to reduce emissions in the G7, where collective emissions are expected to match the pace of decarbonization required to limit global warming to 2.2°C.

The two leading countries are followed by France (2.3°C), the United Kingdom (2.6°C) and the United States (2.8°C).

Canadian companies fare worst in the G7, with targets aligned with 3.1°C of warming on average.

Temperature ratings in the study reflect corporate ambition, rather than national climate policies or Nationally Determined Contributions (NDCs). However, with COP27 approaching, the gap between what is promised by policymakers and the real economy is considerable.

The analysis is based on CDP temperature ratings, which translate companies’ emissions reduction targets into a global warming outcome using scientific pathways. The ratings, which include all emissions in company value chains (Scope 1-3), reflect the likely temperature rise if global emissions would fall at the same speed as the companies’ targets.

For each country’s temperature, ratings for individual companies were aggregated and weighted by total emissions.

The analysis shows a clear and consistent outperformance by European companies over North American and Asian peers across all industries.

The European power generation sector, for example, is ahead of all sectors globally on 1.9°C of warming. That compares to 2.1°C for North American companies and 3°C for Asian companies.

Target-setting in the industry in Europe is much more advanced, with around 80% of all emissions covered by a valid 2°C target or better.

On the whole, the European corporate sector improved from 2.7°C in 2020 to 2.4°C in 2022, explained in part by a rapid 85% rise in companies with science-based targets during 2021.

Science-based targets (SBTs), seen as the gold standard for targets as they are independently assessed against scientific pathways, are a key driver of lower temperature targets. Collectively, companies with science-based targets have reduced emissions 25% since 2015, compared to an increase of 3.4% in global emissions from energy and industry.

The high temperature ratings seen in countries like Canada and the United States are largely the result of companies completely lacking targets, rather than targets that lack ambition. In Canada, under half (43%) of all reported Scope 1 and 2 emissions are covered by a target, compared to France and Germany, for example, where over 90% of reported Scope 1 and 2
corporate emissions are from companies with disclosed targets.

The Paris climate agreement targets a 1.5°C limit to global warming – a goal that the United Nations Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) says must be met to avoid even more catastrophic impacts of climate change. The difference between 1.5°C and 2°C, for example, includes a 10x increased likelihood of ice-free arctic summers, a 2.6x increase in the number of people exposed to extreme heat events, and twice the impact on marine fisheries and crop yields, according to the IPCC.

Laurent Babikian, Global Director Capital Markets, CDP, said: “The most important driver of rapid emissions reductions in line with the Paris agreement is ambitious target setting. It is not acceptable for any country, let alone the world’s most advanced economies, to have industries displaying so little collective ambition. Armed with this information, governments, regulators, investors and the public must demand more from high-impact companies without climate targets. Momentum is growing, but as we approach COP27, we must get our 1.5°C goal off of life support. High-impact companies, and their investors and lenders, must immediately set and honour targets with credible transition plans to allow us to meet this goal.”

James Davis, Partner, Financial Services at Oliver Wyman, said: “The analysis highlights big differences in ambition and willingness across companies to take a lead with their targets, and the urgent need to spread best practices further and faster if we are to have a chance of reducing emissions to achieve 1.5°C – a goal whose importance has only been underscored by recent extreme weather. Supportive government policy is crucial, as well as resolving the structural challenges in some sectors and regions. As the financial system commits to net zero  and seeks to steer capital towards those pioneering the low carbon economy, there will be growing scrutiny on corporate emissions, targets and transition plans, underpinned by the move towards mandatory disclosures in many key jurisdictions.”

Download the report (pdf)

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Een circulaire economie kan aanzienlijk bijdragen aan een wereldwijde daling van de uitstoot van broeikasgassen. Doordat de broeikasgasemissie van de producten die in Nederland geconsumeerd worden voor meer dan helft in het buitenland ontstaat, zal de klimaatimpact van veel Nederlands circulair beleid waarschijnlijk ook daar het grootste zijn. Circulair beleid draagt door zijn ketenafhankelijkheid bij aan broeikasgasemissiereductie, niet alleen in Nederland maar ook buiten de Nederlandse grenzen. Dit concluderen onderzoekers van het PBL in hun studie “Hoe kan circulaire economie-beleid bijdragen aan de klimaatdoelstelling?”, die vandaag publiek wordt.

Het kabinet is van plan een ambitieus nationaal klimaatdoel te formuleren voor het circulariteitsbeleid. De PBL-studie laat zien dat circulair beleid en klimaatbeleid elkaar daadwerkelijk kunnen aanvullen. Omdat is afgesproken dat ieder land zijn eigen uitstoot moet beperken richt ons klimaatbeleid zich primair op de vermindering van uitstoot van broeikasgassen binnen de Nederlandse grenzen. ‘Beleid voor een circulaire economie richt zich op grondstoffen- en materiaalgebruik in de volledige vaak wereldwijde keten en over de gehele levensduur. Door dat ketenperspectief kan circulair beleid klimaatbeleid versterken,’ stelt Corjan Brink (PBL). ‘Als bedrijven moeten zorgen voor minder emissies in de gehele keten, dan richt dat hun aandacht op andere handelingsperspectieven. Die oplossingen worden niet zichtbaar als het doel is om alleen de emissie uit de eigen schoorsteen te beperken,’ vult Anne Gerdien Prins (PBL) aan. Emissiereductie in het buitenland telt niet mee voor het Nederlandse reductiedoel, maar draagt bij aan de nationale klimaatdoelen van de landen waar de emissiereductie plaatsvindt.

Ketens nog onvoldoende in beeld

Uit de PBL-studie blijkt dat meer kennis van de individuele ketens nodig is om te kunnen bepalen in welke mate beleid gericht op een circulaire economie daadwerkelijk bijdraagt aan klimaatdoelen. Onderzoek naar specifieke productieketens is nodig om te weten wat reëel is. Het is daarbij belangrijk om eerst te focussen op producten en materialen met de hoogste totale emissies in de productieketen, zoals kunststoffen, dierlijke voedselproducten en bouwmaterialen.

Klimaatbeleid bevordert circulariteit

Klimaatbeleid, zoals het Europese emissiehandelssysteem ETS, ondersteunt de circulaire economie door een efficiënter gebruik van materialen te stimuleren. Ook de voorgestelde Europese koolstofheffing aan de buitengrens maakt gebruik van materialen als staal en cement duurder, waardoor hergebruik en recycling aantrekkelijker worden. Heffingen kunnen ook specifiek voor circulaire doelen worden ingezet.

Circulariteit ondersteunt leveringszekerheid grondstoffen

Voor de energietransitie zijn veel grondstoffen nodig, waarvan sommige maar in enkele landen ter wereld worden gewonnen. Het is urgent om nu na te denken over de beschikbaarheid van kritieke materialen op de langere termijn. Levensduurverlenging, recycling en hergebruik beperken de afhankelijkheid van nieuw gewonnen grondstoffen en materialen. Zo kunnen circulariteitsstrategieën helpen om mogelijke leveringsrisico’s te beperken.

Circulaire economie draagt bij aan biodiversiteit en milieubescherming

Nederland heeft als doel om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben, door in te zetten op efficiënter materiaalgebruik, hergebruik en recycling. Dat beperkt niet alleen de broeikasgasemissies van de productie van basismaterialen, zoals  kunststof en cement, maar draagt ook in belangrijke mate bij aan milieubescherming en biodiversiteit en leveringszekerheid.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Het Eindhovense hightechbedrijf taylor ontwikkelde een nieuwe technologie waarmee zonnepanelen tot 20% meer energie leveren en die de kans op hotspots elimineert. Panelen met deze technologie zijn sinds begin 2022 commercieel verkrijgbaar en zullen vanaf 5 september bij taylors distributiepartners in de vrije verkoop gaan.

Optimalisatie per cellstring

Het huidige aanbod van high-performance panelen voorziet voornamelijk in fysieke add-on elektronica die tijdens de installatie per paneel worden aangebracht. ‘Dat leidt inherent tot rendementsverlies ten opzichte van onze oplossing, waarbij de elektronica slimmer in het paneel is geïntegreerd,’ zegt Michiel Roelofs, een van de oprichters van taylor.

Roelofs: ‘Ons systeem optimaliseert de opbrengst per cellstring (3 maal per paneel), wat niet alleen een rendementswinst tot 20% kan betekenen maar ook het gebruik van bypass diodes overbodig maakt en de kans op hotspots elimineert. Om de kans op brand verder te reduceren, schakelen onze panelen bij oververhitting automatisch uit.’

Meer inzicht

Naast het rendement en de veiligheid biedt de optimalisatie per cellstring nog een voordeel: inzicht per cellstring. Dat betekent voor de eindgebruiker niet alleen een leuke extra feature in de app maar op termijn ook efficiënter onderhoud, legt Roelofs uit. ‘Door op dit niveau data te verzamelen kunnen we onze algoritmes voortdurend verfijnen. Daarmee kunnen we onderhoud gerichter voorspellen, plannen en verder automatiseren.’

20.000 stuks

taylor is een spin-off van de TU Eindhoven en gespecialiseerd in elektronica en software voor zonnepanelen en systemen. Roelofs: ‘We komen echt uit het hart van de Brainport, de innovatieregio van Eindhoven. Maar met vijf jaar zijn we een relatief jong bedrijf dat ongetwijfeld zijn sporen nog zal moeten verdienen. Daarom werken we al enkele jaren nauw samen met gerenommeerde productie partners.’ Daarmee doelt hij onder andere op DMEGC Solar, aan wie taylor de elektronica levert en die het vervolgens in haar panelen integreert. Dat verloopt voorspoedig, volgens Roelofs. ‘Begin 2022 zijn de eerste commerciële systemen geïnstalleerd en inmiddels hebben we met DMEGC Solar aan een selecte groep klanten 22.000 producten geleverd. We zijn klaar voor de volgende stap.’ Die stap volgt dus 5 september, wanneer de panelen met taylor-technologie in de webshops van Navetto, VDH Solar en Libra Energy verkrijgbaar zijn.

[ad_2]

Source link

[ad_1]

Vandaag lanceren Gideon – building transition tribes en Dutch Green Building Council (DGBC) gezamenlijk een nieuw Manifest: Bouwen binnen de grenzen van onze planeet. Doel van dit Manifest is om het milieuprestatiestelsel structureel te verbeteren en te komen tot een carbonbudget, een CO2-budget op basis waarvan de bouwsector haar klimaatimpact kan terugdringen. Het Manifest is bij de lancering op 5 september door 40 partijen ondertekend: van architecten en adviseurs tot bouwers en projectontwikkelaars. We nodigen alle partijen in de bouw uit om dit mede te ondertekenen!

Het resultaat van het eerdere Manifest Een eerlijk speelveld voor een duurzaam Nederland is een verdiepend onderzoek over het meerekenen van CO2-opslag in bouwmaterialen. “Er is beweging. Maar we moeten sneller als we wereldwijde klimaatverandering willen beperken tot anderhalve graad. Hoe en wanneer gaat de overheid sturen op de milieuimpact die we nu veroorzaken? En hoe brengen we ons milieuprestatiestelsel dan op het gewenste level?” zegt Laetitia Nossek, Projectmanager Circulariteit, DGBC, “Wij roepen met dit nieuwe manifest de overheid op op om die stap ook te zetten.”

Manifest: Bouwen binnen de grenzen van onze planeet

In het nieuwe Manifest roepen we op tot drie zaken:

  1. Het introduceren van een ‘MPG-2’, die zich richt op de milieu-impact in de productie- en bouwfase.
  2. Het verbeteren van het Milieuprestatiestelsel, waarbij we de zestien aandachtspunten uit de Gideon-publicatie van mei dit jaar nogmaals onder de aandacht brengen.
  3. Het bepalen van een carbonbudget voor de bouwsector, om een grens te stellen aan de totale CO2-uitstoot van de sector en zo effectiever te sturen op verduurzaming.

De gehele tekst van het Manifest Bouwen binnen de grenzen van onze planeet is hier te vinden. Ook kan je daar het Manifest namens jouw organisatie medeondertekenen.

Teken ook mee

40 partijen die het Manifest ondertekenden bij de lancering:

  • AM
  • Alba Concepts BV
  • Ballast Nedam Development
  • Being
  • Blueroom
  • Bnext.nl
  • Bouwgroep
  • Dijkstra Draisma
  • Breman Installatiegroep
  • Building Revolution BV
  • Cirkelstad
  • Copper8
  • de Architekten Cie.
  • DGMR BOUW BV
  • Dutch Green Building Council (DGBC)
  • EDGE
  • Finch Buildings
  • GROUP A
  • Holland Houtland
  • Inbo
  • Kernwaarde Groen
  • Lister Buildings B.V.
  • NL Greenlabel
  • ORGA architect
  • Pakhuis de Zwijger
  • Paul de Ruiter Architects b.v.
  • Plegt-Vos
  • Rc Panels
  • Renor
  • Respace
  • Signify
  • Stichting W/E adviseurs
  • Superuse Studios
  • SustainerTempas Bouwmanagement bv
  • ToornendPartners
  • Triodos Bank
  • Urban Climate Architects
  • Venhoeven
  • CS architecture+urbanism
  • VORM Holding

Op persoonlijke titel ondertekenden ook

  • Andy van den Dobbelsteen Prof.Dr.Ir. – Professor Climate design & Sustainability – TU Delft
  • Lisanne Havinga MSc.PhD. – Assistent Professor Building Performance – TU Eindhoven

Wil je dit manifest ook ondertekenen? Dat kan via deze link

[ad_2]

Source link

Berichten paginering